Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2010:BO7356

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
15-12-2010
Datum publicatie
15-12-2010
Zaaknummer
201001878/1/R1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 12 november 2009 heeft de raad het bestemmingsplan "Bloemendaal" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Module Ruimtelijke ordening 2010/4872 met annotatie van D. Meloni
Omgevingsvergunning in de praktijk 2011/1684
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201001878/1/R1.

Datum uitspraak: 15 december 2010

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

1. [appellanten sub 1] (hierna tezamen in enkelvoud: [appellant sub 1]), beiden wonend te [woonplaats],

2. [appellant sub 2], wonend te [plaats],

3. de stichting Stichting Wijkteam Bloemendaal, gevestigd te Gouda,

en

de raad van de gemeente Gouda,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 12 november 2009 heeft de raad het bestemmingsplan "Bloemendaal" vastgesteld.

Tegen dit besluit hebben [appellant sub 1] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 22 februari 2010, [appellant sub 2] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 22 februari 2010, en Stichting Wijkteam bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 23 februari 2010, beroep ingesteld. [appellant sub 1] heeft zijn beroep aangevuld bij brief van 22 maart 2010. [appellant sub 2] heeft zijn beroep aangevuld bij brief van 22 maart 2010. Stichting Wijkteam heeft haar beroep aangevuld bij brief van 12 maart 2010.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

De raad, de stichtingen Stichting Mozaïek Wonen en Stichting Woonpartners Midden-Holland, Stichting Wijkteam en [appellant sub 2] hebben nadere stukken ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 8 november 2010, waar [appellant sub 1], bijgestaan door mr. C. Lubben, werkzaam bij SRK Rechtsbijstand, [appellant sub 2], bijgestaan door mr. M.H.P. Claassen, advocaat te Rotterdam, Stichting Wijkteam, vertegenwoordigd door mr. J.N.L. van der Hoeven, advocaat te Delft, en de raad, vertegenwoordigd door mr. G.J.M. Cartigny, advocaat te Rotterdam, en mr. B. Goerdat, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen. Voorts zijn daar als partij gehoord Stichting Mozaïek Wonen en Stichting Woonpartners

Midden-Holland, beide vertegenwoordigd door mr. W. van Leuveren, advocaat te Waddinxveen.

2. Overwegingen

2.1. Het bestemmingsplan voorziet, voor zover van belang, in een sociaal pension aan de Livingstonelaan 52. Het gaat, zoals neergelegd in artikel 1, lid 1.51, van de planregels, om een voorziening voor de opvang van mensen voor wie het tijdelijk moeilijk is zelfstandig te wonen of die dak- of thuisloos zijn en waar in dit pension aan deze psychosociaal kwetsbare mensen een veilige woonomgeving wordt geboden.

2.2. Bij uitspraak van heden, zaak nr. 201001841/1/H1, heeft de Afdeling de uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage van 13 januari 2010 in zaak nrs. 07/6257, 07/6201 en 07/6241 vernietigd en de beroepen van [appellant sub 1] en anderen, [belanghebbende] en anderen en Stichting Wijkteam tegen de ongegrondverklaring van de bezwaren tegen de besluiten van 27 februari 2007 tot het verlenen van vrijstelling en bouwvergunning voor het sociaal pension ongegrond verklaard. In dit kader heeft de Afdeling in die zaak geoordeeld dat het college van burgemeester en wethouders voldoende deugdelijk heeft gemotiveerd dat de vestiging van een sociaal pension voor ongeveer 30 personen aan de Livingstonelaan 52 planologisch aanvaardbaar is.

2.3. [appellant sub 2] betoogt onder meer dat ten onrechte geen beperking ten aanzien van het aantal bewoners van het sociaal pension in het plan is opgenomen.

2.3.1. De raad stelt zich op het standpunt dat het niet gebruikelijk is om in een bestemmingsplan tot in detail vast te leggen welke gebruiksmogelijkheden een bestemming toestaat. Daarnaast heeft de raad ter zitting aangegeven dat ten tijde van het vaststellingsbesluit van dit plan al een vrijstellingsbesluit was genomen voor het sociaal pension. Volgens de raad gaat het om een conserverend bestemmingsplan waarbij kan worden volstaan met een verwijzing naar de ruimtelijke onderbouwing bij het vrijstellingsbesluit waarin het maximumaantal bewoners en het maximumaantal wooneenheden zijn genoemd.

2.3.2. Ingevolge artikel 11, lid 11.1.1, van de planregels zijn de gronden waaraan de bestemming "Maatschappelijk" is toegekend bestemd voor:

a. maatschappelijke voorzieningen;

b. aan de functie als bedoeld onder a gebonden parkeervoorzieningen;

c. tuinen en erven;

d. wegen en paden;

e. groenvoorzieningen en water;

f. straatmeubilair;

g. nutsvoorzieningen;

h. bruggen en duikers;

een en ander met uitzondering van een sociaal pension.

Ingevolge lid 11.1.3 zijn de gronden ter plaatse van de aanduiding "sociaal pension", in afwijking van het bepaalde in lid 11.1.1, tevens bestemd voor een sociaal pension.

