Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2015:3641

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
25-11-2015
Datum publicatie
25-11-2015
Zaaknummer
201504461/1/R6
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 7 april 2015 heeft de raad het bestemmingsplan "Skaeve Huse (bedrijventerrein Croy)" vastgesteld.

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht
Wet ruimtelijke ordening
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOM 2015/1103

Uitspraak

201504461/1/R6.

Datum uitspraak: 25 november 2015

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

de vereniging Ondernemerskontakt de Hurk, gevestigd te Eindhoven, en anderen,

appellanten,

en

de raad van de gemeente Eindhoven,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 7 april 2015 heeft de raad het bestemmingsplan "Skaeve Huse (bedrijventerrein Croy)" vastgesteld.

Tegen dit besluit hebben Ondernemerskontakt en anderen beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

Ondernemerskontakt en anderen hebben nadere stukken ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 2 november 2015, waar Ondernemerskontakt en anderen, vertegenwoordigd door A.A.V. Putmans en mr. G.H. Hermanides, advocaat te Eindhoven, en de raad, vertegenwoordigd door R. Martens, zijn verschenen. Voorts is daar als derdebelanghebbende gehoord Stichting Trudo, vertegenwoordigd door mr. M.T.C.A. Smets, advocaat te Eindhoven.

Overwegingen

1. Bij de vaststelling van een bestemmingsplan heeft de raad beleidsvrijheid om bestemmingen aan te wijzen en regels te geven die de raad uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening nodig acht. De Afdeling toetst deze beslissing terughoudend. Dit betekent dat de Afdeling aan de hand van de beroepsgronden beoordeelt of aanleiding bestaat voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plan strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Voorts beoordeelt de Afdeling aan de hand van de beroepsgronden of het bestreden besluit anderszins is voorbereid of genomen in strijd met het recht.

Ontvankelijkheid

2. Ondernemerskontakt en anderen hebben onder andere beroep ingesteld namens Slijptechniek Beheer B.V., [appellant A], [appellant B] en Group Soleil B.V.

2.1. De raad stelt dat Slijptechniek Beheer B.V., [appellant A], [appellant B] en Group Soleil B.V. geen zienswijzen hebben ingediend en dus niet-ontvankelijk zijn.

2.2. De Afdeling stelt vast dat namens Slijptechniek Beheer B.V., [appellant A], [appellant B] en Group Soleil B.V. zienswijzen zijn ingediend. Deze zienswijzen zijn door de raad in de nota van zienswijzen besproken. Het ontbreken van zienswijzen is derhalve geen grond om het beroep voor zover dat is ingediend door Slijptechniek Beheer B.V., [appellant A], [appellant B] en Group Soleil B.V. niet-ontvankelijk te achten.

3. Ondernemerkontakt en anderen hebben daarnaast ook beroep ingesteld namens Washin7 locatie Eindhoven B.V.

3.1. De raad stelt dat Washin7 hemelsbreed op ca 1.000 m van het plangebied gevestigd is en derhalve geen belanghebbende is.

3.2. De wasstraat van Washin7 is gevestigd op een afstand van ongeveer 940 meter van het plangebied. Niet is gebleken dat vanaf het perceel zicht is op het plangebied. Mede gelet op de aard en omvang van de ruimtelijke ontwikkelingen die binnen het plangebied mogelijk worden gemaakt is deze afstand naar het oordeel van de Afdeling te groot om een rechtstreeks bij het bestreden besluit betrokken belang te kunnen aannemen.

Voorts hebben Ondernemerskontakt en anderen geen feiten of omstandigheden aangevoerd in verband waarmee zou moeten worden geoordeeld dat ondanks deze afstand een objectief en persoonlijk belang van Washin7 rechtstreeks door het besluit zou worden geraakt.

