Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2013:BY9964

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
30-01-2013
Datum publicatie
30-01-2013
Zaaknummer
201109195/1/R2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 5 juli 2011, kenmerk 2011.0.024.650, heeft de raad het bestemmingsplan "Presikhaaf 3" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Milieurecht Totaal 2013/2581
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201109195/1/R2.

Datum uitspraak: 30 januari 2013

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

de vereniging Vereniging van Eigenaren Sanders Maisonettes, gevestigd te Arnhem (hierna: de VVE),

en

de raad van de gemeente Arnhem,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 5 juli 2011, kenmerk 2011.0.024.650, heeft de raad het bestemmingsplan "Presikhaaf 3" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft de VVE beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening heeft desverzocht een deskundigenbericht uitgebracht.

De VVE en de raad hebben hun zienswijzen daarop naar voren gebracht.

De VVE heeft nadere stukken ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 15 augustus 2012, waar de VVE, vertegenwoordigd door ing. B.J. Derix, bijgestaan door mr. K.J.T.M. Hehenkamp, advocaat te Amsterdam, en de raad, vertegenwoordigd door ing. B. Lagerberg en M. Rijke, zijn verschenen.

Overwegingen

Het plan

1.    Het plan is hoofdzakelijk een zogenoemd conserverend plan voor de woonbuurt Presikhaaf 3. Voorts wordt met het plan onder meer beoogd te voorzien in enkele aanpassingen aan de Lange Wal bij de kruising met de Lange Water. Het betreft het versmallen van de Lange Wal, het vervangen van de wegdekverharding van klinkers door zogenoemd steenmastiekasfalt (SMA), het uitbreiden van het aantal opstelstroken voor auto’s van twee naar drie en het toevoegen van een vrije opstelstrook voor de bus, uitgevoerd met betonplaten.

Intrekken beroepsgrond

2.    De VVE heeft haar beroepsgrond met betrekking tot de bestemming "Groen" nabij de drie appartementengebouwen ter plaatse van De Houtmanstraat 69 tot en met 111, De Houtmanstraat 32 tot en met 74 en Lange Wal 82 tot en met 124 (hierna: de appartementen) ter zitting ingetrokken.

Ter inzagelegging

3.    De VVE stelt dat de op 25 maart 2011 uitgebrachte rapporten "Reconstructieonderzoek project Lange Wal - Lange Water" (hierna: het reconstructierapport) en "Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai" (hierna: het akoestisch rapport), die beide in opdracht van de gemeente zijn verricht door DGMR, na de ter inzagelegging van het ontwerpplan tot stand zijn gekomen en pas aan haar ter beschikking werden gesteld op de avond van de raadsvergadering waarin werd besloten het plan vast te stellen. De VVE heeft ter zitting voorts betoogd dat in de bekendmaking van het vaststellingsbesluit ten onrechte niet expliciet is vermeld dat voormelde rapporten na het ter visie leggen van het ontwerpplan zijn uitgebracht.

3.1.    Het feit dat voormelde rapporten na het ter visie leggen van het ontwerpplan zijn uitgebracht, geeft geen aanleiding voor het oordeel dat het plan onzorgvuldig is voorbereid. Geen rechtsregel verplicht ertoe met de ter visielegging van het ontwerpplan te wachten totdat nadere onderzoeksrapporten zijn uitgebracht. Voorts is niet aannemelijk geworden dat de VVE in haar belangen is geschaad doordat de rapporten kort voor de raadsvergadering waarin het plan is vastgesteld aan haar ter beschikking zijn gesteld. Het betoog faalt.

3.2.    De toetsing van het bestreden besluit door de Afdeling wordt verricht aan de hand van de feiten zoals die zich voordeden en het recht dat gold ten tijde van het nemen van dat besluit. Nu de bekendmaking van het vaststellingsbesluit dateert van na het nemen van het bestreden besluit, heeft de beroepsgrond dat in de bekendmaking niet expliciet is vermeld dat voormelde rapporten na het ter visie leggen van het ontwerpplan zijn uitgebracht, betrekking op een mogelijke onregelmatigheid van na de datum van het bestreden besluit. Deze beroepsgrond kan reeds om die reden de rechtmatigheid van het bestreden besluit niet aantasten.

