Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2012:BX0309

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
04-07-2012
Datum publicatie
04-07-2012
Zaaknummer
201111695/1/R1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 13 september 2011, kenmerk 11G201040, heeft de raad het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
TBR 2012/149 met annotatie van H.J. de Vries
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201111695/1/R1.

Datum uitspraak: 4 juli 2012

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant A] en [appellant B], beiden wonend te Hengelo,

appellanten,

en

de raad van de gemeente Hengelo (Ov),

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 13 september 2011, kenmerk 11G201040, heeft de raad het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35" vastgesteld.

Tegen dit besluit hebben [appellanten] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 8 november 2011, beroep ingesteld.

Bij besluit van 24 april 2012, kenmerk 12G200322, heeft de raad het besluit van 13 september 2011 gewijzigd (hierna: het wijzigingsbesluit).

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

De raad en [appellanten] hebben nadere stukken ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 13 juni 2012, waar [appellanten], bijgestaan door mr. H.U. van der Zee, juridisch adviseur bij DAS Rechtsbijstand en de raad, vertegenwoordigd door D.C. Bouwhuis-Zwierstra, P.L. Drent en J.S. Schilstra, allen werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen. Voorts is als partij de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Hotel 't Lansink Beheer B.V. (hierna: Hotel 't Lansink), vertegenwoordigd door mr. S.P.M. Schaap, advocaat te Enschede, en W. Beugelink, A.R.F. Frederik en P.A.J. Bouwman Zonnewee, ter zitting gehoord.

2. Overwegingen

De plannen

2.1. Het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35" voorziet in de vestiging van een aantal hotelkamers op het perceel C.T. Storkstraat 35 te Hengelo (Ov) ten behoeve van Hotel 't Lansink op het tegenovergelegen perceel C.T. Storkstraat 18. Bij het wijzigingsbesluit is het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35" geheel opnieuw gewijzigd vastgesteld. Met het wijzigingsbesluit beoogt de raad voor het perceel C.T. Storkstraat 35 het bouwvlak te verkleinen en te voorzien in een aangepaste maximale bouwhoogte.

2.2. Ingevolge artikel 6:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) brengt het aanhangig zijn van bezwaar of beroep tegen een besluit geen verandering in een los van het bezwaar of beroep reeds bestaande bevoegdheid tot intrekking of wijziging van dat besluit. In het tweede lid van dit artikel is bepaald dat het bestuursorgaan dat overgaat tot intrekking of wijziging van het bestreden besluit, daarvan onverwijld mededeling doet aan het orgaan waarbij het bezwaar of beroep aanhangig is.

Ingevolge artikel 6:19, eerste lid, van de Awb wordt, indien een bestuursorgaan een besluit heeft genomen als bedoeld in artikel 6:18, het bezwaar of beroep mede geacht te zijn gericht tegen het nieuwe besluit, tenzij dat besluit aan het bezwaar of beroep geheel tegemoet komt.

2.3. De Afdeling merkt het wijzigingsbesluit aan als een besluit als bedoeld in artikel 6:18 van de Awb, nu dit besluit beoogt te voorzien in het herstellen van gebreken in het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35". Daar het wijzigingsbesluit en het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35" voorzien in dezelfde planologische ontwikkeling, dient gelet op artikel 6:19, eerste lid, van de Awb het beroep van [appellanten], nu het wijzigingsbesluit niet geheel aan hun beroep tegemoet komt, geacht te worden mede te zijn gericht tegen dat besluit.

