Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2011:BP1320

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
14-01-2011
Datum publicatie
19-01-2011
Zaaknummer
201009240/2/R2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 6 juli 2010 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitenweg" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201009240/2/R2.

Datum uitspraak: 14 januari 2011

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoeker], wonend te [woonplaats],

en

de raad van de gemeente Terneuzen,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 6 juli 2010 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitenweg" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft [verzoeker] bij brief, bij faxbericht bij de Raad van State ingekomen op 21 september 2010, beroep ingesteld.

Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 22 september 2010, heeft [verzoeker] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 24 december 2010, waar [verzoeker], in persoon en bijgestaan door mr. W.J.A. Vis, werkzaam bij DAS rechtsbijstand, is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Het bestemmingsplan voorziet in de bouw van ongeveer 100 nieuwbouwwoningen.

2.3. [verzoeker] heeft verzocht om een voorlopige voorziening ten aanzien van de nabij zijn perceel voorziene woningen en appartementen. Hij vreest voor inperking van zijn bedrijfsuitoefeningsmogelijkheden en voor inperking van eventuele uitbreidingsmogelijkheden.

2.3.1. Volgens de raad zijn de activiteiten van het botenreparatiebedrijf van [verzoeker] vergelijkbaar met een categorie 2 bedrijf, overeenkomstig de brochure van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten "Bedrijven en milieuzonering". Aangezien er reeds woningen nabij het bedrijfsperceel staan en er bij deze woningen geen onaanvaardbaar woon- en leefklimaat is, vallen geen ruimtelijke en milieubelemmeringen te verwachten voor het bedrijf van [verzoeker] vanwege de nieuw te bouwen woningen in het plangebied, aldus de raad.

2.3.2. De voorzitter overweegt dat het aangevoerde aanleiding geeft voor het oordeel dat niet op voorhand duidelijk is dat het bedrijf van [verzoeker] geen geluidoverlast zal veroorzaken voor de bewoners van de dichtst bij zijn perceel voorziene woningen. Daarbij neemt hij in aanmerking dat, terwijl de raad stelt dat het bedrijf van [verzoeker] onder het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer valt, niet is onderzocht of bij alle voorziene woningen ook voldaan kan worden aan de daarin opgenomen geluidvoorschriften.

Het enkele feit dat de bewoners van [3 locaties] geen klachten hebben geuit over geluidoverlast, waar de raad in de zienswijzennota op wijst, leidt de voorzitter niet tot een ander oordeel. Het gegeven dat, zoals ter zitting naar voren is gekomen, ook geregeld in de nachtelijke uren geluid wordt geproduceerd, veroorzaakt door het laden en lossen, draagt bij aan het oordeel van de voorzitter dat nader onderzoek ter zake noodzakelijk is.

2.4. Gelet hierop ziet de voorzitter aanleiding de hierna te melden voorlopige voorziening te treffen.

2.5. De raad dient op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

3. Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. schorst bij wijze van voorlopige voorziening het besluit van de raad van de gemeente Terneuzen van 6 juli 2010, kenmerk 12202, voor zover het betreft het plandeel met de bestemming "Woondoeleinden" zoals nader aangegeven op de bij deze uitspraak behorende kaart;

II. veroordeelt de raad van de gemeente Terneuzen tot vergoeding van bij [verzoeker] in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 475,85 (zegge: vierhonderdenvijfenzeventig euro en vijfentachtig cent), waarvan € 437,00 is toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand;

III. gelast dat de raad van de gemeente Terneuzen aan [verzoeker] het door hem voor de behandeling van het verzoek betaalde griffierecht ten bedrage van € 150,00 (zegge: honderdvijftig euro) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. P.J.J. van Buuren, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. B. Klein Nulent, ambtenaar van staat.

w.g. Van Buuren w.g. Klein Nulent

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 14 januari 2011

218-677.

<HR>

plankaart