Reconstructie

4.    De VVE kan zich niet verenigen met het plandeel dat voorziet in de aanpassingen aan de Lange Wal. Zij stelt dat deze aanpassingen zullen leiden tot een onaanvaardbare geluidbelasting op de appartementen. Zij betoogt dat sprake is van een reconstructie in de zin van artikel 1 van de Wet geluidhinder (hierna: Wgh) en dat ten onrechte niet is onderzocht of aan de voorkeursgrenswaarden van de Wgh kan worden voldaan dan wel hogere waarden moeten worden vastgesteld. De VVE betwist in dat kader de conclusie uit het reconstructierapport dat de geluidbelasting op de appartementen vanwege de Lange Wal ten hoogste met 1 dB toeneemt. Onder verwijzing naar het op 2 maart 2012 uitgebrachte verbeterde rapport "Geluidssituatie woonflats Houtmanstraat Arnhem" dat in opdracht van onder andere de VVE is verricht door Goudappel Coffeng (hierna: het Goudappel-rapport) voert zij aan dat bij het bepalen van de heersende waarde moet worden uitgegaan van de situatie in 2010 waarin de afschermende schoolgebouwen nog aanwezig waren. De VVE stelt voorts dat indien minder gunstig gelegen woningen zouden zijn beschouwd, een geluidtoename van 1,50 dB in plaats van ten hoogste 1,47 dB zou zijn geconstateerd welke had moeten worden afgerond naar 2 dB. De VVE wijst er voorts op dat geen rekening is gehouden met een toename van de verkeersintensiteit op de Lange Wal tussen 2010 en 2021. In het Goudappel-rapport is uitgegaan van dezelfde verkeersintensiteiten als het reconstructierapport omdat geen rekening worden gehouden met een toename van de verkeersintensiteit. De hogere verkeersintensiteit leidt volgens de VVE evenwel tot een extra geluidbelasting van 3 dB bovenop de toename van geluidbelasting vanwege de Lange Wal die is berekend in het Goudappel-rapport.

4.1.    De raad stelt zich onder verwijzing naar het reconstructierapport op het standpunt dat geen sprake is van een reconstructie van de Lange Wal in de zin van de Wgh. De raad stelt voorts dat de geluidbelasting ten gevolge van de Lange Wal op de appartementen nergens toeneemt nu de wegdekverharding van klinkers van de Lange Wal wordt vervangen door asfalt. Naar de raad stelt, waren de schoolgebouwen reeds gesloopt op het moment dat de aanpassingen aan de Lange Wal werden uitgevoerd, zodat deze situatie moet worden beschouwd bij het bepalen van de heersende waarde. Bij de berekening van de verkeersintensiteiten is naar de raad stelt gebruik gemaakt van de verkeersgegevens voor de peiljaren 2009 en 2019, zoals die zijn opgenomen in de Regionale Verkeer en Milieukaart november 2010 (hierna: het RVMK).

4.2.    Ingevolge artikel 1 van de Wgh, voor zover hier van belang, wordt onder reconstructie van een weg begrepen: een of meer wijzigingen op of aan een aanwezige weg ten gevolge waarvan uit akoestisch onderzoek als bedoeld in artikel 77, eerste lid, onder a, en artikel 77, derde lid, blijkt dat de berekende geluidbelasting vanwege de weg in het toekomstig maatgevende jaar zonder het treffen van maatregelen ten opzichte van de geluidbelasting die op grond van artikel 100 als de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting geldt met 2 dB of meer wordt verhoogd.

Ingevolge artikel 1b, zesde lid, aanhef en onder b, wordt in afwijking van artikel 1 onder wijziging op of aan een weg niet verstaan een wijziging die slechts bestaat uit de vervanging van een wegdeklaag door een wegdeklaag met dezelfde of een grotere geluidreducerende werking.

Ingevolge artikel 77, eerste lid, aanhef en onder a, voor zover hier van belang, wordt bij het voorbereiden van de vaststelling van het bestemmingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, behorende tot een zone als bedoeld in artikel 74, vanwege het college van burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek ingesteld naar de geluidbelasting die door woningen binnen de zone, vanwege de weg zou worden ondervonden zonder de invloed van maatregelen die de geluidbelasting beperken.

Ingevolge artikel 77, derde lid, wordt, indien de vaststelling van het bestemmingsplan betrekking heeft op de reconstructie van een weg, tevens akoestisch onderzoek ingesteld naar de heersende waarde.

Ingevolge artikel 100, eerste lid, voor zover hier van belang, bedraagt de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting vanwege een te reconstrueren weg, van de gevel van woningen binnen de zone 48 dB behoudens het derde lid.