Het beroep van [appellanten] tegen het wijzigingsbesluit

2.4. [appellanten] betogen dat het wijzigingsbesluit leidt tot een aantasting van hun woon- en leefklimaat, in het bijzonder door inkijk vanuit het hotel in hun woning en tuin. Voorts betogen [appellanten] dat de raad ten onrechte aan het gedeelte van perceel C.T. Storkstraat 35 dat thans wordt gebruikt als tuin een bouwvlak heeft toegekend. Verder betogen [appellanten] dat het wijzigingsbesluit leidt tot hinder en overlast. In het bijzonder vrezen zij hinder en overlast door de vestiging van de hoofdingang van het hotel direct naast hun tuin en de plaatsing van afvalcontainers in het tuingedeelte op het perceel C.T. Storkstraat 35. De raad had, teneinde hinder en overlast te voorkomen, regels omtrent het gebruik van de tuin van het perceel C.T. Storkstraat 35 moeten opnemen, aldus [appellanten].

2.4.1. De raad stelt zich op het standpunt dat het voorziene gebruik van het perceel C.T. Storkstraat 35 als hotel het woon- en leefklimaat van [appellanten] niet méér aantast of leidt tot méér hinder en overlast dan het gebruik dat was toegestaan onder het tot dusverre geldende bestemmingsplan "Tuindorp 't Lansink". In dit verband voert de raad aan dat het perceel is gelegen in een verstedelijkt gebied, zodat omwonenden rekening moeten houden met enige hinder. De raad betoogt verder dat het opnemen van regels ten aanzien van het gebruik van de tuin om hinder en overlast te voorkomen in een bestemmingsplan niet mogelijk is, nu dit niet ruimtelijk relevant is. Voorts betoogt de raad dat, nu de bouwmogelijkheden op het perceel C.T. Storkstraat 35 ten opzichte van het bestemmingsplan "Tuindorp 't Lansink" worden ingeperkt, er geen ernstige aantasting van het woon- en leefklimaat van [appellanten] zal optreden.

2.4.2. In het tot dusverre geldende bestemmingsplan "Tuindorp 't Lansink" was aan het perceel C.T. Storkstraat 35 grotendeels de bestemming "Gemengde doeleinden" toegekend. Ingevolge artikel 9, lid 9.1, van de planvoorschriften waren, voor zover hier van belang, de op de plankaart met de bestemming "Gemengde doeleinden" aangewezen gronden bestemd voor gebouwen ten behoeve van woonhuizen uitsluitend op de verdiepingen, en voor detailhandel, kantoren of dienstverlenende instellingen uitsluitend op de begane grond. Aan de westzijde, grenzend aan de tuin van [appellanten], was aan het perceel de bestemming "Woondoeleinden" toegekend. Aan nagenoeg het gehele perceel C.T. Storkstraat 35 was een bouwvlak toegekend. Ingevolge lid 9.2.1, onder b, van de planvoorschriften in samenhang bezien met de plankaart, gold voor het bouwvlak op het gedeelte van het perceel met de bestemming "Gemengd" een goothoogte van minimaal 5 m en maximaal 7 m en een bouwhoogte van minimaal 10 m en maximaal 12 m. Ingevolge artikel 3, lid 3.2.1, onder f, van de planvoorschriften in samenhang bezien met de plankaart gold voor het bouwvlak op het gedeelte van het perceel met de bestemming "Woondoeleinden" een goothoogte van minimaal 6 m en maximaal 7 m en een bouwhoogte van minimaal 8 m en maximaal 10 m.

2.4.3. In het wijzigingsbesluit is aan het gehele perceel C.T. Storkstraat 35 de bestemming "Gemengd" met de dubbelbestemming "Waarde-Beschermd dorpsgezicht" toegekend.

Ingevolge artikel 3, lid 3.1, van de planregels zijn de op de verbeelding voor "Gemengd" aangewezen gronden bestemd voor:

a. hotelkamers;

b. detailhandel, uitsluitend op de begane grond;

c. kantoren, uitsluitend op de begane grond;

d. dienstverlenende instellingen, uitsluitend op de begane grond;

e. woningen, uitsluitend op de verdiepingen;

met daaraan ondergeschikt:

f. tuinen, erven en terreinen;

g. paden;

met de daarbij behorende:

h. bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

Met het wijzigingsbesluit is het bouwvlak op het perceel C.T. Storkstraat 35 aan de westzijde van het perceel verkleind ten opzichte van het bouwvlak onder het tot dusverre geldende bestemmingsplan "Tuindorp 't Lansink". Ingevolge artikel 3, lid 3.2.1, onder c, van de planregels, bezien in samenhang met de verbeelding, geldt voor het bouwvlak op het perceel voor het overgrote deel een bouwhoogte van minimaal 5 m en maximaal 7 m en een nokhoogte van minimaal 10 m en maximaal 12 m. Voor het gedeelte van het bouwvlak dat grenst aan het perceel van [appellanten] geldt een maximale bouwhoogte van 4 m.

