Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2017:2635

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
29-09-2017
Datum publicatie
11-10-2017
Zaaknummer
201700256/2/A3
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Wraking
Inhoudsindicatie

Tijdens de openbare behandeling ter zitting van 29 september 2017 van de zaak nr. 201700256/1/A3 heeft [verzoekster] verzocht om wraking van staatsraad mr. A.W.M. Bijloos (hierna: de staatsraad) als lid van de enkelvoudige kamer belast met de behandeling van deze zaak.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

201700256/2/A3.

Datum beslissing: 29 september 2017

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge beslissing met overeenkomstige toepassing van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op een verzoek van:

[verzoekster], wonend te Schiedam,

verzoekster,

om toepassing van artikel 8:15 van de Awb.

Procesverloop

Tijdens de openbare behandeling ter zitting van 29 september 2017 van de zaak nr. 201700256/1/A3 heeft [verzoekster] verzocht om wraking van staatsraad mr. A.W.M. Bijloos (hierna: de staatsraad) als lid van de enkelvoudige kamer belast met de behandeling van deze zaak.

De staatsraad heeft niet in de wraking berust.

De Afdeling heeft het wrakingsverzoek op 29 september 2017 ter openbare zitting behandeld, waar [verzoekster], vertegenwoordigd door mr. P.A.J. van Putten, advocaat te Alkmaar, is gehoord.

Beslissing

Bij mondelinge beslissing van 29 september 2017 heeft de Afdeling het verzoek om toepassing van artikel 8:15 van de Awb afgewezen.

Overweging

1.    Artikel 8:15 van de Awb luidt: "Op verzoek van een partij kan elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden."

2.    Het verzoek om wraking is hierop gebaseerd dat de staatsraad [verzoekster] geen uitstel van de zitting wilde verlenen om haar in de gelegenheid te stellen de zitting in persoon bij te wonen.

3.    De afwijzing van het verzoek om uitstel van de zitting is een procedurele beslissing die voor verantwoordelijkheid van de staatsraad komt maar die als zodanig in het kader van deze wrakingsprocedure niet ter beoordeling staat. Evenmin is aanvaardbaar dat dit middel wordt aangewend teneinde te bewerkstelligen dat het door verzoeker gewenste uitstel alsnog wordt verleend. Het instrument van wraking is immers niet bedoeld om als rechtsmiddel tegen procedurele beslissingen te worden aangewend. Procedurele beslissingen kunnen slechts leiden tot toewijzing van een wrakingsverzoek indien uit die procedurele beslissingen blijkt van een vooringenomenheid van de staatsraad die deze beslissingen genomen heeft. Uit het proces-verbaal van de zitting, waarin de motivering van de processuele beslissing is neergelegd, kan niet een vooringenomenheid van de staatsraad worden afgeleid.

Aldus uitgesproken in het openbaar door mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillessen, voorzitter, en mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen en mr. A.B.M. Hent, leden, in tegenwoordigheid van mr. M. Vletter, griffier.

w.g. Van der Beek-Gillessen    w.g. Vletter

voorzitter    griffier    

653.