Ingevolge artikel 100, derde lid, voor zover hier van belang, geldt ingeval de weg op 1 januari 2007 aanwezig was en niet eerder een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege de te reconstrueren weg is vastgesteld dan 48 dB, en de heersende waarde hoger is dan 48 dB, als de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege de te reconstrueren weg, van de gevel van woningen binnen de zone die op 1 januari 2007 aanwezig waren de heersende waarde.

Ingevolge artikel 100a, eerste lid, voor zover hier van belang, kan voor de ter plaatse ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van de gevel van woningen een hogere waarde dan de ingevolge artikel 100 geldende worden vastgesteld.

4.3.    Niet in geschil is dat de in overweging 1 genoemde aanpassingen van de Lange Wal een of meer wijzigingen op of aan een aanwezige weg in de zin van artikel 1 van de Wgh betreffen. In het onderhavige geval dient ook het vervangen van klinkers door asfalt als wijziging in voormelde zin te worden aangemerkt, nu de wijziging op of aan de weg niet enkel bestaat uit vervanging van de wegdeklaag. Derhalve dient te worden bepaald of ten gevolge van de wijzigingen op of aan de Lange Wal de geluidbelasting die de gewijzigde Lange Wal in het toekomstige maatgevende jaar zonder het treffen van maatregelen zou opleveren, ten opzichte van de geluidbelasting die op grond van artikel 100 als ten hoogste toelaatbare waarde geldt, met 2 dB of meer wordt verhoogd.

4.4.    Ten behoeve van het plan is onderzoek verricht om te bepalen of de onder 1 genoemde aanpassingen van de Lange Wal een reconstructie in de zin van de Wgh betreffen. Daarbij is gebruik gemaakt van de Standaardrekenmethode II die is beschreven in bijlage III van het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2006 (hierna: RMV 2006). De resultaten van dit onderzoek zijn neergelegd in het reconstructierapport.

In het reconstructierapport is bepaald welke geluidbelasting van de Lange Wal zonder de aanpassingen ingevolge artikel 100 van de Wgh als de ten hoogste toelaatbare geldt. Daarbij is uitgegaan van de situatie waarin de afschermende schoolgebouwen tussen de Lange Water en de appartementen niet meer aanwezig waren.

Voorts is de geluidbelasting van de gewijzigde Lange Wal in het toekomstige maatgevende jaar 2021 bepaald. Daarbij is uitgegaan van de toekomstige jaargemiddelde verkeersintensiteit en van de situatie dat geen nieuwe, afschermende bebouwing zal worden gerealiseerd.

In het reconstructierapport wordt geconcludeerd dat de geluidbelasting vanwege de Lange Wal, indien rekening wordt gehouden met het geluidreducerende effect van het vervangen van de wegdekverharding van klinkers door SMA, in het toekomstig maatgevende jaar 2021 ten opzichte van de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting ten hoogste met 0,22 dB toeneemt.

4.5.    In het Goudappel-rapport is voor het bepalen van de geluidbelasting van de ongewijzigde Lange Wal die ingevolge artikel 100 van de Wgh als de ten hoogste toelaatbare geldt, uitgegaan van de situatie in het jaar 2010 waarin de afschermende schoolgebouwen tussen de Lange Water en de appartementen nog wel aanwezig waren. Voorts is de geluidbelasting van de gewijzigde Lange Wal in het toekomstige maatgevende jaar 2021 bepaald. Daarbij is, net als in het reconstructierapport, uitgegaan van de situatie dat geen nieuwe, afschermende bebouwing zal worden gerealiseerd. In het Goudappel-rapport wordt geconcludeerd dat door de toepassing van SMA 0/11 ten gevolge van de Lange Wal nergens meer sprake is van een geluidtoename boven de grens van 48 dB. Hiermee is volgens het Goudappel-rapport een juridische reconstructiesituatie, en een noodzaak tot het treffen van extra geluid beperkende maatregelen afgewend.

4.6.    In het StAB-advies zijn de uitgangspunten van het  reconstructierapport en het Goudappel-rapport met elkaar vergeleken. Volgens het StAB-advies wordt, indien de situatie in 2010 waarin de afschermende schoolbebouwing nog aanwezig was wordt vergeleken met de situatie in 2021 zonder afschermde bebouwing, door het toepassen van SMA 0/11 het zogenoemde reconstructie-effect weggenomen.

