Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2017:368

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
10-02-2017
Datum publicatie
22-02-2017
Zaaknummer
201701122/2/A2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Wraking
Inhoudsindicatie

Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 7 februari 2017, heeft de Vrouwen Partij verzocht om wraking van mr. D.A.C. Slump, mr. A.W.M. Bijloos en mr. C.J. Borman (hierna: de staatsraden) als leden van de meervoudige kamer belast met de behandeling van de zaak nr. 201701122/1/A2. Bij brief van 8 februari 2017 heeft de Vrouwen Partij de gronden van haar verzoek aangevuld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Module Verkiezingen 2017/332

Uitspraak

201701122/2/A2.

Datum beslissing: 10 februari 2017

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge beslissing met overeenkomstige toepassing van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op een verzoek van:

de vereniging Vrouwen Partij, gevestigd te Den Haag,

verzoekster,

om toepassing van artikel 8:15 van de Awb.

Procesverloop

Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 7 februari 2017, heeft de Vrouwen Partij verzocht om wraking van mr. D.A.C. Slump, mr. A.W.M. Bijloos en mr. C.J. Borman (hierna: de staatsraden) als leden van de meervoudige kamer belast met de behandeling van de zaak nr. 201701122/1/A2. Bij brief van 8 februari 2017 heeft de Vrouwen Partij de gronden van haar verzoek aangevuld.

De staatsraden hebben niet in de wraking berust.

De Afdeling heeft het wrakingsverzoek op 10 februari 2017 ter openbare zitting behandeld, waar de Vrouwen Partij is gehoord. De staatsraden hebben geen gebruik gemaakt van de gelegenheid te worden gehoord.

Beslissing

Bij mondelinge beslissing van 10 februari 2017 heeft de Afdeling het verzoek om toepassing van artikel 8:15 van de Awb afgewezen. Daartoe heeft zij het volgende overwogen.

Overweging

1. Artikel 8:15 van de Awb bepaalt dat op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

2. Staatsraden worden geacht uit hoofde van hun functie onpartijdig te zijn.

3. De Vrouwen Partij heeft geen feiten of omstandigheden aangevoerd die het oordeel rechtvaardigen dat de rechterlijke onpartijdigheid in deze zou kunnen worden geschaad.

4. Het verbod in artikel 120 van de Grondwet om wetten aan de Grondwet te toetsen, is geen feit of omstandigheid waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen leiden als hiervoor genoemd. De vrees van de Vrouwen Partij dat de gewraakte staatsraden zich zullen houden aan de wet vormt geen feit of omstandigheid om vooringenomenheid aan te nemen.

5. De tegen staatsraad Slump aangevoerde wrakingsgronden vormen evenmin dergelijke feiten of omstandigheden.

Volgens vaste jurisprudentie vormt het feit dat een rechter in een soortgelijke zaak uitspraak heeft gedaan geen wrakingsgrond. De omstandigheid dat een rechter een bepaalde religieuze overtuiging of achtergrond heeft, vormt evenmin een wrakingsgrond.

Aldus uitgesproken in het openbaar door mr. H. Troostwijk, voorzitter, en mr. A.B.M. Hent en mr. C.M. Wissels, leden, in tegenwoordigheid van mr. M. Vletter, griffier.

w.g. Troostwijk w.g. Vletter

voorzitter griffier

653.