De conclusie is dat Washin7 geen belanghebbende is bij het bestreden besluit als bedoeld in artikel 1:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) en dat zij daartegen ingevolge artikel 8:1 van de Awb, in samenhang gelezen met artikel 8:6 van de Awb en artikel 2 van bijlage 2 bij de Awb, geen beroep kan instellen. Het beroep voor zover ingesteld door Washin7 is niet-ontvankelijk.

4. Het beroep is daarnaast mede ingesteld door Stichting All Nine, [appellant C], Vacansoleil B.V. en Group Soleil B.V. Deze rechtspersonen maken onderdeel uit van de Vacansoleilgroep. Ondernemerskontakt en anderen hebben toegelicht dat Stichting All Nine eigenaar is van de gronden Croy 19 en Croy 25. Deze zijn aangekocht om een nieuw hoofdkantoor te bouwen voor de Vacansoleilgroep. Deze nieuwbouwplannen zijn vanwege het plan voor Skaeve Huse opgeschort, aldus Ondernemerskontakt en anderen.

Ter zitting is door Ondernemerskontakt en anderen erkend dat het belang van [appellant C], Vacansoleil B.V. en Group Soleil B.V. afgeleid is van het belang van Stichting All Nine nu deze stichting de gronden in eigendom heeft. [appellant C], Vacansoleil B.V. en Group Soleil B.V. hebben geen objectief en persoonlijk belang dat rechtstreeks door het besluit wordt geraakt.

De conclusie is dat [appellant C], Vacansoleil B.V. en Group Soleil B.V. geen belanghebbende zijn bij het bestreden besluit als bedoeld in artikel 1:2, eerste lid, van de Awb en dat zij daartegen ingevolge artikel 8:1 van de Awb, in samenhang gelezen met artikel 8:6 van de Awb en artikel 2 van bijlage 2 bij de Awb, geen beroep kunnen instellen. Het beroep voor zover ingesteld door [appellant C], Vacansoleil B.V. en Group Soleil B.V. is niet-ontvankelijk.

5. Trudo betoogt dat alleen Stichting All Nine ontvankelijk is. De andere rechtspersonen en personen namens wie beroep is ingesteld zijn volgens haar niet ontvankelijk omdat deze geen bezwaar hebben gemaakt tegen de inmiddels voor Skaeve Huse verleende omgevingsvergunning. Die partijen hebben volgens haar daardoor geen procesbelang meer.

Anders dan Trudo betoogt, bestaat geen aanleiding voor het oordeel dat de partijen die geen bezwaar hebben aangetekend tegen de omgevingsvergunning voor Skaeve Huse geen belang hebben bij de beoordeling van hun beroep tegen het bestemmingsplan. Een bestemmingsplan leent zich immers voor herhaalde toepassing. Er bestaat derhalve geen aanleiding voor het oordeel dat het beroep in zoverre niet-ontvankelijk is.

Het beroep samengevat

6. Het beroep richt zich tegen het hele plan. Ondernemerskontakt en anderen vertegenwoordigen meerdere bedrijven die gevestigd zijn op de nabij het plangebied gelegen bedrijventerreinen Croy en De Hurk, danwel eigenaren van percelen op deze bedrijventerreinen. Zij vrezen voor waardedaling van hun bedrijven en hun gronden en vermindering van de verhuur- en verkoopbaarheid van deze bedrijven en gronden. Ook vrezen zij voor overlast en vermindering van de veiligheid door de woningen die bedoeld zijn voor notoire overlastgevers. Zij betogen dat het mogelijk maken van het project Skaeve Huse op deze locatie in strijd is met gemeentelijk, regionaal en provinciaal beleid en de Verordening Ruimte 2014 van Noord-Brabant. Hierna worden de verschillende beroepsgronden besproken.

Het plan

7. Het plan is opgesteld voor het realiseren van het zogeheten project Skaeve Huse waarin voorzien wordt in woonruimte voor mensen met notoir antisociaal, overlastgevend woongedrag. Het plangebied ligt tussen de Croy, de N2 en de oprit van de N2 vanaf de Karel de Grotelaan te Eindhoven.

