Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2018:552

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
16-02-2018
Datum publicatie
28-02-2018
Zaaknummer
201801327/1/A2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Mondelinge uitspraak
Inhoudsindicatie

Het beroep is gericht tegen het besluit van het centraal stembureau van 9 februari 2018, waarbij de blanco lijst met als eerste kandidaat [appellante] ongeldig is verklaard omdat niet voldoende geldige verklaringen van ondersteuning zijn ingeleverd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201801327/1/A2.

Datum uitspraak: 16 februari 2018

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[appellante], wonend te Amsterdam,

appellante,

en

het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Amsterdam,

verweerder.

Openbare zitting gehouden op 16 februari 2018 om 10:00 uur.

Tegenwoordig:

Staatsraad mr. C.H.M. van Altena    voorzitter

Staatsraad mr. D.A.C. Slump    lid

Staatsraad mr. A.W.M. Bijloos    lid

griffier:     mr. M. Rijsdijk, mr. J. Wieland

Verschenen:

[appellante], bijgestaan door mr. R. Bleijendaal, advocaat te Haarlem, en vergezeld van [personen];

het centraal stembureau, vertegenwoordigd door mr. J.E. Geuzinge;

de Kiesraad, vertegenwoordigd door mr. W.A.E. Brüheim. Het beroep is gericht tegen het besluit van het centraal stembureau van 9 februari 2018, waarbij de blanco lijst met als eerste kandidaat [appellante] ongeldig is verklaard omdat niet voldoende geldige verklaringen van ondersteuning zijn ingeleverd. Beslissing

De Afdeling verklaart het beroep ongegrond.

Gronden:

-    Tussen partijen is niet in geschil dat niet voldoende geldige ondersteuningsverklaringen zijn ingeleverd. Op grond van artikel I 5, aanhef en onder c, van de Kieswet is de lijst dan ongeldig.

-    Het belang van een uniforme toepassing van de Kieswet prevaleert, zodat, behoudens situaties van overmacht, daaraan strikt de hand moet worden gehouden.

-    Het enkele feit dat op een aantal momenten enige ondertekenaars van ondersteuningsverklaringen, in het bijzonder op 9 februari 2018, te maken kregen met een relatief lange wachttijd bij het Stadsloket Centrum voor het waarmerken van hun verklaring, kan niet als een dergelijke situatie worden aangemerkt.

[appellante] heeft eerst een periode van veertien dagen gehad voorafgaande aan de dag van kandidaatstelling, en na constatering van het verzuim nog drie dagen tijdens de hersteltermijn, om voldoende ondersteuningsverklaringen te verkrijgen en in te leveren. Zij heeft er zelf voor gekozen om van de mogelijkheid tot verzuimherstel op de laatste dag van de hersteltermijn nog gebruik te maken. Dat zij daardoor niet optimaal gebruik heeft gemaakt van de inleverperiode ligt in de risicosfeer van [appellante].

w.g. Van Altena    w.g. Rijsdijk

Voorzitter    griffier    

705.