2.4.4. Gelet op 2.4.2 en 2.4.3 staat vast dat met het wijzigingsbesluit de bouwmogelijkheden met betrekking tot het perceel C.T. Storkstraat 35 zijn ingeperkt ten opzichte van de bouwmogelijkheden die ingevolge het tot dusverre geldende bestemmingsplan "Tuindorp 't Lansink" golden. Gelet op 2.4.2 en 2.4.3 stelt de Afdeling voorts vast dat met het wijzigingsbesluit de gebruiksmogelijkheden van het perceel C.T. Storkstraat 35 worden uitgebreid, nu op de begane grond en op de verdiepingen hotelkamers kunnen worden gerealiseerd. Gezien de omvang van het bouwvlak alsmede het monumentale karakter van het gebouw dat op het perceel staat kunnen ongeveer 11 hotelkamers worden verwezenlijkt. De Afdeling acht deze wijzigingen niet zodanig dat moet worden geoordeeld dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het wijzigingsbesluit geen ernstige aantasting van het woon- en leefklimaat van [appellanten] met zich brengt. Hierbij betrekt de Afdeling dat het bestaande gebouw op het perceel C.T. Storkstraat 35 het bouwvlak nagenoeg geheel vult. Voorts is de woning van [appellanten] gelegen in een binnenstedelijk gebied.

Voorts overweegt de Afdeling dat [appellanten] niet aannemelijk hebben gemaakt dat het voorziene gebruik als hotelkamers onaanvaardbare hinder en overlast met zich brengt. Gelet hierop heeft de raad van het opnemen van regels omtrent het gebruik van het tuingedeelte van het perceel C.T. Storkstraat 35, nog daargelaten of deze ruimtelijk relevant zijn, kunnen afzien.

Wat betreft de vrees van [appellanten] voor hinder en overlast door de vestiging van de hoofdingang van het hotel direct naast hun tuin overweegt de Afdeling dat dit ziet op een invulling die niet in het wijzigingsbesluit is geregeld. Dit betreft een uitvoeringsaspect. Uitvoeringsaspecten kunnen in deze procedure niet aan de orde komen.

2.5. [appellanten] betogen dat met een parkeernorm van 0,72 parkeerplaats per hotelkamer niet wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van Hotel 't Lansink. Zij voeren aan dat de raad niet enkel had mogen afgaan op de door Hotel 't Lansink verstrekte cijfers en gegevens, nu deze volgens hen niet objectief verifieerbaar zijn. Voorts betogen [appellanten] dat de raad bij de berekening van het benodigde aantal parkeerplaatsen ten onrechte enkel is uitgegaan van een zakelijke markt als doelgroep van Hotel 't Lansink, omdat de doelgroep van het hotel op termijn kan wijzigen. [appellanten] betogen dat er reeds een parkeerprobleem bestaat in de omgeving, zodat een afwijking van de parkeernorm van 1 parkeerplaats per hotelkamer ingevolge de "Nota Autoparkeren Hengelo 2008-2012" (hierna: Nota autoparkeren Hengelo) hier niet gerechtvaardigd is.