4.7.    In het Goudappel-rapport is, anders dan in het reconstructierapport, bij het bepalen van de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting uitgegaan van de situatie in 2010 waarin de afschermende schoolgebouwen nog aanwezig waren. Voorts is volgens het StAB-advies in het Goudappel-rapport, anders dan in het reconstructierapport, gerekend met het wegdektype "referentiewegdek", dat wat betreft akoestische eigenschappen vergelijkbaar is met SMA 0/11. Anders dan de VVE stelt, volgt uit het Goudappel-rapport niet de conclusie dat de aanpassingen aan de Lange Wal een reconstructie in de zin van de Wgh zijn. Hetgeen de VVE ten aanzien van de twee voormelde aspecten heeft aangevoerd, geeft derhalve geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat de aanpassingen aan de Lange Wal geen reconstructie in de zin van de Wgh betreffen.

4.8.    Wat betreft de stelling van de VVE dat is uitgegaan van een te lage verkeersintensiteit op de Lange Wal in het toekomstige maatgevende jaar 2021, overweegt de Afdeling het volgende.

Voor de berekening van de verkeersintensiteit op de Lange Wal in het toekomstige maatgevende jaar 2021 is volgens paragraaf 4.2 van het reconstructierapport gebruik gemaakt van de verkeersgegevens uit 2019 die zijn opgenomen in de Regionale Verkeer en Milieukaart november 2010 (hierna: de RVMK). Deze verkeersgegevens zijn met 1,5% per jaar opgehoogd naar 2021. De etmaalintensiteit in 2021 bedraagt volgens tabel 3 van het reconstructierapport 10.180 mvt/etmaal. Volgens het StAB-advies bestaat geen reden om te twijfelen aan deze gehanteerde verkeersintensiteiten. In het Goudappel-rapport is uitgegaan van dezelfde verkeersintensiteiten als in het reconstructierapport.

De Afdeling volgt de VVE niet in haar stelling dat sprake is van een reconstructie omdat de verkeersintensiteit in het toekomstige maatgevende jaar 2021 met 40% tot 50% zal toenemen, dan wel vanwege gestelde onjuistheden in de RVMK zelfs nog groter zal zijn, nu de VVE deze stelling onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt met de door haar overgelegde nadere stukken.

4.9.    De VVE heeft niet aannemelijk gemaakt dat de in het reconstructieonderzoek gekozen rekenpunten onvoldoende representatief zijn voor het bepalen van de geluidbelasting vanwege de Lange Wal. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat de door de VVE aangehaalde toename van de geluidbelasting van 1,47 dB op enkele rekenpunten volgens het StAB-advies wordt veroorzaakt door het wegverkeer op de Lange Water en niet door het wegverkeer op de Lange Wal.

4.10.    Het RMV 2006 vereist niet dat rekening wordt gehouden met het optrekken en afremmen van bussen nabij een bushalte. Volgens het StAB-rapport zijn de busbewegingen meegenomen in de verkeerscijfers van het reconstructierapport. In het Goudappel-rapport is gebruik gemaakt van dezelfde verkeerscijfers. Volgens het StAB-advies zijn in het reconstructierapport, noch in het Goudappel-rapport de busstrook en bushalteplaats afzonderlijk gemodelleerd. De bushalte was reeds aanwezig in de referentiesituatie en het effect van het apart modelleren van de busstrook als betonplaten op de totale geluidbelasting is te verwaarlozen, aldus het StAB-advies. De VVE heeft dit niet gemotiveerd betwist.

4.11.    De conclusie is dat de raad zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de met het plan mogelijk gemaakte aanpassingen aan de Lange Wal geen reconstructie betreffen als bedoeld in artikel 1 van de Wgh. Het betoog faalt.

Cumulatieve geluidhinder

5.    De VVE betoogt voorts dat ter plaatse van de appartementen geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd nu het verkeersgeluid van zowel de Lange Wal als de Lange Water direct op de gevels van de appartementen komt. Zij wijst erop dat de appartementen zijn geïsoleerd toen de schoolgebouwen nog aanwezig waren en stellen dat toendertijd geen rekening is gehouden met de wijzigingen aan de Lange Wal en de sloop van de schoolgebouwen. Voorts stelt de VVE dat onzeker is of voor de appartementen een binnenniveau van 33 dB zal kunnen worden gehaald. Zij stelt dat te verwachten is dat dit niet het geval zal zijn.

5.1.    De raad stelt zich op het standpunt dat het plan hoofdzakelijk conserverend van aard is en dat ter plaatse van de appartementen een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd.