7.1. Aan een deel van de gronden is de bestemming "Wonen", een bouwvlak, de aanduiding "maximaal aantal wooneenheden = 12" en de aanduiding "maximum vloeroppervlakte (m²) = 55" toegekend.

Ingevolge artikel 4, lid 4.1.1, van de planregels zijn de voor "Wonen" aangewezen gronden bestemd voor een woongebouw en een beheerdersunit met de daarbij behorende:

a tuinen en erven,

b. parkeervoorzieningen, paden e.d.,

c. waterhuishoudkundige voorzieningen (o.a. waterlopen, waterpartijen en waterberging),

d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

Ingevolge lid 4.2.1 gelden voor het bouwen van woningen de volgende regels:

a. een woning mag uitsluitend ter plaatse van de aanduiding "bouwvlak" worden gebouwd;

b. de maximum goothoogte en de maximum bouwhoogte zoals op de verbeelding is aangegeven;

c. bouwwijze: vrijstaand;

d. vloeroppervlakte per woning: zoals op de verbeelding is aangegeven;

e. aantal woningen; zoals op de verbeelding is aangegeven;

[…].

Zorgvuldige besluitvorming

8. Ondernemerskontakt en anderen betogen dat in strijd met eerdere uitlatingen van de kant van de gemeente de planregels geen beperking tot eenpersoons wooneenheden bevat.

8.1. De raad heef ter zitting gesteld dat in artikel 4, lid 4.1.1, aanhef, van de planregels per abuis de voor "Wonen" aangewezen gronden bestemd zijn voor een "een woongebouw" in plaats van "wooneenheden". Voorts heeft hij toegelicht dat in een raadsinformatiebrief van 19 november 2013 staat dat er een locatie voor Skaeve Huse komt met zes tot twaalf plekken. Hier is in het midden gelaten of onder plekken moet worden verstaan wooneenheden, of personen. In het traject dat op de informatiebrief is gevolgd, is vervolgens vermeld dat het gaat om twaalf wooneenheden, aldus de raad. Een beperking tot eenpersoons wooneenheden is volgens de raad nooit voorzien.

8.2. Voor zover de voor "Wonen" aangewezen gronden per abuis bestemd zijn voor "een woongebouw" in plaats van "wooneenheden" is niet voorzien in hetgeen de raad heeft beoogd. Het bestreden besluit is op dit punt niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid en het beroep slaagt in zoverre. Ondernemerskontakt en anderen en Trudo hebben ter zitting verklaard er geen bezwaar tegen te hebben als de Afdeling gebruik maakt van haar bevoegdheid om zelf voorziend dit abuis te corrigeren. De Afdeling zal artikel 4, lid 4.1.1, aanhef, van de planregels gewijzigd vaststellen door "woongebouw" te vervangen door "wooneenheden".

Nu uit hetgeen voorafgaande aan het bestemmingsplan van de kant van de gemeente is medegedeeld over het aantal bewoners per wooneenheid niet blijkt van het oogmerk het aantal bewoners per wooneenheid te beperken tot één, ziet de Afdeling, anders dan Ondernemerskontakt en anderen, geen grond voor het oordeel dat de raad tot die beperking gehouden was. In zoverre faalt het betoog.

Samenhang met ontwerpbestemmingsplan De Hurk-Croy

9. Ondernemerskontakt en anderen betogen dat het bestemmingsplan ten onrechte is vastgesteld vóórdat het bestemmingsplan voor het gehele bedrijventerrein De Hurk-Croy is vastgesteld. In het ontwerp van dat meer omvattende plan, dat nog niet in procedure is gebracht, was de locatie voor de Skaeve Huse opgenomen met de bestemming "Groen". Volgens Ondernemerskontakt en anderen had eerst duidelijkheid moeten worden geboden over de toekomstige planologische mogelijkheden voor het bedrijventerrein. Ondernemerskontakt en anderen achten dit van belang omdat in het ontwerpplan van het bedrijventerrein De Hurk-Croy het uitgangspunt staat dat geen woningen op het bedrijventerrein worden toegestaan. Volgens hen maakt de locatie van de Skaeve Huse onderdeel uit van het bedrijventerrein.

