Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2015:2733

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
14-08-2015
Datum publicatie
26-08-2015
Zaaknummer
201505795/2/A4
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Mondelinge uitspraak
Inhoudsindicatie

Bij uitspraak van 29 juni 2015 heeft de rechtbank het door [wederpartij] daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 25 november 2014 vernietigd en bepaald dat het college binnen zes weken na de verzenddatum opnieuw dient te beslissen op het bezwaar van [wederpartij] met inachtneming van hetgeen in de uitspraak is overwogen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201505795/2/A4.

Datum uitspraak: 14 augustus 2015 AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek van het college van burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: Awb) hangende het hoger beroep van: het college,

verzoeker, tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 29 juni 2015 in zaak nr. 14/5483 in het geding tussen: [wederpartij A] en [wederpartij B] (hierna tezamen en in enkelvoud: [wederpartij]), wonend te Makkinga, gemeente Ooststellingwerf, en het college. Openbare zitting gehouden op 14 augustus 2015 om 14.00 uur. Tegenwoordig:

Staatsraad mr. S.F.M. Wortmann voorzieningenrechter griffier: mr. F.B. van der Maesen de Sombreff Verschenen:

Het college, vertegenwoordigd door mr. K.L. Markerink en J. van der Werf, en Motorclub Ooststellingwerf, vertegenwoordigd door [gemachtigden]. Bij besluit van 23 juli 2014 heeft het college afzonderlijke verzoeken van [wederpartij] om handhavend optreden tegen Motorclub Ooststellingwerf afgewezen. Bij besluit van 25 november 2014 heeft het college het door [wederpartij] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 29 juni 2015 heeft de rechtbank het door [wederpartij] daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 25 november 2014 vernietigd en bepaald dat het college binnen zes weken na de verzenddatum opnieuw dient te beslissen op het bezwaar van [wederpartij] met inachtneming van hetgeen in de uitspraak is overwogen. Tegen deze uitspraak heeft het college hoger beroep ingesteld.

Het college heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter: I. wijst het verzoek af; II. draagt het college van burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf op om uiterlijk op 31 augustus 2015 alsnog een besluit te nemen ter uitvoering van de uitspraak van de rechtbank en dit besluit aan partijen en de Afdeling toe te zenden. Daartoe overweegt hij het volgende. Het college heeft verzocht bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat het in afwachting van de uitspraak in hoger beroep geen gevolg hoeft te geven aan de aangevallen uitspraak door binnen de gestelde termijn een nieuw besluit op bezwaar te nemen. Uitgangspunt is dat rechterlijke uitspraken moeten worden uitgevoerd. Hetgeen het college naar voren heeft gebracht, geeft geen aanleiding daar in dit geval anders over te oordelen. Het is niet aannemelijk dat het nemen van een nieuw besluit op bezwaar tot gevolgen zal leiden die onomkeerbaar zijn, indien de uitspraak in hoger beroep niet wordt bevestigd. Daarnaast is het belang van een efficiënte en finale geschillenbeslechting gediend met het nemen van een besluit ter uitvoering van de uitspraak. Dit besluit kan met toepassing van artikel 6:19 van de Awb bij de beoordeling van het hoger beroep worden betrokken. Nu de door de rechtbank gegeven termijn voor het nemen van een nieuw besluit op bezwaar inmiddels is verstreken, ziet de voorzieningenrechter aanleiding het college op te dragen om dit besluit uiterlijk op 31 augustus 2015 alsnog te nemen en bekend te maken. w.g. Wortmann w.g. Van der Maesen de Sombreff

voorzieningenrechter griffier 190-784.