5.2.    De Lange Wal en de Lange Water zijn reeds aanwezige wegen en de appartementen zijn reeds aanwezige woningen. Het plan brengt hierin geen verandering. Gelet hierop is ingevolge artikel 76, derde lid, van de Wgh afdeling 2 van hoofdstuk VI van de Wgh niet van toepassing.

5.3.    Ingevolge artikel 110f, eerste lid, van de Wgh, dient, indien een van de volgende onderdelen van deze wet of van het krachtens deze onderdelen bepaalde:

a. Afdeling 1 en afdeling 2 van hoofdstuk V,

b. Afdeling 2, 2a, 3 en 4 van hoofdstuk VI,

c. hoofdstuk VII, en

d. hoofdstuk VIII,

van toepassing is op woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen gelegen in twee of meer aanwezige of toekomstige geluidszones als bedoeld in de artikelen 40, 52, 74, 106b en 108, of als vastgesteld krachtens artikel 107, dan wel in één of meer hiervoor genoemde geluidszones alsmede in een met het oog op de geluidsbelasting vastgesteld beperkingengebied als bedoeld in hoofdstuk 8 of artikel 10.17 van de Wet luchtvaart, degene, die bij of krachtens deze wet verplicht is tot het verrichten van een akoestisch onderzoek, ter plaatse van die woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen, overeenkomstig de door Onze Minister gestelde regels, tevens onderzoek te doen naar de effecten van de samenloop van de verschillende geluidsbronnen. Aangegeven dient te worden op welke wijze met de samenloop rekening is gehouden bij de te treffen maatregelen.

5.4.    Nu voornoemde in artikel 110f, eerste lid, genoemde situatie zich in dit geval niet voordoet, bestaat op grond van de Wgh geen verplichting tot het verrichten van onderzoek naar de cumulatieve effecten van de Lange Wal en de Lange Water. Niettemin kunnen zich ook buiten de gevallen waarin de Wgh voorschrijft onderzoek te verrichten naar de cumulatieve geluidbelasting gevallen voordoen waarin rekening moet worden gehouden met een negatieve invloed van cumulatieve geluidbelasting op het woon- en leefklimaat ter plaatse van bepaalde woningen. Om een goede afweging te maken in het kader van een goede ruimtelijke ordening dient in die gevallen onderzoek te worden verricht naar de cumulatieve geluidbelasting op de gevel van de betrokken woningen. Niet is gebleken van een dergelijk onderzoek ten tijde van het nemen van het bestreden besluit. Dit klemt te meer nu in het onderhavige geval uit het reconstructie-rapport volgt dat de Lange Wal onderscheidenlijk de Lange Water op delen van de gevels van de appartementen een hogere geluidbelasting veroorzaken dan de richtwaarde van 48 dB uit de Wgh.

In hetgeen de VVE heeft aangevoerd ziet de Afdeling aanleiding voor het oordeel dat het bestreden besluit, voor zover daarbij het plandeel met de bestemming "Verkeer - Wegverkeer" ter plaatse van de onder overweging 1 genoemde aanpassingen aan de Lange Wal is vastgesteld, is genomen in strijd met de bij het voorbereiden van een besluit te betrachten zorgvuldigheid. Het betoog slaagt. Het beroep is gegrond. Het bestreden besluit dient in zoverre wegens strijd met artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht te worden vernietigd.

5.5.    De Afdeling ziet aanleiding te bezien of de rechtsgevolgen in stand kunnen worden gelaten nu inmiddels in het Goudappel-rapport de gecumuleerde geluidbelasting op de appartementen is bezien. Daarbij is er vanuit gegaan dat ter plaatse van de voorheen aanwezige afschermende schoolgebouwen geen nieuwe bebouwing wordt gerealiseerd, hoewel het plan wel in die mogelijkheid voorziet. Volgens het Goudappel-rapport zal de gecumuleerde geluidbelasting op de geluidgevoelige meetpunten ten hoogste 63 dB bedragen. De raad heeft zich ter zitting op het standpunt gesteld dat een dergelijke gecumuleerde geluidbelasting in een stedelijk gebied aanvaardbaar is. De Afdeling ziet in hetgeen de VVE heeft aangevoerd geen aanleiding voor het oordeel dat de raad, bij afweging van de betrokken belangen, zich niet in redelijkheid op dit standpunt heeft kunnen stellen.

De Afdeling ziet dan ook aanleiding de overige beroepsgronden te bespreken.