2.5.1. De raad stelt zich op het standpunt dat een afwijking van de Nota autoparkeren Hengelo hier gerechtvaardigd is, nu de uitbreiding van Hotel 't Lansink een gewenste economische ontwikkeling in de binnenstad met zich brengt. Voorts voert de raad aan dat uit de door Hotel 't Lansink verstrekte gegevens blijkt dat met een parkeernorm van 0,72 parkeerplaats per hotelkamer in voldoende mate wordt voorzien in parkeergelegenheid ten behoeve van het hotel. In dit verband voert de raad aan dat Hotel 't Lansink zich voornamelijk richt op de zakelijke markt, een doelgroep die veelal gebruik maakt van het openbaar vervoer. Met de parkeernorm wordt tevens voldaan aan de aanbevelingen van het CROW, zoals opgenomen in publicatie nr. 182 "Parkeercijfers-Basis voor parkeernormering" (hierna: de aanbevelingen van het CROW), aldus de raad. Voorts stelt de raad dat er in de omgeving van de C.T. Storkstraat 35 geen structureel parkeerprobleem is.

2.5.2. Het wijzigingsbesluit voorziet in een uitbreiding van Hotel 't Lansink met 11 hotelkamers op het perceel C.T. Storkstraat 35. Hotel 't Lansink beschikt reeds over 14 hotelkamers op het tegenovergelegen perceel C.T. Storkstraat 18, zodat Hotel 't Lansink in totaal over 25 hotelkamers zal beschikken. Volgens bijlage 3 van de Nota autoparkeren Hengelo geldt voor hotels in stedelijke zones van Hengelo de algemene parkeernorm van 1 parkeerplaats per hotelkamer op eigen terrein. Hotel 't Lansink dient ingevolge de Nota autoparkeren Hengelo in beginsel 25 parkeerplaatsen op eigen terrein te realiseren. In de Nota autoparkeren Hengelo is vermeld dat van de parkeernorm van 1 parkeerplaats per hotelkamer kan worden afgeweken indien daar gegronde redenen voor zijn. Hotel 't Lansink is voornemens in totaal 18 parkeerplaatsen te realiseren op eigen terrein, hetgeen neerkomt op een parkeernorm van 0,72 parkeerplaats per hotelkamer. Uit de door Hotel 't Lansink aangeleverde gegevens volgt dat met een parkeernorm van 0,72 parkeerplaats per hotelkamer in voldoende mate wordt voorzien in parkeergelegenheid ten behoeve van Hotel 't Lansink. In het aangevoerde bestaat geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich bij het nemen van het wijzigingsbesluit in redelijkheid niet heeft mogen baseren op de door Hotel 't Lansink aangeleverde gegevens. Hierbij betrekt de Afdeling dat [appellanten] niet aannemelijk hebben gemaakt dat de door Hotel 't Lansink verstrekte gegevens niet representatief zijn.

Voor zover [appellanten] betogen dat er in de toekomst een grotere parkeerbehoefte ten behoeve van Hotel 't Lansink kan ontstaan, indien Hotel 't Lansink zich gaat richten op een andere doelgroep die, anders dan waarvan Hotel 't Lansink nu van uitgaat, wel veelal met de auto komt, overweegt de Afdeling dat [appellanten] dit niet aannemelijk hebben gemaakt. De Afdeling betrekt hierbij dat Hotel 't Lansink ter zitting onweersproken heeft gesteld dat Hotel 't Lansink een stadshotel betreft dat goed bereikbaar is met het openbaar vervoer en dat daardoor veel gasten gebruik zullen maken van het openbaar vervoer.

De Afdeling overweegt voorts dat in hetgeen [appellanten] hebben aangevoerd geen aanleiding bestaat voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat er in de omgeving van C.T. Storkstraat 35 geen structureel parkeerprobleem bestaat. De Afdeling ziet een bevestiging van dit standpunt in de door Hotel 't Lansink ingebrachte rapporten "Parkeren in Hengelo" dat door I&O Research is uitgebracht in januari 2012 en "Parkeersituatie uitbreiding Hotel 't Lansink" dat is uitgebracht op 24 april 2012 door advies- en ingenieursbureau Witteveen en Bos. De strekking van deze rapporten is dat in de directe omgeving van het perceel C.T. Storkstraat 35 geen structureel parkeerprobleem bestaat. Gelet op het voorgaande ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat met een parkeernorm van 0,72 parkeerplaats per hotelkamer wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van Hotel 't Lansink.

