Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2016:989

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
13-04-2016
Datum publicatie
13-04-2016
Zaaknummer
201309276/2/R2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 18 juni 2013 heeft de raad het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Nassaulaan" vastgesteld.

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht
Wet ruimtelijke ordening
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOM 2016/301
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201309276/2/R2.

Datum uitspraak: 13 april 2016

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Aannemings- en Bemiddelingsbedrijf De Langstraat B.V. (hierna: ABB De Langstraat) en anderen, alle gevestigd te Vlijmen, gemeente Heusden,

appellanten,

en

de raad van de gemeente Heusden,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 18 juni 2013 heeft de raad het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Nassaulaan" vastgesteld.

Tegen dit besluit hebben ABB De Langstraat en anderen beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening heeft desverzocht een deskundigenbericht uitgebracht. ABB De Langstraat en anderen hebben hun zienswijze daarop naar voren gebracht.

ABB De Langstraat en anderen hebben een nader stuk ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 25 september 2014, waar ABB De Langstraat en anderen, vertegenwoordigd door [gemachtigde], bijgestaan door mr. M.M.W.H. Holtackers, advocaat te Tilburg en A.M.W.A.M. van der Linden, en de raad, vertegenwoordigd door ing. J.P. Burgs en mr. J.A.M. Hermans, beiden werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.

Bij tussenuitspraak van 28 januari 2015 in zaak nr. 201309276/1/R3 heeft de Afdeling de raad opgedragen om binnen 26 weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 18 juni 2013 te herstellen. Deze tussenuitspraak is aangehecht.

Bij besluit van 7 juli 2015 heeft de raad het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Nassaulaan" gewijzigd vastgesteld.

ABB De Langstraat en anderen zijn in de gelegenheid gesteld hun zienswijze naar voren te brengen over de wijze waarop in het besluit van 7 juli 2015 de gebreken in het besluit van 18 juni 2013 zijn hersteld. Van deze gelegenheid hebben zij gebruik gemaakt.

Bij brief van 16 december 2015 heeft de Afdeling vragen gesteld aan de raad, waarop de raad bij brief van 14 januari 2016 heeft gereageerd. De brief van de raad is naar ABB De Langstraat en anderen toegezonden en zij zijn in de gelegenheid gesteld daarop een reactie te geven. Van deze gelegenheid hebben zij geen gebruik gemaakt.

De Afdeling heeft bepaald dat een nadere zitting achterwege blijft. Vervolgens heeft de Afdeling het onderzoek gesloten.

Overwegingen

1. Het plan voorziet in een actualisatie van het planologische regime voor het bedrijventerrein Nassaulaan. Op de gronden aan de noordwestelijke zijde van het bedrijventerrein zijn de bedrijven van ABB De Langstraat en anderen gevestigd. De bedrijven leggen zich vooral toe op de verkoop, verhuur, reparatie en onderhoud van diverse (hef)werktuigen en het bewerken en verwerken van metalen. De raad heeft beoogd de bestaande bedrijfsactiviteiten van deze bedrijven als zodanig te bestemmen. ABB De Langstraat en anderen voeren aan dat voor hun bedrijfsactiviteiten geen adequate regeling in het plan is opgenomen. Volgens hen zijn sommige bedrijfsactiviteiten ten onrechte niet toegestaan of niet duidelijk geregeld.

