Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2017:3377

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
06-12-2017
Datum publicatie
13-12-2017
Zaaknummer
201702394/2/A2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Wraking
Inhoudsindicatie

Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 20 november 2017, heeft [verzoekster] verzocht om wraking van de staatsraad bij de behandeling van de zaak nr. 201702394/1.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201702394/2/A2.

Datum beslissing: 6 december 2017

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Beslissing op het verzoek van:

[verzoekster], wonend te [woonplaats],

verzoekster,

om wraking (artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) van mr. G.T.J.M. Jurgens (hierna: de staatsraad) als voorzitter van de Afdeling bij de behandeling van de zaak nr. 201702394/1.

Procesverloop

Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 20 november 2017, heeft [verzoekster] verzocht om wraking van de staatsraad bij de behandeling van de zaak nr. 201702394/1.

Overwegingen

1.    Op verzoek van een partij kan ingevolge artikel 8:15 van de Awb elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

    Volgens artikel 3, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013 kan de wrakingskamer zonder daartoe een zitting te houden beslissen een verzoek om wraking niet in behandeling te nemen indien het verzoek is gedaan nadat in de hoofdzaak de einduitspraak openbaar is gemaakt.

2.    De uitspraak in zaak nr. 201702394/1/A2 is openbaar gemaakt op 15 november 2017. Uit artikel 8:15 van de Awb volgt dat een verzoek om wraking moet worden gedaan voordat uitspraak is gedaan in de hoofdzaak. Nadat uitspraak is gedaan is de zaak immers niet langer bij de rechter of rechters in behandeling. Gelet hierop en op artikel 3, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013 wordt het verzoek zonder een zitting te houden buiten behandeling gelaten.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

laat het verzoek buiten behandeling.

Aldus vastgesteld door mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillessen, voorzitter, en mr. A.B.M. Hent en mr. J.J. van Eck, leden, in tegenwoordigheid van mr. N.D.T. Pieters, griffier.

w.g. Van der Beek-Gillessen    w.g. Pieters

voorzitter    griffier

Uitgesproken in het openbaar op 6 december 2017

473.