Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2011:BP6363

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
02-03-2011
Datum publicatie
02-03-2011
Zaaknummer
200904890/1/R3 en 200905032/1/R3
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij onderscheiden besluiten van 1 december 2008 heeft het college van burgemeester en wethouders van Twenterand de verzoeken van Family Farmers om een wijzigingsplan vast te stellen ten behoeve van de vestiging van respectievelijk een vleesvarkensstal op een perceel aan de Fortwijk, kadastraal bekend Vroomshoop sectie K, nr. 385, en een nertsenfokkerij op een perceel aan de Hammerdijk, kadastraal bekend Vroomshoop, sectie K, nr. 164, afgewezen.

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht
Algemene wet bestuursrecht 7:12
Wet ruimtelijke ordening
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Omgevingsvergunning in de praktijk 2012/6800
JOM 2011/565
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200904890/1/R3 en 200905032/1/R3.

Datum uitspraak: 2 maart 2011

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Family Farmers B.V., gevestigd te Lierop, gemeente Twenterand,

appellante,

en

het college van burgemeester en wethouders van Twenterand,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij onderscheiden besluiten van 1 december 2008 heeft het college van burgemeester en wethouders van Twenterand de verzoeken van Family Farmers om een wijzigingsplan vast te stellen ten behoeve van de vestiging van respectievelijk een vleesvarkensstal op een perceel aan de Fortwijk, kadastraal bekend Vroomshoop sectie K, nr. 385, en een nertsenfokkerij op een perceel aan de Hammerdijk, kadastraal bekend Vroomshoop, sectie K, nr. 164, afgewezen.

Bij onderscheiden besluiten van 26 mei 2009, heeft het college de door Family Farmers hiertegen gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.

Tegen deze besluiten heeft Family Farmers bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 6 juli 2009, beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

De Afdeling heeft de zaken ter zitting behandeld op 12 november 2010, waar Family Farmers, vertegenwoordigd door haar [directeur] en bijgestaan door mr. J. van Groningen, advocaat te Middelharnis en het college, vertegenwoordigd door E. Nijhuis, G. Rozendaal en J. van Beesten, allen werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Aan de gronden aan de Fortwijk en de Hammerdijk waarop het verzoek van Family Farmers tot aanwijzen van een agrarisch bouwperceel betrekking heeft, is in het bestemmingsplan "Buitengebied, herziening 2005" de bestemming "Agrarisch gebied" toegekend. Ter plaatse is niet voorzien in agrarisch bouwvlakken.

2.2. Ingevolge artikel 9.5.1, onder c, van de voorschriften van het bestemmingsplan "Buitengebied, herziening 2005", voor zover hier van belang, kan het college van burgemeester en wethouders de plankaart wijzigen ten aanzien van de gronden met de bestemming "agrarisch gebied", waarbij de vestiging van een nieuw agrarisch bouwvlak mogelijk wordt gemaakt, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

1. vestiging van intensieve veehouderij is enkel toegestaan binnen het op de kaart "beschrijving in hoofdlijnen" aangegeven "landbouwontwikkelingsgebied";

2. er dient sprake te zijn van een duurzaam en volwaardig agrarisch bedrijf;

(...)

8. het bouwperceel dient landschappelijk te worden ingepast door:

- een afgewogen locatiekeuze waarbij rekening wordt gehouden met verspreid aanwezige natuur- en landschapswaarden, cultureel erfgoed en archeologische waarden:

- de aanleg van een streekeigen erfbeplanting

(...).

Niet in geschil is dat beide percelen waarop de verzoeken om toepassing van de wijzigingsbevoegdheid betrekking hebben, in een gebied liggen dat in het reconstructieplan Salland-Twente als landbouwontwikkelingsgebied is aangewezen.

2.3. Family Farmers voert aan dat het college het doel van de Reconstructiewet frustreert door geen intensieve veehouderij mogelijk te maken in een landbouwontwikkelingsgebied. Voorts heeft het college volgens Family Farmers de bestreden besluiten ten onrechte niet gebaseerd op een ruimtelijke afweging en heeft het ten onrechte als motivering aan deze besluiten ten grondslag gelegd dat een nog op te stellen bestemmingsplan dan wel nog te formuleren beleid aan een inhoudelijke planologische beoordeling dan wel het toepassen van de wijzigingsbevoegdheid in de weg staat. Family Farmers meent aan de wijzigingsvoorwaarden te voldoen en door het opnemen van de wijzigingsbevoegdheid in het geldende bestemmingsplan is bij haar het gerechtvaardigde vertrouwen gewekt dat nieuwvestiging van de intensieve veehouderijen in het landbouwontwikkelingsgebied Fortwijk mogelijk is. Door thans ieder initiatief te weigeren handelt het college volgens haar in strijd met de in het bestemmingsplan opgenomen bevoegdheid ter plaatse een intensieve veehouderij toe te staan. Tot slot heeft Family Farmers aangevoerd dat het college haar in de gelegenheid had moeten stellen om een landschapsinpassingsplan over te leggen alvorens het verzoek af te wijzen.

