Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2015:2474

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
05-08-2015
Datum publicatie
05-08-2015
Zaaknummer
201500807/1/R3
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 6 november 2014 heeft de raad het bestemmingsplan "Herziening groenstroken Hoogerheide - Woensdrecht" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201500807/1/R3.

Datum uitspraak: 5 augustus 2015

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant], wonend te Hoogerheide, gemeente Woensdrecht,

en

de raad van de gemeente Woensdrecht,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 6 november 2014 heeft de raad het bestemmingsplan "Herziening groenstroken Hoogerheide - Woensdrecht" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft [appellant] beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

Daartoe in de gelegenheid gesteld heeft [belanghebbende] een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

[appellant] heeft nadere stukken ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 15 juli 2015, waar [appellant] en de raad, vertegenwoordigd door ing. I. Schalk en ing. K. Kegel, beiden werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.

Overwegingen

1. Bij de vaststelling van een bestemmingsplan heeft de raad beleidsvrijheid om bestemmingen aan te wijzen en regels te geven die de raad uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening nodig acht. De Afdeling toetst deze beslissing terughoudend. Dit betekent dat de Afdeling aan de hand van de beroepsgronden beoordeelt of aanleiding bestaat voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plan strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Voorts beoordeelt de Afdeling aan de hand van de beroepsgronden of het bestreden besluit anderszins is voorbereid of genomen in strijd met het recht.

2. Dit plan voorziet in een planologische regeling voor groenstroken in Hoogerheide, waarmee deze voor de naastgelegen woonbestemming gebruikt kunnen worden. Het plan dient ter aanvulling van het bestemmingsplan "Bebouwde kom Hoogerheide - Woensdrecht", welk plan reeds een soortgelijke regeling bevatte. Deze regeling bleek echter niet volledig. Verder waren in dat bestemmingsplan gronden aangewezen, terwijl zij niet aan een woonbestemming grensden. Voorts waren niet alle als zodanig aanwezen gronden opgenomen. Met dit plan wordt beoogd deze punten te herstellen.

3. [appellant], die aan de [locatie] te Hoogerheide woont, betoogt dat een strook grond die naast zijn woning ligt ten onrechte niet in het plangebied van voorliggend plan is opgenomen. Daartoe voert hij aan dat de strook grond in het ontwerpplan nog wel was opgenomen, maar dat de desbetreffende strook naar aanleiding van de naar voren gebrachte zienswijze van [belanghebbende], zonder [appellant] daarvan op de hoogte te stellen, uit het plan is gehaald. Verder voert [appellant] aan dat de strook grond ten onrechte in het verleden de bestemming "Bos" heeft gekregen, terwijl het slechts gaat om aangeplant groen. Een aantal gemeenteraadsleden was ook die mening toegedaan, maar kon die bestemming niet meer veranderen. Voorts doet [appellant] een beroep op het gelijkheidsbeginsel wat betreft gronden in de buurt die wel verkocht kunnen worden aan derden.

4. De raad stelt zich op het standpunt dat met dit plan niet is beoogd de bestemming van de in het plangebied liggende gronden te wijzigen. De gronden in het plangebied zijn voorzien van een aanduiding, waarmee het gebruik als tuin bij de aangrenzende woning mogelijk wordt gemaakt. Blijkens het gemeentelijke beleid heeft de strook grond naast [appellant] alleen de aanduiding "bos/bosplatsoen" en komt het derhalve niet in aanmerking voor verkoop. Voor zover [appellant] wijst op de gronden achter Schapendreef 8 en 10 stelt de raad dat die gronden in het gemeentelijke beleid de aanduiding "in aanmerking voor verkoop/verhuur" hebben.

