Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2012:BW1624

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
03-04-2012
Datum publicatie
11-04-2012
Zaaknummer
201201604/2/R2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

penbare zitting gehouden op 3 april 2012 om 10:00 uur.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

201201604/2/R2.

Datum uitspraak: 3 april 2012

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoekster], wonend te [woonplaats], gemeente Geldermalsen,

en

de raad van de gemeente Druten,

verweerder.

Procesverloop

Openbare zitting gehouden op 3 april 2012 om 10:00 uur.

Tegenwoordig:

Staatsraad mr. P.J.J. van Buuren voorzitter (vz.)

ambtenaar van staat: mr. E.M. Ouwehand

Verschenen:

De raad van de gemeente Druten, vertegenwoordigd door drs. S.J.P.T. Bindels, werkzaam bij de gemeente.

[belanghebbende], vertegenwoordigd door [gemachtigde].

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Druten van 15 december 2011, waarbij de raad het bestemmingsplan "Buitengebied, herziening [locatie]" heeft vastgesteld. [verzoekster] heeft de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter

wijst het verzoek af.

Daartoe overweegt hij het volgende.

Met het plan is beoogd om een agrarisch loonbedrijf van [belanghebbende] planologisch mogelijk te maken aan de [locatie] te Afferden. [verzoekster], die een perceel in eigendom heeft aan de overkant van de [locatie], wenst op dit perceel een woning met praktijk- en kantoorruimte ten behoeve van haar accountant- en belastingadviespraktijk te realiseren. Zij stelt dat dit nagenoeg onmogelijk wordt door de werkzaamheden die het loonbedrijf zal gaan ontplooien. Zij beoogt een schorsing van het besluit tot vaststelling van het plan, teneinde te voorkomen dat in afwachting van de behandeling van de hoofdzaak met het realiseren van het loonbedrijf kan worden begonnen.

Vast staat dat het ter plaatse van de gronden van [verzoekster] geldende bestemmingsplan "Buitengebied 203" de door haar gewenste bebouwing niet toelaat. [verzoekster] heeft voorts geen verzoek om planologische medewerking ingediend bij het gemeentebestuur. Als zij daartoe overgaat bestaat er twijfel of daaraan - gelet op de situering in het buitengebied - medewerking zal worden verleend.

Gelet op het vorenoverwogene acht de voorzitter het belang van [verzoekster] bij het treffen van de gewenste voorlopige voorziening niet zo zwaarwegend dat dit dient te prevaleren boven de belangen die gemoeid zijn met een spoedige uitvoering van het plan. Hierbij neemt de voorzitter nog in aanmerking dat volgens het akoestisch rapport betreffende de geplande vestiging van [belanghebbende] de vestiging akoestisch verantwoord is.

Gezien het voorgaande ziet de voorzitter aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.

Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

w.g. Van Buuren w.g. Ouwehand

voorzitter ambtenaar van staat

224.