2.4. Het college heeft de verzoeken van Family Farmers om toepassing van de wijzigingsbevoegdheid afgewezen vanwege de onzekere planologische ontwikkelingen binnen de gemeente. Volgens het college kan het zich in redelijkheid op het standpunt stellen dat het geen medewerking verleent aan de plannen van Family Farmers, zolang er nog geen definitieve besluitvorming door de raad heeft plaatsgevonden over de nieuwvestiging van intensieve veehouderijen in het betreffende gebied. Indien deze ontwikkelingen planologisch aanvaardbaar worden geacht, staat het Family Farmers vrij om een nieuwe aanvraag in te dienen, aldus het college. Voorts heeft het college de verzoeken afgewezen, omdat niet is voldaan aan de voorwaarde dat een plan voor de landschappelijke inpasbaarheid dient te worden overgelegd. Het college heeft ter zitting nog gesteld dat de planning er op is gericht om het bestemmingsplan met het daarbij behorende beleid in november 2011 door de raad te laten vaststellen.

2.5. In paragraaf 5.6 van het reconstructieplan is het volgende vermeld ten aanzien van nieuwe intensieve veehouderijen:

"Voor ieder initiatief voor vestiging is een beleidsafweging noodzakelijk en zullen de vereiste wettelijke procedures moeten worden gevolgd. (...) Bij de afweging wordt rekening gehouden met de aanwezige functies. Aspecten die volgens bestaand beleid van belang zijn bij nieuwvestiging, zijn: (...)

- bij inpassing rekening houden met de structuur van het landschap, cultureel erfgoed en archeologische waarden;

- opstellen plan voor landschappelijke inpassing (...).

2.6. De Afdeling overweegt dat Family Farmers niet heeft gevraagd om in afwijking van het geldende bestemmingsplan vooruit te lopen op mogelijke toekomstige ontwikkelingen, zoals aan de orde was in de uitspraken van de Afdeling waarop het college zich in de bestreden besluiten en ter zitting heeft beroepen, maar om toepassing te geven aan de wijzigingsbevoegdheid, zoals die reeds in het voor de percelen geldende bestemmingsplan is opgenomen. Het college kan op zichzelf toekomstig beleid van de raad dan wel een op handen zijnd nieuw bestemmingsplan betrekken bij de vraag of toepassing wordt gegeven aan een wijzigingsbevoegdheid, mits dit deugdelijk is gemotiveerd. In dit geval geven de bestreden besluiten er evenwel geen blijk van dat inzichtelijk is wat dit toekomstige beleid zal zijn dan wel dat enige indicatie kan worden gegeven wat de raad voor ogen heeft met het gebied waarin de percelen liggen en waarom dit beleid zich niet zou verhouden met de verzoeken van Family Farmers. De enkele reden dat er nog geen beleid van de raad is en dat zoals ter zitting naar voren is gekomen, de raad nog niet wist hoe het toekomstige beleid in algemene zin zou komen te luiden, is naar het oordeel van de Afdeling onvoldoende om niet over te gaan tot een inhoudelijke beoordeling van de verzoeken van Family Farmers. Voorts valt gelet op de wijzigingsvoorwaarden niet in te zien waarom de aanvraag eerst kan worden beoordeeld indien een landschapsinpassingsplan is overgelegd.

2.7. In hetgeen Family Farmers heeft aangevoerd ziet de Afdeling aanleiding voor het oordeel dat de bestreden besluiten niet berusten op een deugdelijke motivering. De beroepen zijn gegrond. De bestreden besluiten dienen wegens strijd met artikel 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht te worden vernietigd.

2.8. De bestreden besluiten dienen te worden vernietigd.

2.9. Het college dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart de beroepen gegrond;

II. vernietigt de besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Twenterand van 26 mei 2009,

III. veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van Twenterand tot vergoeding van bij de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Family Farmers B.V. in verband met de behandeling van de beroepen opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 874,00 (zegge: achthonderdvierenzeventig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand;

IV. gelast dat het college van burgemeester en wethouders van Twenterand aan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Family Farmers B.V. het door haar voor de behandeling van de beroepen betaalde griffierecht ten bedrage van € 594,00 (zegge: vijfhonderdvierennegentig euro) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, voorzitter, en mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillessen en mr. Th.C. van Sloten, leden, in tegenwoordigheid van mr. W.S. van Helvoort, ambtenaar van staat.

w.g. Scholten-Hinloopen w.g. Van Helvoort

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 2 maart 2011

361.