Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2012:BW3834

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
25-04-2012
Datum publicatie
25-04-2012
Zaaknummer
201108581/1/A1
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBROT:2011:BQ9955, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Omgevingsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 10 mei 2010 heeft het college aan KST B.V. reguliere bouwvergunning verleend voor het oprichten van een horecapaviljoen met kantoor en een ponton aan de Westerkade tegenover huisnummer 1 te Rotterdam.

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht
Algemene wet bestuursrecht 1:2
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOM 2012/711

Uitspraak

201108581/1/A1.

Datum uitspraak: 25 april 2012

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

de stichting Stichting tot behoud van het negentiende en twintigste-eeuwse cultuurgoed in Nederland en tot ondersteuning van het Cuypersgenootschap, gevestigd te Linne, gemeente Maasgouw (hierna: Stichting Cuypersgenootschap),

appellante,

tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 30 juni 2011 in zaak nr. 10/3933 in het geding tussen:

Stichting Cuypersgenootschap

en

het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam.

1. Procesverloop

Bij besluit van 10 mei 2010 heeft het college aan KST B.V. reguliere bouwvergunning verleend voor het oprichten van een horecapaviljoen met kantoor en een ponton aan de Westerkade tegenover huisnummer 1 te Rotterdam.

Bij besluit van 25 augustus 2010 heeft het het door Stichting Cuypersgenootschap daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

Bij uitspraak van 30 juni 2011, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank het door Stichting Cuypersgenootschap daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft Stichting Cuypersgenootschap bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 7 augustus 2011, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 4 september 2011.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

Stichting Cuypersgenootschap heeft een nader stuk ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 13 maart 2012, waar Stichting Cuypersgenootschap, vertegenwoordigd door L.W. Dubbelaar, en KST B.V., vertegenwoordigd door mr. E. Lems, advocaat te Barendrecht, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Stichting Cuypersgenootschap betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat zij bij het door haar in beroep bestreden besluit belanghebbende, als bedoeld in artikel 1:2, eerste en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb), is. Onder verwijzing naar een lijst met activiteiten, de jaarverslagen van 2009 en 2010 en artikel 2, tweede lid, van haar statuten, voert zij daartoe aan dat zij, naast het voeren van beroepsprocedures, ook andere feitelijke werkzaamheden verricht.

2.1.1. Blijkens artikel 2, eerste lid, van haar statuten stelt Stichting Cuypersgenootschap zich ten doel:

a. in de breedst mogelijke kring een herwaardering van en een beter begrip voor de voortbrengselen van de negentiende- en twintigste-eeuwse Nederlandse cultuur te kweken en het duurzaam behoud van die verworvenheden te realiseren;

b. het beschermen van monumenten uit de negentiende en twintigste eeuw in de breedste zin van het woord. Onder beschermen wordt ook verstaan het namens de stichting starten van procedures ingevolge de Monumentenwet 1988, enige provinciale of gemeentelijke monumenten/erfgoedverordening, bestemmingsplanprocedures, het indienen van zienswijzen en inspraakreacties en het instellen van bezwaar en beroep in bestuursrechtelijke en strafrechtelijke procedures hoe ook genaamd, het indienen van een verzoek tot plaatsen van monumentale onroerende goederen uit de negentiende en twintigste eeuw op de gemeentelijke, provinciale of rijksmonumentenlijst of het in bezwaar en beroep gaan tegen sloop- of wijzigingsvergunningen van gemeentelijke-, provinciale- en rijksmonumenten;

c. het verrichten van alle verdere handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden en/of daartoe bevorderlijk kunnen zijn. Blijkens het tweede lid tracht zij haar doel onder meer te verwezenlijken door:

a. het bevorderen van de uitwisseling van kennis en resultaten van onderzoek;

b. het bevorderen van onderzoek naar en publiceren over onroerende cultuurgoederen uit de negentiende en twintigste eeuw;

c. het doen verschijnen van en financieren van publicaties.

d. het optreden in en buiten rechte ten behoeve van het behoud van onroerende cultuurgoederen uit de negentiende en twintigste eeuw;

e. al hetgeen te doen dat geacht kan worden dienstig te zijn tot verwezenlijking van de doelstellingen.

2.1.2. Ter zitting heeft Stichting Cuypersgenootschap toegelicht dat de Westerkade beschermd stadsgezicht is. Het aanzicht ervan wordt volgens haar door het bouwplan, dat voorziet in het oprichten van een horecapaviljoen met kantoor van drie verdiepingen hoog en een ponton, aangetast, met name het monumentale pand op de hoek Veerkade. Aangezien het besluit van 10 mei 2010 ziet op het oprichten van een nieuw bouwwerk, geen monument zijnde, aan het monument aan de Westerkade hoek Veerkade zelf niets wordt gewijzigd, en Stichting Cuypersgenootschap zich blijkens haar statuten het beschermen van het aanzicht van het beschermde stadsgezicht niet ten doel stelt, wordt zij door het besluit van 10 mei 2010 niet rechtstreeks getroffen in een belang dat zij in het bijzonder behartigt. De rechtbank heeft haar dan ook terecht, zij het niet op juiste gronden, niet als belanghebbende, als bedoeld in artikel 1:2, eerste en derde lid, van de Awb, bij dat besluit aangemerkt.

2.2. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd, zij het met verbetering van de gronden waarop deze rust.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Graaff-Haasnoot, ambtenaar van staat.

w.g. Loeb w.g. Graaff-Haasnoot

lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 25 april 2012

531-702.