Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2018:3115

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
26-09-2018
Datum publicatie
26-09-2018
Zaaknummer
201702293/5/R2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij tussenuitspraak van 27 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3584 (hierna: de tussenuitspraak) heeft de Afdeling de raad opgedragen binnen  16 weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van de raad van 20 december 2016, waarbij het bestemmingsplan "Wijk en Aalburg" is vastgesteld, te herstellen. Deze uitspraak is aangehecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201702293/5/R2.

Datum uitspraak: 26 september 2018

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

1.    Bomatech B.V., gevestigd te Wijk en Aalburg, gemeente Aalburg, en anderen,

2.    [appellant sub 2], wonend te Wijk en Aalburg, gemeente Aalburg,

en

de raad van de gemeente Aalburg,

verweerder.

Procesverloop

Bij tussenuitspraak van 27 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3584 (hierna: de tussenuitspraak) heeft de Afdeling de raad opgedragen binnen  16 weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van de raad van 20 december 2016, waarbij het bestemmingsplan "Wijk en Aalburg" is vastgesteld, te herstellen. Deze uitspraak is aangehecht.

Op besluit van 27 maart 2018 heeft de raad het besluit van 20 december 2016 gewijzigd.

Bomatech B.V. en anderen hebben, daartoe in de gelegenheid gesteld, hun zienswijze over de wijze waarop het gebrek is hersteld naar voren gebracht.

De Afdeling heeft bepaald dat een nadere zitting achterwege blijft. Vervolgens heeft de Afdeling het onderzoek gesloten.

Overwegingen

1.    Met betrekking tot het beroep van Bomatech B.V. en anderen heeft de Afdeling in de tussenuitspraak onder 10.1. overwogen dat de raad heeft erkend dat de metaalbedrijven op de percelen Nijverheidsstraat 11 en 39 en Ambachtsstraat 15 te Wijk en Aalburg in het bestemmingsplan ten onrechte niet als zodanig zijn bestemd en dat het besluit van 20 december 2016 daarom in zoverre is genomen in strijd met artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb).

    Met betrekking tot het beroep van [appellant sub 2] heeft de Afdeling in 11.5 van de tussenspraak overwogen dat  de raad zijn standpunt dat op het perceel Polstraat 19a te Wijk en Aalburg slechts sprake is van gebruik van de gronden voor ondergeschikte detailhandelsdoeleinden en in het plan dus kon worden volstaan met de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - kleinschalige ambachtelijke bedrijvigheid" onvoldoende heeft gemotiveerd, zodat het besluit van 20 december 2016 in zoverre strijdt met artikel 3:46 van de Awb. Voorts is met betrekking tot het beroep van [appellant sub 2] in 12.2 overwogen dat het besluit van 20 december 2016 is genomen in strijd met artikel 3:2 van de Awb, omdat de raad ter zitting heeft erkend dat een deel van de bestaande bebouwing aan de achterzijde van Polstraat 19a in het plan ten onrechte niet als zodanig is bestemd.

2.    Naar aanleiding van de tussenuitspraak heeft de raad bij het besluit van 27 maart 2018 het bestemmingsplan gewijzigd vastgesteld, door metaalbedrijven in bijlage 1 "Staat van bedrijfsactiviteiten" van de planregels van het plan op te nemen, door reguliere detailhandel toe te staan in het pand op het perceel Polstraat 19a en ten slotte de bebouwing achter het perceel Polstraat 19a, voor zover deze valt onder het overgangsrecht van het voorheen vigerende planologische regime, in het plan als zodanig te bestemmen.

3.    Artikel 6:19, eerste lid, van de Awb luidt:

"Het bezwaar of beroep heeft van rechtswege mede betrekking op een besluit tot intrekking, wijziging of vervanging van het bestreden besluit, tenzij partijen daarbij onvoldoende belang hebben."

3.1.    Het besluit van 27 maart 2018, waarbij de raad het besluit van   20 december 2016 heeft gewijzigd, is ingevolge artikel 6:19, eerste lid, van de Awb mede onderwerp van het geding.

