Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2010:BO3449

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
10-11-2010
Datum publicatie
10-11-2010
Zaaknummer
201005126/1/R1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 16 februari 2010 heeft de raad het bestemmingsplan "Zuidoevers Broekveldt" vastgesteld.

Wetsverwijzingen
Wet ruimtelijke ordening
Wet ruimtelijke ordening 3.1
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOM 2011/458
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201005126/1/R1.

Datum uitspraak: 10 november 2010

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellanten], wonend te [woonplaats],

en

de raad van de gemeente Tynaarlo,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 16 februari 2010 heeft de raad het bestemmingsplan "Zuidoevers Broekveldt" vastgesteld.

Tegen dit besluit hebben [appellanten] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 26 mei 2010, beroep ingesteld. De gronden van het beroep zijn aangevuld bij brief van 22 juni 2010.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

[appellanten] hebben nadere stukken ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 6 oktober 2010, waar [appellant A], in persoon, en de raad, vertegenwoordigd door F.J. Slieker en F.A. Rozema, beiden werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Het bestemmingsplan voorziet onder meer in de bouw van 17 nieuwe woningen in de kern van De Groeve. De woningen worden op een voormalige bedrijfslocatie in directe aansluiting op het bestaande bebouwingslint aan de Hunzeweg gerealiseerd. Het plangebied is gelegen direct ten noordwesten van het bebouwingslint van De Groeve.

2.2. [appellanten] betogen dat geen behoefte bestaat aan deze woningen.

2.3. De raad stelt zich op het standpunt dat vanuit het dorp De Groeve het verzoek kwam om meer huurwoningen en goedkope koopwoningen te realiseren en dat de toevoeging van de woningen in zowel het huur- als koopsegment een goede mix is van enerzijds de tegemoetkoming aan de heersende vraag en anderzijds de financiële uitvoerbaarheid.

Verder stelt de raad zich op het standpunt dat de bouw van de woningen in De Groeve past binnen de programmering van de regio en het omgevingsbeleid van de provincie Drenthe. De raad heeft het aantal gebaseerd op een optimale invulling van het terrein.

2.4. Uit de plantoelichting volgt dat in 2005 een woningbouwlocatie met 25 onderscheidende woonkavels in aansluiting op het bebouwingslint van De Groeve langs de Hunzeweg is gerealiseerd. Het bestemmingsplan "Zuidoevers Zuidlaardermeer", vastgesteld op 13 december 2005, voorziet in de realisering van de desbetreffende kavels. Ter zitting is gebleken dat tot op heden slechts drie van de 25 vrije kavels zijn verkocht.

Op grond van het voorliggende bestemmingsplan kunnen 17 woningen extra in de kern van De Groeve gerealiseerd worden. Dit betreffen drie vrijstaande woningen en zeven twee-onder-een-kapwoningen.

Ter zitting is gebleken dat de raad drie vrije kavels, zes sociale huurwoningen en acht koopwoningen wil realiseren. De drie vrije kavels grenzen aan de 25 kavels uit het bestemmingsplan "Zuidoevers Zuidlaardermeer" en zullen op de particuliere markt aangeboden worden. Volgens de raad zijn dit vergelijkbare kavels met de 25 woonkavels uit het bestemmingsplan "Zuidoevers Zuidlaardermeer". Ten aanzien van de bouw van zes sociale huurwoningen en acht koopwoningen heeft de raad afspraken met de woningbouwcorporatie gemaakt.

2.5. Ter zitting is gebleken dat de raad de behoefte aan de 17 woningen heeft vastgesteld op basis van de taakstelling ten aanzien van de woningbouwbehoefte binnen de regio Groningen-Assen. Deze taakstelling is gebaseerd op het onderzoek van het bureau ABF "Woningmarktverkenning provincie Groningen en regio Groningen-Assen op basis van WoON2006" van september 2007. In dit onderzoek is de woningbouwbehoefte binnen de gehele regio Groningen-Assen berekend en wordt niet specifiek ingegaan op de kern van De Groeve.

2.6. De raad heeft ter zitting aangegeven dat vanwege de huidige economische omstandigheden op dit moment niet zeker is dat de desbetreffende taakstelling gerealiseerd zal worden. De Afdeling stelt vast dat de financiële crisis bij de vaststelling van het bestemmingsplan al in volle gang was, zodat hiervan ten tijde van de vaststelling van het plan al kon worden uitgegaan. Nu in het aangrenzend gebied nog 22 vergelijkbare kavels te koop staan is niet aannemelijk dat het bijzondere woonklimaat in de kern van De Groeve voorziet in de gestelde behoefte. Nu de raad ook overigens ten aanzien van de woningbouwbehoefte geen nader onderzoek heeft overgelegd, heeft de raad niet aannemelijk gemaakt dat een behoefte bestaat aan de drie vrije kavels in de kern van De Groeve. Desgevraagd heeft de raad ter zitting aangegeven dat de realisering van de 14 overige woningen samenhangt met de realisering van de drie vrije kavels omdat de realisering van de drie vrije kavels van belang is voor de financiële uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. Daarbij heeft de raad uitdrukkelijk aangegeven dat als de drie vrije kavels niet gerealiseerd worden de kans bestaat dat het gehele plan niet doorgaat. Gelet hierop heeft de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat het aannemelijk is dat de 17 woningen binnen de planperiode gerealiseerd worden.

2.7. In hetgeen [appellanten] hebben aangevoerd ziet de Afdeling aanleiding voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plandeel strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Het beroep is gegrond. Het bestreden besluit dient wegens strijd met artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening te worden vernietigd voor zover dit betreft het plandeel met de bestemmingen "Wonen" en "Verkeer" zoals nader aangegeven op de bij deze uitspraak behorende kaart. Gelet hierop behoeven de overige beroepsgronden van [appellanten] geen bespreking.

2.8. De raad dient ten aanzien van [appellanten] op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart het beroep gegrond;

II. vernietigt het besluit van de raad van de gemeente Tynaarlo van 16 februari 2010 voor zover dit betreft het plandeel met de bestemmingen "Wonen" en "Verkeer" zoals nader aangegeven op de bij deze uitspraak behorende kaart;

III. veroordeelt de raad van de gemeente Tynaarlo tot vergoeding van bij [appellanten] in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 48,35, (zegge: achtenveertig euro en vijfendertig cent), met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de ander;

IV. gelast dat de raad van de gemeente Tynaarlo aan [appellanten] het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 150,00 (zegge: honderdvijftig euro) vergoedt, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de ander.

Aldus vastgesteld door mr. M.W.L. Simons-Vinckx, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. B.C. Bošnjaković, ambtenaar van staat.

w.g. Simons-Vinckx w.g. Bošnjaković

lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 10 november 2010

410-675.

<HR>

plankaart