Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2013:BZ9052

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
01-05-2013
Datum publicatie
01-05-2013
Zaaknummer
201211473/1/R3
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 12 juni 2012 heeft het college een hogere waarde vastgesteld als de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting op de gevel van een woning aan de [locatie] te Haren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201211473/1/R3.

Datum uitspraak: 1 mei 2013

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant], wonend te Macharen, gemeente Oss,

en

het college van burgemeester en wethouders van Oss,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 12 juni 2012 heeft het college een hogere waarde vastgesteld als de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting op de gevel van een woning aan de [locatie] te Haren.

Tegen dit besluit heeft [appellant] beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 18 maart 2013, waar het college, vertegenwoordigd door mr. J.J. Witte, werkzaam bij de gemeente, is verschenen.

Overwegingen

1. Ingevolge artikel 1:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) wordt onder belanghebbende verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken.

2. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in de uitspraak van 27 mei 2009, zaak nr. 200805817/1/M2, zijn bij een besluit, zoals thans ter beoordeling, rechtstreeks de belangen betrokken van een persoon die door de realisering van de voorgenomen activiteit rechtstreeks in zijn belangen wordt geraakt.

3. [appellant] is geen eigenaar van de woning aan de [locatie] te Haren. Evenmin is hij hiervan de bewoner of toekomstige bewoner. [appellant] heeft geen feiten of omstandigheden aangevoerd in verband waarmee zou moeten worden geoordeeld dat ondanks de afstand van zijn woning tot de woning aan de [locatie] een objectief en persoonlijk belang van hem rechtstreeks door het besluit wordt geraakt. De conclusie is dat [appellant] geen belanghebbende is bij het bestreden besluit als bedoeld in artikel 1:2, eerste lid, van de Awb en dat hij daartegen geen beroep kan instellen.

4. Het beroep van [appellant] is niet-ontvankelijk.

5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, voorzitter, en drs. W.J. Deetman en mr. J. Hoekstra, leden, in tegenwoordigheid van mr. W.S. van Helvoort, ambtenaar van staat.

w.g. Scholten-Hinloopen w.g. Van Helvoort

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 1 mei 2013

361.