5. In het "Groenbeleidsplan gemeente Woensdrecht" (hierna: het groenbeleidsplan), zoals vastgesteld door de raad bij besluit van 7 juli 2011, is het groenbeleid neergelegd voor de inrichting, het gebruik en beheer van het groen. In dit beleid is onderscheid gemaakt in verschillende typen groenstructuren. Bepaald is dat bepaalde groenstroken niet bijdragen aan de groenstructuur van de kern, zodat deze verkocht kunnen worden aan derden. Het college van burgemeester en wethouders heeft dit beleid nader uitgewerkt en heeft bij besluit van 24 januari 2012 gronden aangewezen die in aanmerking komen voor de verkoop aan derden. Deze gronden zijn op de kaart "Gewenste Groenstructuur" aangeduid als "in aanmerking voor verkoop/verhuur". De Afdeling acht dit beleid, terughoudend toetsend, niet onredelijk.

6. De strook grond naast de woning van [appellant] heeft in het bestemmingsplan "Bebouwde kom Hoogerheide - Woensdrecht" de bestemming "Bos". Ingevolge artikel 5, lid 5.1, aanhef en onder a, van de planregels van dat plan zijn de als zodanig aangewezen gronden bestemd voor de aanleg en instandhouding van het bos. Het stuk grond kan dan ook niet ten behoeve van de naastgelegen woonbestemming worden gebruikt.

Vast staat dat de strook grond niet is opgenomen in het plangebied van het voorliggende plan. Dit betekent dat de strook geen aanduiding heeft en het niet voor verkoop in aanmerking komt. Voor zover de strook grond nog wel in het ontwerpplan was opgenomen overweegt de Afdeling dat de raad een plan ten opzichte van het ontwerpplan gewijzigd kan vaststellen. Anders dan [appellant] veronderstelt, bestaat er geen verplichting om eigenaren van gronden in het plangebied hiervan op de hoogte te stellen. Het betoog faalt.

6.1. Op de kaart "Gewenste Groenstructuur" is de strook grond aangeduid als "bos/bosplatsoen". Naar het oordeel van de Afdeling heeft de raad in redelijkheid bij deze kaart kunnen aansluiten. Nu de strook grond niet is aangeduid als "in aanmerking voor verkoop/verhuur" heeft de raad in redelijkheid geen aanleiding gezien om de strook in het plangebied van dit plan op te nemen en te voorzien van een aanduiding. In de enkele stelling dat op de strook grond alleen aangeplant groen aanwezig is, heeft de raad in redelijkheid geen aanleiding gezien om af te wijken van voornoemde kaart.

Voor zover [appellant] betoogt dat de bestemming "Bos" in het bestemmingsplan "Bebouwde kom Hoogerheide - Woensdrecht" ten onrechte aan de strook is toegekend, overweegt de Afdeling dat dat bestemmingsplan onherroepelijk is en hier niet ter toets voorligt. Verder zijn niet de hoofdbestemmingen van gronden bepalend geweest voor de keuze om gronden in voorliggend plan op te nemen, maar de aanduiding "in aanmerking voor verkoop/verhuur" op de kaart "Gewenste Groenstructuur". Voorliggend plan is immers niet opgesteld om nieuwe hoofdbestemmingen vast te stellen, maar om een bestaande regeling te verbeteren, uit te breiden en omissies te repareren.

Over de gemaakte vergelijking met de gronden achter Schapendreef 8 en 10 wordt overwogen dat de raad zich op het standpunt heeft gesteld dat die situatie verschilt van de aan de orde zijnde situatie omdat die gronden in het groenbeleidsplan zijn aanduid als "in aanmerking voor verkoop/verhuur". In hetgeen [appellant] heeft aangevoerd ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat de door hem genoemde situatie niet overeenkomt met de thans aan de orde zijnde situatie.

Het betoog faalt.

7. Gelet op het voorgaande is het beroep ongegrond.

8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. Th.C. van Sloten, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. S.L. Mercker, griffier.

w.g. Van Sloten w.g. Mercker

lid van de enkelvoudige kamer griffier

Uitgesproken in het openbaar op 5 augustus 2015

661.