Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2019:266

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
30-01-2019
Datum publicatie
30-01-2019
Zaaknummer
201707561/2/R1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij tussenuitspraak van 25 juli 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2502, heeft de Afdeling de raad opgedragen om het in de tussenuitspraak omschreven gebrek in het besluit van 15 juni 2017 te herstellen. Deze tussenuitspraak is aangehecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOM 2020/138
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201707561/2/R1.

Datum uitspraak: 30 januari 2019

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

Aldi Ommen B.V. en Aldi Vastgoed B.V., gevestigd te Ommen, onderscheidenlijk Culemborg (hierna gezamenlijk en in enkelvoud: Aldi)

appellanten,

en

de raad van de gemeente Ermelo,

verweerder.

Procesverloop

Bij tussenuitspraak van 25 juli 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2502, heeft de Afdeling de raad opgedragen om het in de tussenuitspraak omschreven gebrek in het besluit van 15 juni 2017 te herstellen. Deze tussenuitspraak is aangehecht.

Bij besluit van 4 oktober 2018 heeft de raad het bestemmingsplan "Burgemeester Langmanstraat e.o." gewijzigd vastgesteld.

Aldi en Raadhuisstaete Groep B.V. zijn in de gelegenheid gesteld een zienswijze naar voren te brengen over de wijze waarop het gebrek is hersteld.

De Afdeling heeft bepaald dat een nadere zitting achterwege blijft. Vervolgens heeft de Afdeling het onderzoek gesloten.

Overwegingen

    Het besluit van 15 juni 2017

1.    De Afdeling heeft in de tussenuitspraak overwogen dat het bestemmingsplan meer mogelijk maakt dan de raad heeft beoogd, nu in de planregels het soort evenement dat is toegestaan is vastgelegd, maar de planregels geen bepaling kennen wat betreft het aantal bezoekers en aantal kermisdagen, onderscheidenlijk kermissen per jaar, terwijl de raad heeft beoogd de bestaande situatie, waarin eenmaal per jaar een kermis van beperkte omvang wordt georganiseerd, planologisch mogelijk te maken.

    Gelet hierop is het beroep van Aldi tegen het besluit van 15 juni 2017 gegrond. Het besluit dient wegens strijd met artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) te worden vernietigd, voor zover het ziet op artikel 3, lid 3.1, onder i, en artikel 5, lid 5.1, onder b, van de planregels.

Het besluit van 4 oktober 2018

2.    Ter voldoening aan de in de tussenuitspraak gegeven opdracht van de Afdeling heeft de raad op 4 oktober 2018 het plan gewijzigd vastgesteld. De raad heeft de bestreden planregels uit het bestemmingsplan geschrapt.

Het beroep van rechtswege van Aldi tegen het besluit van 4 oktober 2018

3.    De Afdeling stelt vast dat het besluit van 4 oktober 2018 een besluit tot vervanging van het oorspronkelijke bestreden besluit is en dat dit ingevolge artikel 6:19, eerste lid, van de Awb onderdeel van dit geding is. Het beroep van Aldi is van rechtswege gericht tegen dit besluit.

    Aldi heeft schriftelijk aangegeven dat zij geen inhoudelijke reactie wenst in te brengen. De Afdeling leidt hieruit af dat Aldi geen bezwaren heeft tegen het besluit van 4 oktober 2018.

    Het van rechtswege ontstane beroep is ongegrond.

Het beroep van rechtswege van Raadhuisstaete Groep B.V. tegen het besluit van 4 oktober 2018

4.    De Afdeling stelt vast dat ingevolge artikel 6:19, eerste lid, van de Awb tegen het besluit van 4 oktober 2018 een beroep van rechtswege is ontstaan van Raadhuisstaete Groep B.V., die in de hoedanigheid van derdebelanghebbende als partij deelnam aan het geding tussen onder meer Aldi en de raad over het oorspronkelijke besluit.

    De Afdeling stelt verder vast dat Raadhuisstaete Groep B.V. geen zienswijze heeft ingediend tegen het besluit van 4 oktober 2018. De Afdeling leidt uit het niet indienen van een zienswijze tegen dit besluit af dat daartegen geen bezwaren bestaan. Het voor Raadhuisstaete Groep B.V. van rechtswege ontstane beroep tegen het besluit van 4 oktober 2018 is derhalve ongegrond.

Proceskosten

5.    De raad dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.    verklaart het beroep van Aldi Ommen B.V. en Aldi Vastgoed B.V. tegen het besluit van 15 juni 2017, waarbij de raad van de gemeente Ermelo het bestemmingsplan "Burgemeester Langmanstraat e.o." heeft vastgesteld, gegrond;

II.    vernietigt het besluit van 15 juni 2017, waarbij de raad van de gemeente Ermelo het bestemmingsplan "Burgemeester Langmanstraat e.o." heeft vastgesteld, voor zover het ziet op artikel 3, lid 3.1, onder i, en artikel 5, lid 5.1, onder b, van de planregels;

III.    verklaart de beroepen van Raadhuisstaete Groep B.V. en Aldi Ommen B.V. en Aldi Vastgoed B.V. tegen het besluit van 4 oktober 2018, waarbij de raad van de gemeente Ermelo het bestemmingsplan "Burgemeester Langmanstraat e.o." gewijzigd heeft vastgesteld, ongegrond;

IV.    veroordeelt de raad van de gemeente Ermelo tot vergoeding van bij Aldi Ommen B.V. en Aldi Vastgoed B.V. in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.024,00 (zegge: duizendvierentwintig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met dien verstande dat bij betaling van genoemd bedrag aan een van hen het bestuursorgaan aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan;

V.    gelast dat de raad van de gemeente Ermelo aan Aldi Ommen B.V. en Aldi Vastgoed B.V. het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 333,00 (zegge: driehonderddrieëndertig euro) vergoedt, met dien verstande dat bij betaling van genoemd bedrag aan een van hen het bestuursorgaan aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan.

Aldus vastgesteld door mr. J. Kramer, voorzitter, en mr. D.J.C. van den Broek en mr. B.J. Schueler, leden, in tegenwoordigheid van mr. S. Zwemstra, griffier.

w.g. Kramer    w.g. Zwemstra

voorzitter    griffier

Uitgesproken in het openbaar op 30 januari 2019

91-849.