9.1. In het vorige bestemmingsplan "Gestelse Ontginning 1993" hebben de gronden waar Skaeve Huse is voorzien de bestemming "Gemengde Doeleinden" en de aanduiding hoofdfunctie "openbare weg met exclusieve stroomfunctie". Ingevolge artikel 3.5 van het bestemmingsplan "Gestelse Ontginning 1993" zijn de gronden die op de kaart de hoofdfunctie "openbare weg met exclusieve stroomfunctie" hebben, bestemd voor wegen met vier rijstroken ten behoeve van snelverkeer met bijbehorende voorzieningen, afslagen, kruisingen, viaducten e.d. Binnen deze hoofdfunctie zijn bedrijven of bedrijfsactiviteiten niet toegestaan. Het bedrijventerrein De Hurk-Croy, waarop de gronden waarop de bedrijven van Ondernemerskontakt en anderen zijn gelegen, hebben in dat plan de bestemming "Bedrijventerrein".

9.2. De Afdeling stelt vast dat, anders dan Ondernemerskontakt en anderen menen, de locatie voor de Skaeve Huse planologisch niet was bestemd als bedrijventerrein en in zoverre los stond van het bedrijventerrein. Dat de raad voor de gronden met de bedrijfsbestemming een nieuw bestemmingsplan wil vaststellen brengt naar het oordeel van de Afdeling daarom niet met zich dat de raad het onderhavige plan niet mocht vaststellen. Het betoog faalt.

Woningen en bedrijventerrein

10. Ondernemerskontakt en anderen betogen dat het voorzien in woningen in strijd is met de Verordening Ruimte 2014, het provinciaal beleid en het gemeentelijk beleid dat geen woningen worden toegestaan op bedrijventerreinen. Het gemeentelijk beleid is onder andere verwoord in het ontwerpbestemmingsplan" De Hurk-Croy 2013", waarin het plangebied ook is opgenomen, aldus Ondernemerskontakt en anderen. Zij wijzen op de woonboten in het Beatrixkanaal bij het bedrijventerrein De Hurk die in het kader van genoemd beleid in het ontwerpbestemmingsplan "De Hurk-Croy 2013" moeten verdwijnen.

10.1. Uit hetgeen hiervoor onder 9.2 is overwogen, blijkt dat het plangebied planologisch niet was bestemd als bedrijventerrein. In het onderhavige plan is het plangebied evenmin bestemd als bedrijventerrein. Nu met het plan geen woningen worden voorzien op een bedrijventerrein, kan reeds daarom geen sprake zijn van strijd met het uitgangspunt van de Verordening Ruimte 2014 en het provinciaal en gemeentelijk beleid dat woningen op bedrijventerreinen niet wenselijk zijn.

Het beroep op het gelijkheidsbeginsel wat betreft de woonboten aan het Beatrixkanaal faalt eveneens. De planologische regeling, locatie en omstandigheden ter plaatse van het Beatrixkanaal wijken af van het plangebied zodat het niet om gelijke gevallen gaat.

Onderzoek alternatieve locaties

11. Ondernemerskontakt en anderen betogen voorts dat ten onrechte niet inzichtelijk is gemaakt of alternatieve locaties voor Skaeve Huse zijn overwogen.

