Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2014:1955

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
28-05-2014
Datum publicatie
28-05-2014
Zaaknummer
201310973/1/A4
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 15 augustus 2012 heeft het college het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen het bedrijf Taxi Frenske op het perceel Veldwezeltstraat 76 te Maastricht (hierna: het perceel) afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201310973/1/A4.

Datum uitspraak: 28 mei 2014

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant A] en [appellant B], wonend te Maastricht (hierna tezamen en in enkelvoud: [appellant]),

tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, van 31 oktober 2013 in zaak nr. 13/229 in het geding tussen:

[appellant]

en

het college van burgemeester en wethouders van Maastricht.

Procesverloop

Bij besluit van 15 augustus 2012 heeft het college het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen het bedrijf Taxi Frenske op het perceel Veldwezeltstraat 76 te Maastricht (hierna: het perceel) afgewezen.

Bij besluit van 10 december 2012 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 31 oktober 2013 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

[appellant] heeft een nader stuk ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 10 april 2014, waar [appellant], bijgestaan door mr. R.A.M. Verkoijen, en het college, vertegenwoordigd door mr. M.E.J.M. Vorstermans-Rompelberg en J.J.H.L. Segers, beiden werkzaam bij de gemeente Maastricht, zijn verschenen. Voorts is ter zitting als partij Taxi Frenske, vertegenwoordigd door S. Boonen, gehoord.

Overwegingen

1. De inrichting van Taxi Frenske betreft een remise voor taxivoertuigen waar taxi's gestald worden en vertrekken voor hun dienst buiten de inrichting en aan het taxiververvoer aanverwante activiteiten uitgevoerd worden. [appellant], woonachtig aan de [locatie] te Maastricht, heeft het college verzocht handhavend op te treden tegen Taxi Frenske, omdat het bedrijf de voorschriften uit het bestemmingsplan en het Activiteitenbesluit milieubeheer zou overtreden. Het college heeft het verzoek afgewezen, omdat Taxi Frenske geen wettelijke voorschriften heeft overtreden.

2. [appellant] betoogt dat de rechtbank, onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling van 9 april 2003 in zaak nr. 200205912/1, ten onrechte heeft overwogen dat artikel 5.5, onder b, van de planvoorschriften van het op 18 september 2012 vastgestelde bestemmingsplan "Maastricht West" een gebodsbepaling bevat waarvan handhaving niet mogelijk is. Daartoe voert hij aan dat de planwetgever het voorschrift bewust aan het bestemmingsplan heeft verbonden en dat het onherroepelijk is, zodat het gehandhaafd dient te worden. Het rechtszekerheidsbeginsel brengt met zich dat de burger erop mag vertrouwen dat door de overheid gestelde regels worden nageleefd en gehandhaafd. De verwijzing door de rechtbank naar de uitspraak van 9 april 2003 is onjuist, omdat het in die zaak om het realiseren van een groenstrook ging, terwijl het hier in feite om een verbodsbepaling gaat, aldus [appellant].

2.1. Ingevolge het tijde van het bestreden besluit geldende bestemmingsplan "Maastricht West/Maastricht West Herziening 1995" rust op het perceel de bestemming 'Bedrijfsdoeleinden'.

Ingevolge artikel 10, eerste lid, van de planvoorschriften, voor zover thans van belang, zijn de als zodanig aangegeven gronden bestemd voor parkeerdoeleinden.

2.2. [appellant] gaat er met zijn betoog aan voorbij dat de rechtbank heeft overwogen dat het college terecht heeft vastgesteld dat het door het personeel parkeren van voertuigen op de openbare weg niet in strijd is met de bestemming bedrijfsdoeleinden als vermeld in het ten tijde van het bestreden besluit geldende bestemmingsplan "Maastricht West/Maastricht West herziening 1995". Het college was derhalve niet bevoegd handhavend op te treden. Het bestemmingsplan "Maastricht West" en de bijbehorende planvoorschriften zijn weliswaar op 18 september 2012 en derhalve voor de totstandkoming van het bestreden besluit vastgesteld. Zij zijn echter eerst op 24 december 2012 in werking getreden, zodat dit bestemmingsplan en de bijbehorende voorschriften ten tijde van de besluiten van 15 augustus 2012 en 10 december 2012 nog niet golden. De overweging van de rechtbank over de aard van artikel 5.5, onder b, van die voorschriften kan daarom niet anders worden verstaan dan als louter ten overvloede gegeven. Hetgeen [appellant] daartegen heeft aangevoerd behoeft dan ook geen bespreking.

De beroepsgrond faalt.

3. [appellant] betoogt verder dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de maximale geluidniveaus in de nachtperiode niet van toepassing zijn op laad- en losactiviteiten, waaronder zij het aankomen en wegrijden van taxi's verstaat. Daartoe voert hij aan dat in artikel 2.17, derde lid, onder b, van het Activiteitenbesluit milieubeheer slechts voor laad- en losactiviteiten gedurende de dagperiode een uitzondering wordt gemaakt op de in tabel 2.17c opgenomen maximale geluidniveaus. Bovendien is volgens hem geen sprake van laad- en losactiviteiten, maar van een reguliere bedrijfssituatie. Nu uit het rapport van Cauberg-Huygen Raadgevende Ingenieurs B.V. van 31 mei 2013 blijkt dat de geluidsvoorschriften van het Activiteitenbesluit milieubeheer worden overschreden, had de rechtbank het besluit van 10 december 2012 moeten vernietigen, aldus [appellant].

3.1. Ingevolge artikel 2.17, eerste lid en onder a, van het Activiteitenbesluit milieubeheheer, geldt voor onder meer het maximaal geluidsniveau (LAmax), veroorzaakt door de in de inrichting aanwezige installaties en toestellen, alsmede door de in de inrichting verrichte werkzaamheden en activiteiten en laad- en losactiviteiten ten behoeve van en in de onmiddellijke nabijheid van de inrichting, dat de niveaus op de in tabel 2.17a genoemde plaatsen en tijdstippen niet meer bedragen dan de in die tabel aangegeven waarden.

Ingevolge het derde lid en onder a geldt, in afwijking van het eerste lid, voor een inrichting die is gelegen op een bedrijventerrein dat het maximaal geluidsniveau (LAmax) op de in tabel 2.17c genoemde plaatsen en tijdstippen niet meer bedraagt dan de in die tabel aangegeven waarden.

3.2. [appellant] heeft aan zijn verzoek om handhaving ten grondslag gelegd dat hij geluidsoverlast ondervindt, onder meer vanwege het aankomen en wegrijden van taxi's. Zoals de rechtbank terecht heeft overwogen vindt deze activiteit plaats op de openbare weg. De in artikel 2.17 van het Activiteitenbesluit milieubeheer vermelde normen hebben weliswaar mede betrekking op in de nabije omgeving van de inrichting verrichte laad- en losactiviteiten ten behoeve van de inrichting maar, anders dan de rechtbank heeft overwogen, is het aankomen bij en het wegrijden van taxi's vanuit Taxi Frenske geen laden of lossen. De door [appellant] ingeroepen geluidsnormen zijn derhalve niet op het aankomen of het wegrijden van de taxi's van toepassing. De rechtbank heeft, zij het op andere gronden, hierin terecht geen aanleiding gezien het bestreden besluit te vernietigen. De beroepsgrond faalt.

4. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient, met verbetering van de gronden waarop zij rust, te worden bevestigd.

5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. Y.E.M.A. Timmerman-Buck, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. H.W. Dekker, ambtenaar van staat.

w.g. Timmerman-Buck w.g. Dekker

lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 28 mei 2014

563.