Het besluit van 18 juni 2013

2. Onder 4.8 van de tussenuitspraak heeft de Afdeling overwogen dat dat de raad onzorgvuldig heeft gehandeld door de bedrijfsactiviteiten van de bedrijven van ABB De Langstraat en anderen deels door de regeling voor de zonering en deels door de regeling voor de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - gemengd" te regelen. Daarbij is mede van belang dat de raad niet inzichtelijk heeft gemaakt of de bedrijfsactiviteiten die ABB De Langstraat en anderen in de bijlage bij hun pleitnota hebben aangekruist, waarvan de raad niet heeft bestreden dat zij door voormelde bedrijven worden uitgevoerd, zijn toegestaan. Ook heeft de raad niet inzichtelijk gemaakt dat het tentoonstellen van hefwerktuigen voor de voorgevelrooilijn is toegestaan. In de systematiek van het plan dienen bestaande bedrijven met activiteiten die niet in de zonering passen volledig door de regeling voor de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - gemengd" te worden gereguleerd. Daarnaast heeft de Afdeling in 4.8 overwogen dat de raad verder ter zitting heeft gesteld dat de in Bijlage 2 bij de planregels vermelde bedrijfsactiviteiten niet alleen binnen de bedrijfsgebouwen, maar ook op het buitenterrein mogen worden verricht. Uit de situatietekening in Bijlage 2 lijkt echter te volgen dat deze bedrijfsactiviteiten niet op het buitenterrein mogen worden verricht. Gelet hierop is het bestreden besluit ook in zoverre niet met de te betrachten zorgvuldigheid voorbereid. Voorts heeft de Afdeling in 4.9 overwogen dat de straalactiviteiten in milieucategorie 3.2 van [bedrijf A] met de nummeraanduiding 76 niet als zodanig zijn bestemd en dat de raad dit niet heeft onderkend. Nu de raad heeft beoogd deze straalactiviteiten als zodanig te bestemmen, maar daarvoor geen adequate regeling in het plan heeft opgenomen, is het bestreden besluit in zoverre niet met de te betrachten zorgvuldigheid voorbereid.

3. Onder 7 van de tussenuitspraak heeft de Afdeling geoordeeld dat het bestreden besluit, voor zover dat ziet op de vaststelling van het plandeel met de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - gemengd", voor zover niet alle activiteiten van de bedrijven van ABB De Langstraat Verhuur B.V., [bedrijf B], [bedrijf A], ABB De Langstraat, en Ameva Energy Systems B.V., met de nummeraanduidingen 72a en 72b, 74, 76, 78 onderscheidenlijk 80, zijn vermeld in Bijlage 2 bij de planregels en voor zover uit de situatietekening niet volgt dat op het buitenterrein bedrijfsactiviteiten mogen worden uitgevoerd, is genomen in strijd met artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Gelet hierop is het beroep tegen het besluit van 18 juni 2013 gegrond, zodat dat besluit in zoverre dient te worden vernietigd.

4. Bij de tussenuitspraak heeft de Afdeling de raad opgedragen om binnen 26 weken na verzending daarvan met inachtneming van hetgeen daarin is overwogen de gebreken in het besluit van 18 juni 2013 te herstellen door:

- alle bestaande activiteiten van de bedrijven van ABB De Langstraat Verhuur B.V., [bedrijf B], ABB De Langstraat, en Ameva Energy Systems B.V., met de nummeraanduidingen 72a en 72b, 74, 78 onderscheidenlijk 80 te vermelden in Bijlage 2 bij de planregels;

- alle bestaande activiteiten van het bedrijf van [bedrijf A] met de nummeraanduiding 76 te vermelden in Bijlage 2 bij de planregels;

- de situatietekening in Bijlage 2 bij de planregels zodanig te verduidelijken dat daaruit volgt dat bedrijfsactiviteiten ook op het buitenterrein mogen worden verricht;

- dan wel indien daartoe aanleiding bestaat, een andere planregeling vast te stellen; en

- de Afdeling en de andere partijen de uitkomst mede te delen en het besluit tot wijziging van het plan op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken en mede te delen.

Het besluit van 7 juli 2015

5. Naar aanleiding van de tussenuitspraak heeft de raad bij besluit van 7 juli 2015 het plan gewijzigd vastgesteld. Daarbij zijn aan de gronden aan de noordwestelijke zijde van het bedrijventerrein met de bestemming "Bedrijf", waarop de bedrijven van ABB De Langstraat en anderen zijn gevestigd, de aanduidingen "specifieke vorm van bedrijf - gemengd 1", specifieke vorm van bedrijf - gemengd 2", specifieke vorm van bedrijf - gemengd 3", specifieke vorm van bedrijf - gemengd 4" en "specifieke vorm van bedrijf - gemengd 5" toegekend. De aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - gemengd" die bij het besluit van 18 juni 2013 aan deze gronden was toegekend is verwijderd. De overige aanduidingen voor de gronden zijn ongewijzigd overgenomen.

