Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2015:2529

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
29-07-2015
Datum publicatie
05-08-2015
Zaaknummer
201409891/2/R2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 20 november 2014 heeft de raad het bestemmingsplan "Verdiepte ligging N237" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

201409891/2/R2.

Datum uitspraak: 29 juli 2015

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid BMU Groep B.V., gevestigd te Soest,

2. [verzoekster sub 2A], gevestigd te Soest en [verzoekster sub 2B], wonend te Soest,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid BMU Bouwprojectmanagement B.V., gevestigd te Soest,

4. [verzoekster sub 4], gevestigd te Soest

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid STABU Beheer B.V., gevestigd te Soest

(hierna: gezamenlijk en in enkelvoud: BMU Groep),

om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

BMU Groep,

verzoekster,

en

de raad van de gemeente Soest,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 20 november 2014 heeft de raad het bestemmingsplan "Verdiepte ligging N237" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft BMU Groep beroep ingesteld.

BMU Groep heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 14 juli 2015, waar BMU Groep, vertegenwoordigd door mr. G.H.J. Heutink, advocaat, en de raad, vertegenwoordigd door mr. S.F. Supusepa, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen. Voorts is ter zitting het college van gedeputeerde staten van Utrecht, vertegenwoordigd door ing. B.J. van de Puttelaar, werkzaam bij de provincie, als partij gehoord.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van heden, in zaak nr. 201409891/1/R2, heeft de Afdeling op het beroep beslist. Derhalve is geen sprake meer van een geding. Daarom dient het verzoek te worden afgewezen.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. P.J.J. van Buuren, als voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. C. Taal, griffier.

w.g. Van Buuren w.g. Taal

voorzieningenrechter griffier

Uitgesproken in het openbaar op 29 juli 2015

325.