2.6. [appellanten] betogen dat het plan leidt tot een waardevermindering van hun perceel.

2.6.1. Wat de eventueel nadelige invloed van het plan op de waarde van het perceel van [appellanten] aan de Lansinkweg 23 betreft, bestaat, mede gelet op hetgeen is overwogen in 2.4.4, geen grond voor de verwachting dat die waardevermindering zodanig zal zijn dat de raad bij de afweging van de belangen hieraan een groter gewicht had moeten toekennen dan aan de belangen die met de realisering van het plan aan de orde zijn.

2.7. [appellanten] hebben zich in het beroepschrift voor het overige beperkt tot het herhalen van de zienswijze. In de overwegingen van het bestreden besluit is ingegaan op deze zienswijze. [appellanten] hebben in het beroepschrift, noch ter zitting, redenen aangevoerd waarom de weerlegging van de desbetreffende zienswijze in het bestreden besluit onjuist zou zijn.

2.8. In hetgeen [appellanten] hebben aangevoerd, ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het wijzigingsbesluit strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Het beroep van [appellanten] tegen het wijzigingsbesluit is ongegrond.

Het beroep van [appellanten] tegen het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35"

2.9. Het beroep van [appellanten] is tevens gericht tegen het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35". Dit plan is gewijzigd door het wijzigingsbesluit. Nu blijkens 2.8 het beroep tegen het wijzigingsbesluit ongegrond is verklaard, wordt het wijzigingsbesluit met de bekendmaking van deze uitspraak onherroepelijk. Hieruit volgt dat het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35" geen betekenis meer heeft. Onder deze omstandigheden en nu ook overigens niet is gebleken van enig belang ziet de Afdeling aanleiding voor het oordeel dat [appellanten] geen belang meer hebben bij een inhoudelijke bespreking van hun beroep tegen dit plan.

In verband hiermee dient het beroep van [appellanten] tegen het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35" niet-ontvankelijk te worden verklaard.

2.10. Nu [appellanten] tegen het bestemmingsplan "C.T. Storkstraat 35" hebben aangevoerd dat ten onrechte het gehele perceel C.T. Storkstraat 35 de aanduiding "bouwvlak" heeft en de raad dit heeft erkend en bij het wijzigingsbesluit het bouwvlak heeft verkleind en de daarbij behorende bouwhoogtes gedeeltelijk heeft verlaagd, ziet de Afdeling in de omstandigheden van het geval aanleiding de raad op navolgende wijze te veroordelen in de proceskosten van [appellanten]. Tevens ziet de Afdeling onder deze omstandigheden aanleiding de raad te gelasten het betaalde griffierecht aan [appellanten] te vergoeden.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart het beroep voor zover gericht tegen het besluit van de raad van de gemeente Hengelo (Ov) van 13 september 2011, kenmerk 11G201040, niet-ontvankelijk;

II. verklaart het beroep voor zover gericht tegen het besluit van de raad van de gemeente Hengelo (Ov) van 24 april 2012, kenmerk 12G200322, ongegrond;

III. veroordeelt de raad van de gemeente Hengelo (Ov) tot vergoeding van bij [appellant A] en [appellant B] in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 874,- (zegge: achthonderdvierenzeventig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de ander;

IV. gelast dat de raad van de gemeente Hengelo, (Ov) aan [appellant A] en [appellant B] het door hen voor de behandeling van de beroepen betaalde griffierecht vergoedt ten bedrage van € 152,00 (zegge: honderdtweeënvijftig euro), met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de ander.

Aldus vastgesteld door mr. W.D.M. van Diepenbeek, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. S.H. Nienhuis, ambtenaar van staat.

w.g. Van Diepenbeek w.g. Nienhuis

lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 4 juli 2012

466-749.