Ingevolge artikel 3, lid 3.1 van de planregels zijn de voor "Bedrijf" aangewezen gronden bestemd voor:

[…];

f. een gemengd bedrijf met activiteiten conform Bijlage 2 ter plaatse van de aanduidingen "specifieke vorm van bedrijf - gemengd 1", "specifieke vorm van bedrijf - gemengd 2", "specifieke vorm van bedrijf - gemengd 3", "specifieke vorm van bedrijf - gemengd 4", "specifieke vorm van bedrijf - gemengd 5".

In Bijlage 2 bij de planregels is een overzicht opgenomen waaruit volgt voor welke percelen en bedrijven van ABB De Langstraat en anderen de aanduidingen gelden en welke bedrijfsactiviteiten op deze percelen zijn toegestaan. Dit overzicht is ten opzichte van het overzicht in de vorige Bijlage 2 aangevuld met bedrijfsactiviteiten die in de pleitnota van ABB De Langstraat en anderen staan vermeld.

6. Ingevolge artikel 6:19, eerste lid, van de Awb heeft het beroep van rechtswege mede betrekking op een besluit tot wijziging van het bestreden besluit, tenzij partijen daarbij onvoldoende belang hebben.

Gelet op artikel 6:19, eerste lid, van de Awb dient het beroep van ABB De Langstraat en anderen te worden geacht mede te zijn gericht tegen het besluit van 7 juli 2015.

7. ABB De Langstraat en anderen betogen dat het overzicht van bedrijfsactiviteiten in Bijlage 2 bij de planregels van het gewijzigde plan onvolledig is en onvolkomenheden bevat. Ten aanzien van [bedrijf C] (72c en 74) wordt in het overzicht onder meer als activiteiten vermeld "opslag van onderdelen van interne transportmiddelen en hoogwerkers en 2 kleine PGS 15 opslagplaatsen van gevaarlijke stoffen (maximaal 1.500 kg/l per opslagplaats)". ABB De Langstraat en anderen voeren aan dat niet duidelijk is wat met het woord "interne" wordt bedoeld en zij vrezen dat dit woord een beperking inhoudt van de bestaande activiteiten. Daarnaast voeren zij aan dat het opslaan van gevaarlijke stoffen ten onrechte is beperkt tot een maximale hoeveelheid.

7.1. De Afdeling stelt vast dat de voormelde omschrijving van activiteiten van [bedrijf C] reeds in Bijlage 2 bij de planregels van het bij besluit van 18 juni 2013 vastgestelde plan was opgenomen. ABB De Langstraat en anderen hebben hun beroepsgronden in zoverre uitgebreid met nieuwe, niet eerder aangedragen beroepsgronden. Gelet op het belang van een efficiënte geschilbeslechting alsmede de rechtszekerheid van de andere partij, kan in het licht van de goede procesorde niet worden aanvaard dat na de tussenuitspraak nieuwe beroepsgronden worden aangevoerd die reeds tegen het oorspronkelijke besluit naar voren hadden kunnen worden gebracht. Dit betekent dat hetgeen ABB De Langstraat en anderen in dit opzicht aanvoeren, buiten inhoudelijke bespreking blijft.

8. Voorts voeren ABB De Langstraat en anderen aan dat in het overzicht van Bijlage 2 bij de planregels van het gewijzigde plan het bestaande gebruik van haar panden als kantoorruimte ten onrechte niet is vermeld. Daarnaast ontbreken als bedrijfsactiviteiten het opslaan van gevaarlijke stoffen door ABB De Langstraat Verhuur B.V. (72a en 72b) en het bewerken van metalen door ABB De Langstraat (78).

