Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2013:2420

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
29-11-2013
Datum publicatie
11-12-2013
Zaaknummer
201203860/2/A2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij tussenuitspraak van 10 juli 2013 heeft de Afdeling de minister opgedragen om binnen achttien weken na verzending daarvan een nieuw besluit te nemen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201203860/2/A2.

Datum beschikking: 29 november 2013

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Beschikking van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek van:

de minister van Infrastructuur en Milieu,

verzoeker,

om verlenging (artikel 8:51a, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht) van de bij tussenuitspraak van 10 juli 2013, in zaak nr. 201203860/1/A2, bepaalde termijn voor het herstellen van het bij die uitspraak geconstateerde gebrek in het bestreden besluit.

Procesverloop

Bij tussenuitspraak van 10 juli 2013 heeft de Afdeling de minister opgedragen om binnen achttien weken na verzending daarvan een nieuw besluit te nemen.

Bij brief van 8 november 2013 heeft de minister de Afdeling verzocht om deze termijn te verlengen.

Bij brief van 20 november 2013 heeft [appellante] een reactie ingediend.

Overwegingen

1. De minister heeft verzocht om verlenging van de termijn voor het nemen van een nieuw besluit tot en met 31 januari 2014, omdat er een inhoudelijke heroverweging van het verzoek om nadeelcompensatie moet plaatsvinden en de geleden schade moet worden vastgesteld, waarvoor een nieuw deskundigenrapport noodzakelijk is. Het deskundigenonderzoek is nog niet afgerond.

2. [ appellante] heeft bericht geen bezwaar te hebben tegen de verlenging van de termijn als verzocht door de minister.

3. De voor herstel van een gebrek in het bestreden besluit bepaalde termijn is een bindende termijn. Slechts in bijzondere gevallen kan na een gemotiveerd verzoek verlenging van deze termijn worden verleend. Het verzoek moet binnen de bij de tussenuitspraak bepaalde termijn worden ingediend.

4. De Afdeling ziet in het aangevoerde aanleiding de termijn waarbinnen een nieuw besluit moet worden genomen te verlengen.

Beschikking

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verlengt de bij haar uitspraak van 10 juli 2013 bepaalde termijn tot

1 februari 2014.

Aldus vastgesteld door mr. T.G. Drupsteen, voorzitter, en mr. J.C. Kranenburg en mr. P.A. Koppen, leden, in tegenwoordigheid van mr. J. Wieland, ambtenaar van staat.

w.g. Drupsteen w.g. Wieland

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 29 november 2013

502-756.