Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2019:849

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
15-03-2019
Datum publicatie
20-03-2019
Zaaknummer
201805481/2/V6
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (hierna: de AIVD) heeft na toepassing van artikel 8:45, eerste en tweede lid, van de Awb een gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201805481/2/V6.

Datum beslissing: 15 maart 2019

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) in het hoger beroep van:

de burgemeester van Zoetermeer,

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 16 mei 2018 in zaak nr. 16/9702 in het geding tussen:

[wederpartij]

en

de burgemeester.

Procesverloop

De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (hierna: de AIVD) heeft na toepassing van artikel 8:45, eerste en tweede lid, van de Awb een gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

Het betreft de onderliggende stukken van een individueel ambtsbericht van de AIVD van 8 december 2015, kenmerk 86d3ba34-or1-2.0.

Overwegingen

1.    Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden.

2.    Naar het oordeel van de Afdeling weegt het belang van de nationale veiligheid zwaarder dan het belang dat [wederpartij] kennis neemt van de onderliggende stukken van het individueel ambtsbericht. Indien de stukken worden vrijgegeven kunnen zowel lopende als toekomstige onderzoeken van de AIVD belemmerd worden en kan daarmee de nationale veiligheid in gevaar worden gebracht.

3.    De Afdeling acht daarom beperkte kennisneming gerechtvaardigd.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bepaalt dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van het door de AIVD overgelegde gedingstuk.

Aldus vastgesteld door mr. A.W.M. Bijloos, lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer, in tegenwoordigheid van mr. T. van Goeverden-Clarenbeek, griffier.

w.g. Bijloos    w.g. Van Goeverden-Clarenbeek

lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer    griffier

Uitgesproken in het openbaar op 15 maart 2019