8.1. De raad stelt zich op het standpunt dat het bestaande gebruik van de panden van ABB De Langstraat en anderen als kantoorruimte onderdeel is van de normale bedrijfsvoering, zodat dit gebruik als zodanig is toegestaan. De panden worden niet als zelfstandige kantoorruimte gebruikt en dit gebruik hoeft daarom niet te worden toegestaan. Voorts is volgens de raad het opslaan van gevaarlijke stoffen door ABB De Langstraat Verhuur B.V. (72a en 72b) geen zelfstandige activiteit, maar maakt deze activiteit deel uit van de onderhoudswerkzaamheden van dit bedrijf, welke werkzaamheden als zodanig zijn vermeld in het overzicht in Bijlage 2. Verder valt volgens de raad het bewerken van metalen door ABB De Langstraat (78) onder de in het overzicht vermelde activiteit "Onderhoud en reparatie van interne transportmiddelen en hoogwerkers. Onderhouds- en reparatie-activiteiten omvatten ook het wassen (wasplaats), stralen lassen en verfspuiten". Nu ABB De Langstraat en anderen deze standpunten van de raad niet hebben bestreden, ziet de Afdeling geen grond voor het oordeel dat vorenstaande bedrijfsactiviteiten niet zijn toegestaan. Het betoog faalt.

9. Verder voeren ABB De Langstraat en anderen aan dat op het buitenterrein een onwerkbare situatie zal ontstaan, omdat voor het buitenterrein verschillende aanduidingen voor een gemengd bedrijf gelden. Tot slot voeren zij aan dat de raad de bedrijfsactiviteiten voor de voorgevelrooilijn ten onrechte niet mogelijk heeft gemaakt.

9.1. In Bijlage 2 bij de planregels is, anders dan in de vorige Bijlage 2, geen situatietekening opgenomen. In plaats van deze situatietekening heeft de raad aan elk deel van het bedrijventerrein waarop een bedrijf van ABB De Langstraat en anderen is gevestigd een aanduiding voor een gemengd bedrijf toegekend. Uit de toegekende aanduiding en het overzicht in Bijlage 2 valt af te leiden welke bedrijfsactiviteiten op dat deel van het bedrijventerrein, waaronder het buitenterrein, zijn toegestaan. ABB De Langstraat en anderen hebben niet aannemelijk gemaakt dat daardoor een onwerkbare situatie zal ontstaan.

De aanduidingen voor een gemengd bedrijf zijn niet toegekend aan de strook gronden voor de voorgevelrooilijn. Voor zover ABB De Langstraat en anderen betogen dat de raad in een regeling had moeten voorzien die de bedrijfsactiviteiten, waaronder opslag en tentoonstellen van hefwerktuigen, ook voor de voorgevelrooilijn mogelijk maakt, heeft de raad daartoe in redelijkheid geen aanleiding hoeven zien. De raad heeft in zijn afweging in aanmerking mogen nemen dat ABB De Langstraat en anderen niet aannemelijk hebben gemaakt dat de bedrijfsactiviteiten voor de voorgevelrooilijn plaatsvinden en dat het gebruik van de strook gronden voor de voorgevelrooilijn ten behoeve van die bedrijfsactiviteiten de ruimtelijke kwaliteit kunnen aantasten. Het betoog faalt.

10. Gelet op het voorgaande is het beroep tegen het besluit van 7 juli 2015 tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Nassaulaan" ongegrond.

Proceskosten

11. De raad dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. verklaart het beroep van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ABB de Langstraat B.V. en anderen tegen het besluit van de raad van Heusden van 18 juni 2013 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Nassaulaan", kenmerk 00346612, gegrond;

II. vernietigt het besluit van de raad van Heusden van 18 juni 2013 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Nassaulaan", voor zover het betreft het plandeel met de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - gemengd" voor de gronden aan de westzijde van het bedrijventerrein Nassaulaan waarop de bedrijven van ABB De Langstraat en anderen zijn gevestigd;

III. verklaart het beroep tegen het besluit van de raad van Heusden van 7 juli 2015 tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Nassaulaan" ongegrond;

IV. veroordeelt de raad van de gemeente Heusden tot vergoeding van bij ABB de Langstraat B.V. en anderen in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.240,00 (zegge: twaalfhonderdveertig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de anderen;

V. gelast dat de raad van de gemeente Heusden aan ABB de Langstraat B.V. en anderen het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 318,00 (zegge: driehonderdachttien euro) vergoedt, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de ander.

Aldus vastgesteld door mr. N.S.J. Koeman, voorzitter, en mr. R.J.J.M. Pans en mr. B.P.M. van Ravels, leden, in tegenwoordigheid van mr. K.S. Man, griffier.

w.g. Koeman w.g. Man

voorzitter griffier

Uitgesproken in het openbaar op 13 april 2016

629.