Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2011:BR4604

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
04-08-2011
Datum publicatie
10-08-2011
Zaaknummer
201107413/2/H1
Rechtsgebieden
Omgevingsrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 9 september 2008 heeft het college aan [vergunninghouder] bouwvergunning verleend voor het veranderen van de gevel, het plaatsen van een dakkapel en het inpandig verbouwen van de woning op de hoek [locatie] te Dordrecht (hierna: het perceel).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201107413/2/H1.

Datum uitspraak: 4 augustus 2011

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:

[verzoeker], wonend te Dordrecht,

tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Dordrecht van 5 juli 2011 in zaak nrs. AWB 11/672 en AWB 10/513 in het geding tussen:

verzoeker

en

het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht.

1. Procesverloop

Bij besluit van 9 september 2008 heeft het college aan [vergunninghouder] bouwvergunning verleend voor het veranderen van de gevel, het plaatsen van een dakkapel en het inpandig verbouwen van de woning op de hoek [locatie] te Dordrecht (hierna: het perceel).

Bij besluit van 1 maart 2010 heeft het het door [verzoeker] hiertegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard en bij besluit van 18 augustus 2010 ten behoeve van het bouwplan voorts krachtens artikel 19, tweede lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (hierna: de WRO) vrijstelling van het bestemmingsplan verleend.

Bij uitspraak van 5 juli 2011, verzonden op dezelfde dag, heeft de voorzieningenrechter, voor zover thans van belang, het daartegen door [verzoeker] ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [verzoeker] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 8 juli 2011, hoger beroep ingesteld. Voorts heeft hij de voorzitter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 21 juli 2011, waar [verzoeker], bijgestaan door mr. J.M. Smits, en het college, vertegenwoordigd door J.C. Hol, werkzaam in dienst van de gemeente, zijn verschenen. Voorts is vergunninghouder daar gehoord.

2. Overwegingen

2.1. Vergunninghouder heeft ter zitting desgevraagd verklaard dat de bouwwerkzaamheden inmiddels zijn gestaakt en deze, indien al, eerst zullen worden hervat, nadat de bouwvergunning in rechte onaantastbaar is. Aldus heeft hij te kennen gegeven dat hij de besluiten van 1 maart en 18 augustus 2010 thans niet uit zal voeren. Onder deze omstandigheden heeft [verzoeker] geen spoedeisend belang bij de door hem gevraagde voorziening.

2.2. Het verzoek daartoe dient te worden afgewezen.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M.E.B. de Haseth, ambtenaar van staat.

w.g. Loeb w.g. De Haseth

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 4 augustus 2011

476.