11.1. Het project Skaeve Huse maakt onderdeel uit van het Stedelijk Kompas. Daarin staat de integrale aanpak van de raad voor zorg en begeleiding van kwetsbare personen die dient ter voorkoming van dak- en thuisloosheid en van de daaruit voorkomende overlast in de stad. In de plantoelichting staat dat in mei 2011 besloten is dat voor het project Skaeve Huse het protocol voor prioritaire voorzieningen van toepassing is, met uitzondering van het vereiste dat de voorziening in een woonwijk gevestigd moet worden en met uitzondering van het spreidingscriterium. De belangrijkste ruimtelijke criteria zijn:

- geen enkele buurt is uitgesloten, ook al is daar al een prioritaire voorziening,

- niet in een bestaande of toekomstige woonbuurt,

- geen directe nabijheid kwetsbare voorzieningen (zoals scholen),

- nabijheid van dagelijkse voorzieningen t.b.v. bewoners (zoals winkels),

- oppervlakte van het gehele complex is ca. 3000 m²,

- directe toegang vanaf de openbare weg,

- nabijheid nutsvoorzieningen (vanwege kosten),

- (auto)toegankelijkheid voor hulpdiensten en politie.

In de plantoelichting staat dat de perifere ligging van de locatie, enigszins op afstand van de naastgelegen woonbuurt, ervoor zorgt dat eventuele overlast met betrekking tot de directe woonomgeving die uit het initiatief zou kunnen voortkomen geen invloed heeft op deze buurt. Daarbij ligt de woonbuurt niet op de route tussen het plangebied en de dagelijkse voorzieningen. Anderzijds zijn deze voorzieningen goed bereikbaar voor de toekomstige bewoners van de Skaeve Huse. Overlastsituaties worden verder tegengegaan door structureel beheer en zo nodig handhaving, aldus de plantoelichting. De locatie aan Croy voldoet daarmee aan alle bovenstaande criteria, aldus de raad. De raad hanteert voor de realisatie van maatschappelijke voorzieningen voor dak- en thuislozen de werkwijze dat één geschikte locatie wordt voorgedragen.

Ondernemerskontakt en anderen hebben niet betwist dat de gekozen locatie voldoet aan deze criteria. Ondernemerskontakt en anderen hebben ook niet gemotiveerd waarom de raad niet van de hiervoor genoemde werkwijze heeft mogen uitgaan. Het betoog faalt.

Criteria Ruimtelijke Kwaliteit Brainport Avenue

12. Ondernemerskontakt en anderen betogen dat het plan in strijd is met het gemeentelijk beleid voor Brainport Avenue. Meer in het bijzonder kan de voorziene bebouwing volgens hen niet voldoen aan de beeldkwaliteitseisen uit het document Criteria Ruimtelijke Kwaliteit Brainport Avenue (hierna: de Criteria). Hiertoe voeren Ondernemerskontakt en anderen aan dat volgens dat beleid de bebouwing op bedrijventerrein De Hurk een sterke relatie met Brainport Avenue moet krijgen en aan de rand van De Hurk representatieve bebouwing moet komen met een hoogwaardige uitstraling. De realisatie van Skaeve Huse past hier niet, aldus Ondernemerskontakt en anderen. In dit kader betogen zij dat welstandseisen zijn gesteld aan de gewenste nieuwbouw van Vacansoleil naast het plangebied. Aan deze eisen kunnen de voorziene woningen voor Skaeve Huse volgens hen onmogelijk voldoen.

12.1. De raad stelt dat de Criteria niet als welstandscriteria zijn vastgesteld en dus ook niet als zodanig functioneren. De Criteria hebben geen juridisch bindende status, maar geven een wensbeeld en dienen als oriëntatiepunt voor ontwikkelaars. De raad stelt voorts dat de Skaeve Huse passen binnen het beleid uit het Stedelijk kompas. De locatie voldoet aan de in het kader van het Stedelijk kompas opgestelde ruimtelijke criteria voor het project, aldus de raad.

12.2. De Criteria zijn door het college aan de raad voorgelegd. Daarbij is vermeld dat het nadrukkelijk niet gaat om criteria voor welstandstoetsing bij concrete bouwaanvragen. De Criteria zijn ook niet anderszins vastgesteld als gemeentelijk beleid. Voor zover Ondernemerskontakt en anderen betogen dat het plan in strijd is met het in de Criteria vervatte gemeentelijk beleid, faalt het betoog derhalve reeds omdat deze Criteria niet als beleid zijn vastgesteld en de raad hier dus niet aan gebonden is. Aan het betoog over de toepassing van de Criteria bij plannen voor nieuwbouw op Croy door Vacansoleil gaat de Afdeling voorbij omdat dit betoog niet is onderbouwd met stukken. Het betoog faalt.

