Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2011:BR3229

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
27-07-2011
Datum publicatie
27-07-2011
Zaaknummer
201100141/1/R2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 1 november 2010 heeft de raad het bestemmingsplan "Bestemmingsplan De Kwekerij" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201100141/1/R2.

Datum uitspraak: 27 juli 2011

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant], wonend te Maarssen,

en

de raad van de gemeente Maarssen, thans gemeente Stichtse Vecht,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 1 november 2010 heeft de raad het bestemmingsplan "Bestemmingsplan De Kwekerij" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft [appellant] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 5 januari 2011, beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 21 juni 2011, waar [appellant], en de raad, vertegenwoordigd door mr. D. Goris, werkzaam bij de gemeente, en ir. M.P. Smits, werkzaam bij de Milieudienst Noord-West Utrecht, zijn verschenen. Voorts is ter zitting als partij gehoord de vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Maapron B.V., vertegenwoordigd door ir. N.M.S. Wieringa en ir. W.J.T.M. Coenen.

2. Overwegingen

2.1. Het plan voorziet in de bouw van 60 woningen, op de locatie van een voormalige kwekerij aan de Huis ten Boschstraat in Maarssen.

2.2. [appellant] kan zich niet verenigen met het plandeel met de bestemming "Verkeer" met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - entree'. Hij voert hiertoe aan dat de verkeerstechnische ontsluiting van het plangebied ten onrechte via de Huis ten Boschstraat plaatsvindt. Voorts stelt hij dat ter plaatse van de woningen aan de Huis ten Boschstraat reeds sprake is van ernstige geluidhinder en dat deze ten gevolge van het plan zal toenemen. Verder vreest hij dat de geluidbelasting vanwege het plan zonder het treffen van doeltreffende geluidreducerende maatregelen gezondheidsklachten met zich zal brengen. Voorts betoogt hij dat de resultaten van het ten behoeve van het plan uitgevoerde verkeersonderzoek niet representatief zijn, omdat daarbij de verkeersintensiteit op de 'westtak' van de Huis ten Boschstraat ten onrechte niet afzonderlijk is betrokken. Tevens stelt [appellant] dat het aantal zogenoemde ernstig gehinderde woningen zal toenemen, hetgeen in strijd is met het "Actieplan Geluid Maarssen" (hierna: het Actieplan).

2.3. De raad stelt zich op het standpunt dat de geluidtoename vanwege de ontsluiting via de Huis ten Boschstraat akoestisch verwaarloosbaar is en dat het aantal ernstig gehinderde woningen ten gevolge van het plan niet zal toenemen, omdat er geluidreducerende maatregelen zullen worden getroffen. Voorts stelt hij dat het verkeersonderzoek op de juiste gegevens is gebaseerd.

2.4. [appellant] woont aan de Huis ten Boschstraat, één van de ontsluitingswegen van het plangebied. Het verweerschrift vermeldt dat het aantal verkeersbewegingen op de Huis ten Boschstraat thans 12449 per etmaal bedraagt. Er is onderzoek verricht naar de verkeerseffecten van het plan. De resultaten hiervan zijn onder meer neergelegd in het rapport "Verkeer en parkeren woningbouw kwekerijlocatie Maarssen" van Delft Infra Advies, van juni 2009. Volgens het rapport neemt de verkeersintensiteit op de Huis ten Boschstraat ten gevolge van het plan toe met 441,6 motorvoertuigen per dag. Ook is in opdracht van de raad een second opinion uitgevoerd door Goudappel Coffeng. De resultaten hiervan zijn neergelegd in het rapport "Second opinion verkeerskundige onderbouwing Kwekerijlocatie", waaruit blijkt dat het aantal ritten met 450 per etmaal zal toenemen. Derhalve leidt het plan tot een toename van het aantal verkeersbewegingen van ongeveer 3,6%.

Voor zover [appellant] betoogt dat het verkeersonderzoek onvolledig is, omdat de 'westtak' van de Huis ten Boschstraat daarin niet afzonderlijk is bezien, overweegt de Afdeling dat door [appellant] niet aannemelijk is gemaakt dat de tellingen zoals die zijn uitgevoerd op de 'oosttak', niet representatief zijn en dat de raad zich bij zijn besluitvorming niet op deze onderzoeken mocht baseren.

Gelet op de uitkomsten van genoemd onderzoek heeft de raad zich dan ook in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de toename van het aantal verkeersbewegingen zodanig beperkt is dat deze niet zal leiden tot een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning van [appellant] en derhalve geen noodzaak bestaat tot het aanbrengen van geluidreducerend wegdek. Daarbij merkt de Afdeling op dat de raad ter zitting heeft gesteld dat het aanbrengen van geluidreducerend wegdek ter plaatse om civieltechnische redenen niet mogelijk is. Overigens heeft de raad ter zitting ook gesteld dat maatregelen worden genomen om de geluidbelasting ter plaatse te beperken. Zo is reeds sprake van een ontmoedigingsbeleid voor vrachtauto's, wordt een zogenoemde punaise aangelegd ter beperking van de snelheid en zal voor de Huis ten Boschstraat een maximale snelheid van 30 kilometer per uur worden ingevoerd. Ten slotte hebben [appellant] en anderen niet aannemelijk gemaakt dat de stelling van de raad dat het aantal ernstig gehinderde woningen als bedoeld in het Actieplan niet zal toenemen, onjuist is.

2.5. In hetgeen [appellant] inzake het plandeel "Verkeer" met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - entree' heeft aangevoerd ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plan in zoverre strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. In het aangevoerde wordt evenmin aanleiding gevonden voor het oordeel dat het bestreden besluit in zoverre anderszins is voorbereid of genomen in strijd met het recht. Het beroep is ongegrond.

2.6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. J.A. Hagen, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. P.F.W. Tuit, ambtenaar van staat.

w.g. Hagen w.g. Tuit

lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 27 juli 2011

425-704.