5.6.    Ingevolge artikel 111, tweede lid, van de Wgh treft, indien met betrekking tot gevels van aanwezige woningen een hogere geluidsbelasting dan 48 dB vanwege een weg, als de ten hoogste toelaatbare is vastgesteld, het college van burgemeester en wethouders met betrekking tot de geluidwering van die gevels, ingeval het een weg betreft die na 1 januari 1982 is of wordt aangelegd en is opgenomen in een overeenkomstig de artikelen 76 en 77 vastgesteld bestemmingsplan, dan wel na dat tijdstip ingevolge een besluit, genomen met toepassing van de artikelen 79 tot en met 81, is aangelegd, maatregelen om te bevorderen dat de geluidsbelasting binnen de woning bij gesloten ramen ten hoogste 33 dB bedraagt.

Ingevolge artikel 112, aanhef en onder a, voor zover hier van belang, treft het college van burgemeester en wethouders indien met betrekking tot aanwezige woningen toepassing is gegeven aan artikel 100a van deze wet met betrekking tot de geluidwering van de gevels van de betrokken woningen maatregelen om te bevorderen dat de geluidsbelasting, vanwege de weg, binnen de woning bij gesloten ramen na de reconstructie ingeval voor de betrokken woningen bij de reconstructie voor de eerste maal een hogere waarde dan 48 dB, voor de geluidsbelasting van de gevel, vanwege de weg, is vastgesteld ten hoogste 33 dB bedraagt.

5.7.    Voor zover de VVE heeft aangevoerd dat de wettelijke binnenwaarde van 33 dB een hogere geluidsisolatie vereist dan waarvan de appartementengebouwen thans zijn voorzien, overweegt de Afdeling dat dit betoog is gebaseerd op het onjuiste uitgangspunt dat de binnenwaarde van 33 dB geldt voor de cumulatieve geluidsbelasting vanwege de Lange Wal en de Lange Water. Hierbij neemt zij in aanmerking dat de binnenwaarde van 33 dB uit voormelde bepalingen geldt bij het vaststellen van hogere waarden voor geluidsbelasting vanwege een weg. Deze waarde geldt aldus niet voor de cumulatieve geluidsbelasting van meerdere wegen.

In hetgeen de VVE heeft aangevoerd ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat de raad niet heeft kunnen afzien van een onderzoek naar het binnengeluidniveau van de appartementen.

Akoestisch rapport

6.    Aan het betoog dat het akoestisch rapport op onjuiste uitgangspunten is gebaseerd kan worden voorbijgegaan, nu blijkens het voorgaande dit rapport noch voor de vraag of het plan in overeenstemming is met het bepaalde in de Wgh noch voor de vraag of sprake is van een onaanvaardbare cumulatieve geluidhinder van belang is. Dat het akoestisch rapport op onjuiste uitgangspunten zou zijn gebaseerd kan, wat daar ook van zij, derhalve niet leiden tot vernietiging van het bestreden besluit.

Conclusie

7.    Gelet op het vorenstaande ziet de Afdeling aanleiding met toepassing van artikel 8:72, derde lid, van de Awb de rechtsgevolgen van het bestreden besluit, voor zover vernietigd, in stand te laten.

8.    De raad dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I.    verklaart het beroep gegrond;

II.    vernietigt het besluit van de raad van de gemeente Arnhem van 5 juli 2011, kenmerk 2011.0.024.650, voor zover het betreft het plandeel met de bestemming "Verkeer - Wegverkeer" ter plaatse van de onder overweging 1 genoemde aanpassingen aan de Lange Wal;

III.    bepaalt dat de rechtsgevolgen van dat besluit, voor zover vernietigd, in stand blijven;

IV.    veroordeelt de raad van de gemeente Arnhem tot vergoeding van bij de vereniging Vereniging van Eigenaren Sanders Maisonettes in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.219,32 (zegge: twaalfhonderdnegentien euro en tweeëndertig cent), waarvan € 1.180,00 is toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand;

V.    gelast dat de raad van de gemeente Arnhem aan de vereniging Vereniging van Eigenaren Sanders Maisonettes het door haar voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 302,00 (zegge: driehonderdtwee euro) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. W.D.M. van Diepenbeek, voorzitter, en mr. N.S.J. Koeman en mr. J. Kramer, leden, in tegenwoordigheid van mr. P.F.W. Tuit, ambtenaar van.

w.g. Van Diepenbeek    w.g. Tuit

voorzitter    ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 30 januari 2013

59-743.