Ingevolge lid 11.2.1 mogen, voor zover van belang, op de in lid 11.1 bedoelde gronden uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat:

a. gebouwen uitsluitend mogen worden gebouwd binnen de aangegeven bouwvlakken;

b. (…);

c. de goothoogte van gebouwen niet meer mag bedragen dan 6 meter, tenzij binnen een bouwvlak, of een gedeelte daarvan, anders is aangegeven;

d. de hoogte van gebouwen niet meer mag bedragen dan 10 meter, tenzij binnen een bouwvlak, of een gedeelte daarvan, anders is aangegeven.

Op de verbeelding is het perceel Livingstonelaan 52 voorzien van de aanduiding "sociaal pension", een bouwvlak en een maximale bouwhoogte van 9 meter.

2.3.3. De Afdeling overweegt dat de totale oppervlakte van het bouwvlak voor het sociaal pension, op de verbeelding gemeten, ongeveer 1.080 m² is met daarbij een goothoogte van 6 meter en een bouwhoogte van 9 meter, hetgeen redelijkerwijs neerkomt op twee bouwlagen met in de kap mogelijk een derde bouwlaag. De bouwmogelijkheden zijn, zoals de raad ter zitting heeft bevestigd, gerelateerd aan het ter plaatse aanwezige voormalige schoolgebouw dat voor het sociaal pension met vrijstelling inwendig is verbouwd. In de plantoelichting wordt niet op deze - in planologisch opzicht - nieuwe voorziening ingegaan, noch wordt daarin uitdrukkelijk verwezen naar de ruimtelijke onderbouwing bij het vrijstellingsbesluit voor het sociaal pension. De raad heeft ter zitting aangegeven dat het de bedoeling is dat maximaal 30 personen in het sociaal pension zullen verblijven en dat daartoe ongeveer maximaal 30 wooneenheden zullen worden gerealiseerd met de daarbij behorende algemene ruimtes. Binnen de in het bestemmingsplan vastgelegde bouwmogelijkheden kunnen ten behoeve van de functie als sociaal pension evenwel beduidend meer personen worden gehuisvest en wooneenheden worden gebouwd dan 30, hetgeen de raad ter zitting heeft erkend. Noch in de verbeelding, noch in de planregels, ook niet in de begripsomschrijving in artikel 1, lid 1.51 ervan, is terzake enige beperking opgenomen. Onder deze omstandigheden en gelet op de in het plan aan het pand toegekende functie heeft de raad niet in redelijkheid een beperking in het toegelaten gebruik in het plan achterwege kunnen laten.

2.3.4. Reeds vanwege het ontbreken van een dergelijke beperking ziet de Afdeling in hetgeen [appellant sub 2] op dat punt heeft aangevoerd aanleiding voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat de aanduiding "sociaal pension" ter plaatse van het perceel Livingstonelaan 52, bezien ook in samenhang met artikel 1, lid 1.51, van de planregels, strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Reeds daarom is het beroep gegrond. Het bestreden besluit dient wegens strijd met artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening in zoverre te worden vernietigd. Gelet hierop behoeven de overige beroepsgronden van [appellant sub 2] geen bespreking meer.

2.3.5 Nu de beroepen van [appellant sub 1] en Stichting Wijkteam eveneens zijn gericht tegen de aanduiding "sociaal pension", die reeds gelet op het voorgaande voor vernietiging in aanmerking komt, zijn ook deze beroepen gegrond en behoeven deze ook geen bespreking meer.

2.4. De raad dient ten aanzien van [appellant sub 1], [appellant sub 2] en Stichting Wijkteam op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart de beroepen gegrond;

II. vernietigt het besluit van de raad van de gemeente Gouda van 12 november 2009 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Bloemendaal", voor zover het betreft de aanduiding "sociaal pension" en artikel 1, lid 1.51, van de planregels;

III. veroordeelt de raad van de gemeente Gouda tot vergoeding van in verband met de behandeling van de beroepen opgekomen proceskosten ten aanzien van:

- [appellanten sub 1] tot een bedrag van € 874,00 (zegge: achthonderdvierenzeventig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de ander;

- [appellant sub 2] tot een bedrag van € 874,00 (zegge: achthonderdvierenzeventig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand;

- de stichting Stichting Wijkteam Bloemendaal tot een bedrag van € 874,00 (zegge: achthonderdvierenzeventig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand;

IV. gelast dat de raad van de gemeente Gouda aan appellanten het door hen voor de behandeling van hun beroepen betaalde griffierecht vergoedt:

- € 150,00 (zegge: honderdvijftig euro) voor [appellanten sub 1], met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de ander;

- € 150,00 (zegge: honderdvijftig euro) voor [appellant sub 2];

- € 297,00 (zegge: tweehonderdzevenennegentig euro) voor de stichting Stichting Wijkteam Bloemendaal.

Aldus vastgesteld door mr. J.G.C. Wiebenga, voorzitter, en mr. G.N. Roes en mr. J. Hoekstra, leden, in tegenwoordigheid van mr. S. Bechinka, ambtenaar van staat.

w.g. Wiebenga w.g. Bechinka

voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 15 december 2010

371-668.