Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2013:CA3704

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
19-06-2013
Datum publicatie
19-06-2013
Zaaknummer
201111894/2/A4
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBGRO:2011:3180, Meerdere afhandelingswijzen
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 22 september 2009 heeft het college zijn beslissing om spoedeisende bestuursdwang toe te passen ter zake van het verwijderen van gevaarlijke stoffen in een bedrijfspand aan de [locatie] te [plaats] op schrift gesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201111894/2/A4.

Datum uitspraak: 19 juni 2013

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

het college van burgemeester en wethouders van Oldambt,

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Groningen van 31 oktober 2011 in zaak nr. 10/918 in het geding tussen:

[wederpartij 1]

en

het college.

Procesverloop

Bij besluit van 22 september 2009 heeft het college zijn beslissing om spoedeisende bestuursdwang toe te passen ter zake van het verwijderen van gevaarlijke stoffen in een bedrijfspand aan de [locatie] te [plaats] op schrift gesteld.

Bij besluit van 5 augustus 2010 heeft het college het hiertegen door [wederpartij 1] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 31 oktober 2011 heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard om van het door [wederpartij 1] hiertegen ingestelde beroep kennis te nemen. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft het college hoger beroep ingesteld.

[wederpartij 1] heeft een nader stuk ingediend.

Afdeling heeft de zaak gevoegd met zaak nr. 201111894/1/A4 ter zitting behandeld op 19 april 2013, waar het college, vertegenwoordigd door J. Polkerman en mr. P.M.J. de Goede, advocaat te Groningen, is verschenen. Na de zitting zijn de zaken gesplitst.

Overwegingen

1. Het college heeft ter zitting meegedeeld dat het geen belang heeft bij een uitspraak op het hoger beroep indien het beroep van [wederpartij 1] en [wederpartij 2] tegen zijn besluit van 22 september 2009 in zaak nr. 201111894/1/A4 ongegrond wordt verklaard.

2. Bij uitspraak van heden in zaak nr. 201111894/1/A4 (www.raadvanstate.nl) is het beroep van [wederpartij 1] en [wederpartij 2] ongegrond verklaard. Dit betekent dat het college geen belang meer heeft bij een uitspraak op het hoger beroep.

3. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. verklaart het hoger beroep van het college van burgemeester en wethouders van Oldambt niet-ontvankelijk;

II. bepaalt dat van het college van burgemeester en wethouders van Oldambt een griffierecht van € 454,00 (zegge: vierhonderdvierenvijftig euro) wordt geheven.

Aldus vastgesteld door mr. J.H. van Kreveld, voorzitter, en mr. M.W.L. Simons-Vinckx en mr. N. Verheij, leden, in tegenwoordigheid van mr. F.B. van der Maesen de Sombreff, ambtenaar van staat.

w.g. Van Kreveld w.g. Van der Maesen de Sombreff

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 19 juni 2013

190-732.