Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2017:1837

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
07-07-2017
Datum publicatie
12-07-2017
Zaaknummer
201704528/2/V2
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij onderscheiden besluiten van 26 april 2016 heeft de staatssecretaris, voor zover thans van belang, de aan de vreemdelingen 1, 2, 3, 5 en 6 verleende verblijfsvergunningen asiel ingetrokken en aanvragen van vreemdelingen 1, 2, 3 en 4 om hun een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201704528/2/V2.

Datum uitspraak: 7 juli 2017

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:

[vreemdeling 1], [vreemdeling 2], [vreemdeling 3] en [vreemdeling 4], [vreemdeling 5] en onderscheidenlijk [vreemdeling 6],

verzoekers,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 1 mei 2017 in zaken nrs. 16/10775, 16/10776, 16/10777, 16/10778, 16/10779 en 16/10780 in het geding tussen:

de vreemdelingen

en

de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie.

Procesverloop

Bij onderscheiden besluiten van 26 april 2016 heeft de staatssecretaris, voor zover thans van belang, de aan de vreemdelingen 1, 2, 3, 5 en 6 verleende verblijfsvergunningen asiel ingetrokken en aanvragen van vreemdelingen 1, 2, 3 en 4 om hun een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

Bij uitspraak van 1 mei 2017 heeft de rechtbank de daartegen door de vreemdelingen ingestelde beroepen ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak hebben de vreemdelingen hoger beroep ingesteld.

Voorts hebben zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

1.    De vreemdelingen hebben de voorzieningenrechter verzocht bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat zij niet worden uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en dat hun gedurende die periode opvang en verstrekkingen voorzien bij of krachtens de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers worden geboden.

2.    Gelet op wat is aangevoerd, is niet op voorhand aannemelijk dat de aangevallen uitspraak in hoger beroep in stand zal blijven. Het verzoek komt daarom op na te melden wijze voor toewijzing in aanmerking.

3.    De staatssecretaris dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.    bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat de vreemdelingen niet worden uitgezet, totdat op het door hen ingestelde hoger beroep is beslist;

II.    veroordeelt de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie tot vergoeding van bij de vreemdelingen in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 495,00 (zegge: vierhonderdvijfennegentig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. R. van der Spoel, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. L.R.M. Brouwer, griffier.

w.g. Van der Spoel    w.g. Brouwer

voorzieningenrechter    griffier

Uitgesproken in het openbaar op 7 juli 2017

791