Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2015:3469

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
03-11-2015
Datum publicatie
11-11-2015
Zaaknummer
201505045/2/R6
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 28 april 2015 heeft het college het uitwerkingsplan "1e uitwerking Tongelre binnen de Ring 2007 (Picuskade)" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201505045/2/R6.

Datum uitspraak: 3 november 2015

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:

[verzoekster A] en [verzoeker B] (hierna tezamen en in enkelvoud: [verzoeker]), beiden wonend te Eindhoven,

verzoekers,

en

het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 28 april 2015 heeft het college het uitwerkingsplan "1e uitwerking Tongelre binnen de Ring 2007 (Picuskade)" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft onder meer [verzoeker] beroep ingesteld.

[verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 22 oktober 2015, waar [verzoekster A], bijgestaan door mr. K. de Wit, en het college, vertegenwoordigd door R. Martens, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen. Voorts is ter zitting de stichting "Stichting Wooninc.", vertegenwoordigd door mr. P.W.M. Dorn, advocaat te Geldrop, gehoord.

Overwegingen

1. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2. [verzoeker] beoogt met het verzoek om voorlopige voorziening te voorkomen dat op de gronden waaraan de bestemmingen "Wonen - 1", "Wonen - 3" en "Wonen - 4" zijn toegekend, woningen worden gebouwd. Volgens haar bevinden zich in die gronden bodemverontreinigngen, die niet meer kunnen worden gesaneerd als de woningen eenmaal zijn gebouwd.

3. Ter zitting heeft Wooninc verklaard dat geen omgevingsvergunning voor het bouwen van woningen zal worden aangevraagd en dat evenmin feitelijke werkzaamheden zullen worden verricht die strekken tot uitvoering van het plan, totdat de Afdeling uitspraak heeft gedaan in de bodemprocedure. Onder deze omstandigheden ziet de voorzieningenrechter geen grond voor het oordeel dat met het verzoek een spoedeisend belang is gemoeid, zodat het verzoek dient te worden afgewezen. Daarbij gaat de voorzieningenrechter ervan uit dat, indien hangende de bodemprocedure niettemin een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen van de woningen wordt ingediend, hiervan onverwijld mededeling wordt gedaan aan [verzoeker] opdat zij desgewenst een nieuw verzoek om voorlopige voorziening kan indienen.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, als voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. W.S. van Helvoort, griffier.

w.g. Scholten-Hinloopen w.g. Van Helvoort

voorzieningenrechter griffier

Uitgesproken in het openbaar op 3 november 2015

361.