Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2012:BV8035

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
29-02-2012
Datum publicatie
07-03-2012
Zaaknummer
201112707/2/R3
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 19 september 2011 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied Sint Anthonis, Dorpsstraat 10 te Ledeacker" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201112707/2/R3.

Datum uitspraak: 29 februari 2012

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant, gevestigd te 's-Hertogenbosch,

verzoeker,

en

de raad van de gemeente Sint Anthonis,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 19 september 2011 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied Sint Anthonis, Dorpsstraat 10 te Ledeacker" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft het college bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 8 december 2011, beroep ingesteld.

Bij deze brief heeft het college de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 15 februari 2012, waar het college, vertegenwoordigd door P.W.J.M. Corvers, en de raad, vertegenwoordigd door G.H.J. Kusters, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Het plan voorziet in de mogelijkheid om op het perceel Dorpsstraat 10 te Ledeacker een woning te bouwen in ruil voor de sloop van voormalige pluimveestallen.

2.3. Het college betoogt dat het plan in strijd is met de Verordening ruimte Noord-Brabant 2011 (hierna: de verordening). Volgens het college ligt het perceel buiten bestaand stedelijk gebied, zodat de regels van hoofdstuk 11 van de verordening met betrekking tot niet-agrarische ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied van toepassing zijn. De voorziene woning valt niet onder de uitzonderingssituatie van artikel 11.4. Met het verzoek beoogt het college te voorkomen dat het plan in werking treedt en een omgevingsvergunning voor bouwen wordt verleend.

2.4. Ingevolge artikel 11.1, eerste lid, van de verordening, voor zover hier van belang, stelt een bestemmingsplan dat is gelegen in de groenblauwe mantel of agrarisch gebied, met inbegrip van een landbouwontwikkelingsgebied of een vestigingsgebied glastuinbouw, regels ter voorkoming van:

a. nieuwbouw van één of meer woningen;

(…).

Ingevolge artikel 11.4, eerste lid, kan, in afwijking van artikel 11.1, eerste lid, een bestemmingsplan dat is gelegen in een bebouwingsconcentratie binnen een zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling of binnen een gebied integratie stad-land, voorzien in de nieuwbouw van één of meer woningen waarbij er geen sprake behoeft te zijn van het gebruik van een voormalige bedrijfswoning als burgerwoning, mits de toelichting daaromtrent een verantwoording bevat.

2.5. Ter zitting heeft de raad desgevraagd erkend dat het perceel buiten bestaand stedelijk gebied ligt en dat niet wordt voldaan aan de vereisten van artikel 11.4 van de verordening. Het plan is derhalve in strijd met artikel 11.1 van de verordening. Gelet hierop ziet de voorzitter ter voorkoming van onomkeerbare gevolgen en gelet op de betrokken belangen aanleiding de hierna te melden voorlopige voorziening te treffen.

2.6. Van proceskosten die voor vergoeding in aanmerking komen is niet gebleken.

3. Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. schorst bij wijze van voorlopige voorziening het besluit van de raad van de gemeente Sint Anthonis van 19 september 2011 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Buitengebied Sint Anthonis, Dorpsstraat 10 te Ledeacker";

II. gelast dat de raad van de gemeente Sint Anthonis aan het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant het door hem voor de behandeling van het verzoek betaalde griffierecht ten bedrage van € 302,00 (zegge: driehonderdtwee euro) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M.F.N. Pikart-van den Berg, ambtenaar van staat.

w.g. Scholten-Hinloopen w.g. Pikart-van den Berg

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 29 februari 2012

350-662.