Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2018:818

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
14-03-2018
Datum publicatie
21-03-2018
Zaaknummer
201708182/2/R6
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 26 september 2017 heeft het college het uitwerkingsplan "Uitwerking Skoatterwâld (Middenzone - oost, deel 1)" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201708182/2/R6.

Datum uitspraak: 14 maart 2018

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoeker], wonend te Heerenveen,

verzoeker,

en

het college van burgemeester en wethouders van Heerenveen,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 26 september 2017 heeft het college het uitwerkingsplan "Uitwerking Skoatterwâld (Middenzone - oost, deel 1)" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft [verzoeker] beroep ingesteld.

Bij deze brief heeft [verzoeker] de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 2 maart 2018, waar de raad, vertegenwoordigd door G. Haanstra en C. Neelis, beiden werkzaam bij de gemeente Heerenveen, zijn verschenen.

Overwegingen

1.    Op 25 augustus 2008 is het bestemmingsplan "2e en 3e fase Skoatterwâld" vastgesteld. Dit plan is op 24 maart 2009 in werking getreden. Dit plan bevat in artikel 4 van de planregels een uitwerkingsplicht. Dit uitwerkingsplan is vastgesteld ter voldoening aan die uitwerkingsplicht en voorziet in het realiseren van 55 woningen met een maximale bouwhoogte van 12 m.

2.    Bij uitspraak van heden, ECLI:NL:RVS:2018:800, heeft de Afdeling op het beroep beslist. Derhalve is er geen sprake meer van een geding. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.

3.    Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. G. van der Wiel, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. A. Heinen, griffier.

w.g. Van der Wiel    w.g. Heinen

voorzieningenrechter    griffier

Uitgesproken in het openbaar op 14 maart 2018

632.