Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2011:BQ7933

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
10-06-2011
Datum publicatie
15-06-2011
Zaaknummer
201101981/2/R1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 16 december 2010 heeft de raad van de gemeente Rotterdam het bestemmingsplan "3e partiële herziening Nesselande" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201101981/2/R1.

Datum uitspraak: 10 juni 2011

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoekster A] en [verzoekster B], beiden gevestigd te Rotterdam, alsmede de maten respectievelijk vennoten [vennoot A] en [vennoot B], wonend te Nieuwerkerk aan den IJssel, respectievelijk Rotterdam (hierna tezamen en in enkelvoud: [verzoeker]),

en

de raad van de gemeente Rotterdam,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 16 december 2010 heeft de raad van de gemeente Rotterdam het bestemmingsplan "3e partiële herziening Nesselande" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft [verzoeker] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 4 februari 2011, beroep ingesteld.

Bij deze brief heeft [verzoeker] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 10 mei 2011. Partijen zijn niet ter zitting verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Bij uitspraak van heden in zaak nr. 201101981/3/R1 (aangehecht) heeft de Afdeling het beroep van [verzoeker] tegen het plan niet-ontvankelijk verklaard. Gelet daarop is thans geen sprake meer van een geding, zodat het verzoek dient te worden afgewezen.

2.2. Gelet op hetgeen in voormelde uitspraak is overwogen, ziet de voorzitter aanleiding om de raad te gelasten het door [verzoeker] betaalde griffierecht te vergoeden.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. wijst het verzoek af;

II. gelast dat de raad van de gemeente Rotterdam aan [verzoekster A] en [verzoekster B], en de maten respectievelijk vennoten [vennoot A] en [vennoot B] het door hen voor de behandeling van het verzoek betaalde griffierecht ten bedrage van € 298,00 (zegge: tweehonderdachtennegentig euro) vergoedt, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de anderen.

Aldus vastgesteld door mr. R.J. Hoekstra, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M.W. Wijers, ambtenaar van staat.

w.g. Hoekstra w.g. Wijers

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 10 juni 2011

444.