Bomatech B.V. en anderen

4.    Gelet op hetgeen in de tussenuitspraak is overwogen is het beroep van Bomatech B.V. en anderen tegen het besluit van 20 december 2016 gegrond, voor zover daarin de metaalbedrijven op de percelen Nijverheidstraat 11 en 39 en Ambachtsstraat 15 niet als zodanig zijn bestemd. Dat besluit dient dan ook in zoverre te worden vernietigd wegens strijd met artikel 3:2 van de Awb.

4.1.    Bomatech B.V. en anderen hebben in hun zienswijze aangegeven dat zij instemmen met het gewijzigde bestemmingsplan van 27 maart 2018. Tegen het besluit van 27 maart 2018 is dan ook geen beroep van rechtswege van Bomatech B.V. en anderen ontstaan.

[appellant sub 2]

5.    Gelet op hetgeen in de tussenuitspraak is overwogen is het beroep van [appellant sub 2] tegen het besluit van 20 december 2016 gegrond voor zover dat is gericht tegen de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf "kleinschalige ambachtelijke bedrijvigheid" met betrekking tot het perceel Polstraat 19a en voor zover in het plan de bestaande bebouwing achter het perceel Polstraat 19a niet als zodanig is bestemd. Dat besluit dient dan ook in zoverre te worden vernietigd  wegens - respectievelijk - strijd met artikel 3:46 en artikel 3:2 van de Awb.

5.1.    [appellant sub 2] heeft naar aanleiding van het besluit van 27 maart 2018 geen zienswijze ingediend. De Afdeling leidt hieruit af dat [appellant sub 2] geen bezwaren heeft tegen het besluit van 27 maart 2018. Het van rechtswege ontstane beroep van [appellant sub 2] tegen dat besluit is dan ook ongegrond.

Proceskosten

6.    De raad dient op na te melden wijze te worden veroordeeld in de proceskosten.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.    verklaart de beroepen van Bomatech B.V. en anderen en [appellant sub 2] tegen het besluit van de raad van de gemeente Aalburg van 20 december 2016 gegrond;

II.    vernietigt het besluit van de raad van de gemeente Aalburg van 20 december 2016, voor zover:

- de metaalbedrijven op de percelen Nijverheidstraat 11 en 39 en Ambachtsstraat 15 niet als zodanig zijn bestemd;

- het betreft de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - kleinschalige ambachtelijke bedrijvigheid" met betrekking tot het perceel Polstraat 19a en

- de bestaande bebouwing achter het perceel Polstraat 19a niet als zodanig is bestemd;

III.    verklaart het beroep van [appellant sub 2] tegen het besluit van 27 maart 2018 ongegrond;

IV.    veroordeelt de raad van de gemeente Aalburg tot vergoeding van de bij Bomatech B.V. en anderen in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1252,50 (zegge: twaalfhonderdtweeënvijftig euro en vijftig cent) geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met dien verstande dat bij betaling van genoemd bedrag aan een van hen het bestuursorgaan aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan;

V.    veroordeelt de raad van de gemeente Aalburg tot vergoeding van de bij [appellant sub 2] in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1002,00 (zegge: duizendtwee euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand; VI.    gelast dat de raad van de gemeente Aalburg aan Bomatech B.V. en anderen het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 333,00 (zegge: driehonderddertig euro) vergoedt, met dien verstande dat bij betaling van genoemd bedrag aan een van hen het bestuursorgaan aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan; gelast dat de raad van de gemeente Aalburg aan [appellant sub 2] het door hem voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 168,00 (zegge: honderdachtenzestig euro) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. J.C. Kranenburg, voorzitter, en mr. J. Kramer en mr. R.J.J.M. Pans, leden, in tegenwoordigheid van mr. N.T. Zijlstra, griffier.

w.g. Kranenburg    w.g. Zijlstra

voorzitter    griffier

Uitgesproken in het openbaar op 26 september 2018

240.