Risicoanalyse

13. Ondernemerskontakt en anderen betogen voorts dat de raad het rapport "Risicoanalyse Skaeve Huse" van 11 oktober 2013 van de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (hierna: de risicoanalyse) niet aan het besluit ten grondslag mocht leggen, omdat daarin is uitgegaan van de aanwezigheid van maximaal veertien personen, terwijl in iedere wooneenheid twee personen aanwezig kunnen zijn.

13.1. De raad betoogt dat artikel 8:69a van de Awb in de weg staat aan vernietiging van het besluit op deze grond omdat de normen in het kader van de externe veiligheid in dit geval niet strekken tot bescherming van de bedrijfsbelangen van Ondernemerskontakt en anderen, maar tot bescherming van de belangen van de toekomstige bewoners.

13.2. Ingevolge artikel 8:69a van de Awb vernietigt de bestuursrechter een besluit niet op de grond dat het in strijd is met een geschreven of ongeschreven rechtsregel of een algemeen rechtsbeginsel, indien deze regel of dit beginsel kennelijk niet strekt tot bescherming van de belangen van degene die zich daarop beroept.

13.3. Blijkens de geschiedenis van de totstandkoming van de Wet aanpassing bestuursprocesrecht (Kamerstukken II, 2009/10, 32 450, nr. 3, blz. 18-20) heeft de wetgever met artikel 8:69a van de Awb de eis willen stellen dat er een verband moet bestaan tussen een beroepsgrond en het belang waarin de appellant door het bestreden besluit dreigt te worden geschaad. De bestuursrechter mag een besluit niet vernietigen wegens schending van een rechtsregel die kennelijk niet strekt tot bescherming van het belang van de appellant.

13.4. De risicoanalyse bevat de resultaten van het onderzoek naar de gevolgen voor de externe veiligheid van het plan. Het plan richt zich op het risico dat de toekomstige bewoners van de wooneenheden lopen. Onbetwist is dat de A2 de enige risicobron is in het kader van de beoordeling van de externe veiligheid met betrekking tot het plan.

De normen in het kader van de externe veiligheid dienen in dit geval dus ter bescherming van de toekomstige bewoners en niet tot bescherming van het belang van Ondernemerskontakt en anderen. Dit betekent dat artikel 8:69a van de Awb in de weg staat aan eventuele vernietiging van het besluit op de beroepsgrond van Ondernemerskontakt en anderen over de externe veiligheid. De Afdeling ziet derhalve af van het inhoudelijk bespreken van deze beroepsgrond.

Belangenafweging

14. Ondernemerskontakt en anderen betogen dat de raad hun economische belangen onvoldoende in zijn besluitvorming heeft betrokken. Zij vrezen dat het plan een aanzienlijke waardedaling van het in de directe omgeving gelegen onroerend goed meebrengt. In dit kader wijzen zij erop dat er in de directe omgeving van het plangebied meerdere panden leeg, te koop en te huur staan. Verder stellen zij dat er sinds de discussie over Skaeve Huse geen panden meer verhuurd zijn, vanwege de komst van Skaeve Huse. Nieuwe huurders zouden huiverig zijn voor de gevolgen van de realisering van Skaeve Huse, aldus Ondernemerskontakt en anderen. Zij vrezen voorts dat realisering van Skaeve Huse ertoe leidt dat meer beveiliging nodig is. Een toename van criminaliteit kan meebrengen dat de ondernemers een korting op door hen afgesloten verzekeringen kwijtraken. In dit kader hebben zij er ter zitting op gewezen dat het plangebied wordt ontsloten via het bedrijventerrein.

14.1. Volgens de raad worden de op bedrijventerreinen Croy en De Hurk gevestigde bedrijven door het plan niet in hun gebruiksmogelijkheden beperkt.

