Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2015:3982

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
23-12-2015
Datum publicatie
23-12-2015
Zaaknummer
201311618/3/R4
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 16 oktober 2013 heeft de raad het bestemmingsplan "Schielands Hoge Zeedijk" vastgesteld.

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht
Wet ruimtelijke ordening
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOM 2017/125
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201311618/3/R4.

Datum uitspraak: 23 december 2015

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

1. de vereniging Historische Vereniging die Goude, gevestigd te Gouda (hierna: vereniging die Goude),

2. de vereniging Vereniging Omwonenden Schielands Hoge Zeedijk, gevestigd te Gouda (hierna: vereniging Omwonenden),

appellanten,

en

de raad van de gemeente Gouda,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 16 oktober 2013 heeft de raad het bestemmingsplan "Schielands Hoge Zeedijk" vastgesteld.

Tegen dit besluit hebben onder meer vereniging die Goude en vereniging Omwonenden beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

Onder meer vereniging Omwonenden en de raad hebben nadere stukken ingediend.

De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening heeft desverzocht een deskundigenbericht uitgebracht.

Onder meer Vereniging die Goude, vereniging Omwonenden en de raad hebben hun zienswijze daarop naar voren gebracht.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 13 maart 2015, waar onder meer vereniging die Goude, vertegenwoordigd door drs. J. de Haan en ir. H. Breedveld, vereniging Omwonenden, vertegenwoordigd door [gemachtigden], en de raad, vertegenwoordigd door mr. B.T. Goerdat, drs. B. Grisnich, ing. H. van den Heuvel, ing. J.M.B. Boere, M.J.H. Kijzers en R. Bruinsma, allen werkzaam onder verantwoordelijkheid van de gemeente, zijn verschenen. Voorts zijn ter zitting Croda Nederland B.V., vertegenwoordigd door R. de Oude, en Compaxo Fijne Vleeswaren B.V., vertegenwoordigd door C. Knegjens, als partij gehoord.

Bij uitspraak onderscheidenlijk tussenuitspraak van 29 juli 2015 in zaak nr. 201311618/1/R4 (hierna: de tussenuitspraak), heeft de Afdeling de raad opgedragen om binnen 20 weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 16 oktober 2013 te herstellen. Deze tussenuitspraak is aangehecht.

Met toepassing van artikel 8:57, tweede lid, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) heeft de Afdeling bepaald dat een tweede onderzoek ter zitting achterwege blijft.

Vervolgens heeft de Afdeling het onderzoek gesloten.

Overwegingen

1. De tussenuitspraak verplicht er, gelet op artikel 8:51d in samenhang bezien met artikel 8:51a, tweede lid, van de Awb, toe de gebreken te herstellen binnen de daartoe gestelde termijn. De in de tussenuitspraak opgenomen hersteltermijn, die liep tot 16 december 2015, is ongebruikt verstreken, zodat niet is voldaan aan de door de Afdeling in de tussenuitspraak gegeven opdracht. De in de tussenuitspraak geconstateerde gebreken in het besluit van 16 oktober 2013 zijn derhalve niet hersteld.

2. Gezien overweging 21.1 van de tussenuitspraak ziet de Afdeling in hetgeen vereniging Omwonenden heeft aangevoerd aanleiding voor het oordeel dat het bestreden besluit, wat betreft de aanduidingen "bedrijf tot en met categorie 3.1" en "bedrijf tot en met categorie 4.1" voor zover die zijn toegekend aan de op kaart I bij deze uitspraak aangeduide gronden, in strijd met artikel 3:2 van de Awb is genomen.

Gezien overweging 26.4 van de tussenuitspraak ziet de Afdeling in hetgeen vereniging Omwonenden heeft aangevoerd aanleiding voor het oordeel dat het bestreden besluit, wat betreft het ontbreken van de aanduidingen "specifieke bouwaanduiding - 13" en "specifieke bouwaanduiding - 14" op de verbeelding, in strijd met artikel 3:2 van de Awb is genomen.

Gezien overweging 35.5 van de tussenuitspraak ziet de Afdeling in hetgeen vereniging Omwonenden heeft aangevoerd aanleiding voor het oordeel dat het bestreden besluit, wat betreft de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - machinefabriek" op de verbeelding, in strijd met artikel 3:46 van de Awb is genomen.

Gezien overweging 38.2 van de tussenuitspraak ziet de Afdeling in hetgeen vereniging die Goude heeft aangevoerd aanleiding voor het oordeel dat het bestreden besluit, wat betreft het ontbreken van een planregeling die voorziet in een maximale damwandhoogte van 2 meter voor gronden langs de Hollandsche IJssel, in strijd met artikel 3:46 van de Awb is genomen.

3. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen zijn de beroepen van Vereniging Omwonenden en Vereniging die Goude gegrond, zodat het bestreden besluit in zoverre dient te worden vernietigd.

Wat betreft de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - machinebedrijf" overweegt de Afdeling dat deze aanduiding tevens de bestaande bedrijfsactiviteiten van machinefabriek Schieland-Broere mogelijk maakt. Onduidelijk is echter op welke gronden deze bestaande bedrijfsactiviteiten worden uitgeoefend en op welke gronden de beëindigde bedrijfsactiviteiten van Schieland-Lether werden uitgeoefend. De Afdeling ziet daarom aanleiding de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - machinefabriek" op de verbeelding als geheel te vernietigen, waarbij zij in aanmerking neemt dat de bestaande bedrijfsactiviteiten van Schieland-Broere kunnen worden voortgezet op grond van het overgangsrecht en dat de raad op grond van de hierna te geven opdracht binnen de hierna te noemen termijn een zodanige planregeling dient vast te stellen dat in ieder geval de bestaande, legale en vergunde bedrijfsactiviteiten van machinefabriek Schieland-Broere als zodanig worden bestemd.

4. De Afdeling ziet aanleiding om met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, aanhef en onder b, van de Awb, de raad op te dragen om binnen 13 weken na de verzending van deze uitspraak en met inachtneming van hetgeen in de tussenuitspraak is overwogen een nieuw besluit te nemen.

De Afdeling bepaalt voorts dat de raad een dwangsom verbeurt voor iedere dag dat hij in gebreke blijft de uitspraak na te leven.

5. De raad dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten van Vereniging die Goude te worden veroordeeld. Van proceskosten die voor vergoeding in aanmerking komen, is in geval van vereniging Omwonenden niet gebleken.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. verklaart de beroepen van de vereniging Historische Vereniging die Goude en de vereniging Vereniging Omwonenden Schielands Hoge Zeedijk tegen het besluit van de raad van de gemeente Gouda van 16 oktober 2013 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Schielands Hoge Zeedijk" gegrond;

II. vernietigt het besluit van de raad van de gemeente Gouda van 16 oktober 2013 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Schielands Hoge Zeedijk" voor zover het betreft:

a. de aanduidingen "bedrijf tot en met categorie 3.1" en "bedrijf tot en met categorie 4.1" voor zover die zijn toegekend aan de op kaart I bij deze uitspraak aangeduide gronden;

b. het ontbreken van de aanduidingen "specifieke bouwaanduiding - 13" en "specifieke bouwaanduiding - 14" op de verbeelding;

c. de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - machinefabriek" op de verbeelding;

d. het ontbreken van een planregeling die voorziet in een maximale damwandhoogte van 2 meter voor gronden langs de Hollandsche IJssel;

III. draagt de raad van de gemeente Gouda op om binnen 13 weken na de verzending van deze uitspraak met inachtneming van hetgeen in deze uitspraak en de uitspraak onderscheidenlijk tussenuitspraak van 29 juli 2015 is overwogen een nieuw besluit te nemen en dit op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken;

IV. bepaalt dat de raad van de gemeente Gouda aan zowel de vereniging Historische Vereniging die Goude als de vereniging Vereniging Omwonenden Schielands Hoge Zeedijk een dwangsom verbeurt van € 100,00 (zegge: honderd euro) voor elke dag waarbij hij in gebreke blijft de onder III vermelde opdracht na te komen, met een maximum van € 10.000,00 (zegge: tienduizend euro);

V. veroordeelt de raad van de gemeente Gouda tot vergoeding van bij de vereniging Historische Vereniging die Goude in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 16,04 (zegge: zestien euro en vier cent);

VI. gelast dat de raad van de gemeente Gouda aan appellanten het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 318,00 (zegge: driehonderdachttien euro) voor de vereniging Historische Vereniging die Goude en € 318,00 (zegge: driehonderdachttien) voor de vereniging Vereniging Omwonenden Schielands Hoge Zeedijk vergoedt;

Aldus vastgesteld door mr. J.A. Hagen, voorzitter, en mr. F.C.M.A. Michiels en mr. B.J. Schueler, leden, in tegenwoordigheid van mr. W.M. Boer, griffier.

w.g. Hagen w.g. Boer

voorzitter griffier

Uitgesproken in het openbaar op 23 december 2015

745.