In de risicotoets planschade van SAOZ uit oktober 2013 concludeert SAOZ dat geen van de in de nabijheid van het plangebied gelegen bedrijfsobjecten wordt aangetast in hun mogelijkheden en bedrijfsvoering. De raad heeft verder toegelicht dat de voorkoming van verstoring van openbare orde, veiligheid en leefklimaat bijzondere aandacht heeft. Om die reden is een beheerplan opgesteld. In het beheerplan zijn afspraken gemaakt over het beheer van de openbare ruimte en de locatie Skaeve Huse, de sociale veiligheid, handhaving van de openbare orde en over een meldingen- en klachtenprocedure. Het plan is ondertekend door de gemeente, de politie, Trudo, winkeliersvereniging winkelcentrum Kastelenplein, buurtpreventie Ooievaarsnest, stichting Buurtbeheer Genderbeemd en Wijkvereniging Hanevoet. Vertegenwoordigers van deze partijen vormen tezamen een beheergroep. Iedere partij is verantwoordelijk voor het naleven van het beheerplan. De ontwikkelingen zullen voorts worden gemonitord. Ondernemerskontakt en anderen hebben het beheerplan niet ondertekend omdat zij tegen de plannen zijn en de schijn van instemming wilden voorkomen. De verwachting van de raad is dat met de afspraken in het beheerplan overlast wordt voorkomen.

Gelet op de toelichting van de raad, de risicoanalyse SAOZ en het beheerplan ziet de Afdeling in de niet nader onderbouwde stelling van Ondernemerskontakt en anderen dat hun belangen worden geschaad door waardedaling van hun gronden en afname van de verhuurbaarheid geen aanleiding voor het oordeel dat de nadelige gevolgen van het plan voor de op het bedrijventerrein gevestigde bedrijven zodanig zullen zijn, dat de raad daarom bij afweging van de betrokken belangen had moeten afzien van het plan.

Conclusie

15. Het beroep is gelet op hetgeen is overwogen onder 8.2, voor zover ontvankelijk, gegrond. De Afdeling zal op na te melden wijze in de zaak voorzien en bepalen dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het vernietigde besluit.

16. De raad dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. verklaart het beroep niet-ontvankelijk voor zover ingediend namens de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Washin7 locatie Eindhoven B.V., de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [appellant C], de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Vacansoleil B.V. en de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Group Soleil B.V.;

II. verklaart het beroep, voor zover ontvankelijk, gegrond;

III. vernietigt artikel 4.1.1, van de planregels voor zover het betreft de zinsnede "een woongebouw";

IV. bepaalt dat de onder III vernietigde zinsnede van artikel 4.1.1 van de planregels komt te luiden: "wooneenheden".

V. bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het vernietigde besluit;

VI. veroordeelt de raad van de gemeente Eindhoven tot vergoeding van bij de vereniging Ondernemerskontakt de Hurk en anderen in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 980,00 (zegge: negenhonderdtachtig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de anderen;

VII. gelast dat de raad van de gemeente Eindhoven aan de vereniging Ondernemerskontakt De Hurk en anderen het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 331,00 (zegge: driehonderdeenendertig euro) vergoedt, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de anderen;

VIII. draagt de raad van de gemeente Eindhoven op om binnen vier weken na verzending van deze uitspraak ervoor zorg te dragen dat onderdeel III en IV worden verwerkt in het elektronisch vastgestelde plan dat te raadplegen is op de landelijke voorziening, http://www.ruimtelijkeplannen.nl.

Aldus vastgesteld door mr. W.D.M. van Diepenbeek, voorzitter, en mr. S.J.E. Horstink-von Meyenfeldt en mr. E.A. Minderhoud, leden, in tegenwoordigheid van mr. E.K. van Leening, griffier.

w.g. Van Diepenbeek w.g. Van Leening

voorzitter griffier

Uitgesproken in het openbaar op 25 november 2015

513-725.