Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2010:BN2607

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
21-07-2010
Datum publicatie
28-07-2010
Zaaknummer
201006065/2/H1
Rechtsgebieden
Omgevingsrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 26 februari 2009 heeft het college aan de gemeente Groningen vrijstelling van het bestemmingsplan verleend voor het realiseren van een zogenoemde VMBO-boulevard op een perceel aan de Kluiverboom te Groningen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201006065/2/H1.

Datum uitspraak: 21 juli 2010

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), hangende het hoger beroep van:

de vereniging Vereniging van Eigenaren Vaargeul 174-200 en anderen, gevestigd, onderscheidenlijk wonend, te Groningen (hierna: de vereniging en anderen),

verzoekers,

tegen de uitspraak van de rechtbank Groningen van 21 mei 2010 in de zaken nrs. 09/897, 09/907 en 09/925 in het geding tussen:

1. [eiser sub 1],

2. de vereniging en anderen en

3. [eiser sub 3]

en

het college van burgemeester en wethouders van Groningen (hierna: het college).

1. Procesverloop

Bij besluit van 26 februari 2009 heeft het college aan de gemeente Groningen vrijstelling van het bestemmingsplan verleend voor het realiseren van een zogenoemde VMBO-boulevard op een perceel aan de Kluiverboom te Groningen.

Bij onderscheiden besluiten van 2 maart 2009 heeft het aan de gemeente bouwvergunningen verleend voor het bouwen van een schoolgebouw, onderscheidenlijk een sportgebouw, op percelen aan de Kluiverboom te Groningen.

Bij onderscheiden besluiten van 19 augustus 2009 heeft het, voor zover thans van belang, de door de vereniging en anderen daartegen gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 21 mei 2010, verzonden op 27 mei 2010, heeft de rechtbank, voor zover thans van belang, het door de vereniging en anderen daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak hebben de vereniging en anderen bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 24 juni 2010, hoger beroep ingesteld. Voorts hebben zij de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 15 juli 2010, waar de vereniging en anderen, vertegenwoordigd door [voorzitter] en [lid van haar bestuur], bijgestaan door mr. A.A. Westers, advocaat te Groningen, en het college, vertegenwoordigd door R. Snel, advocaat te Groningen, en R.G. Oorthuizen, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Genomen besluiten zijn in het algemeen uitvoerbaar, ook als daartegen een rechtsmiddel is aangewend. Dit uitgangspunt geldt te meer, indien, zoals in dit geval, de rechter in eerste aanleg het daartegen ingestelde beroep ongegrond heeft bevonden.

2.2. Hetgeen de vereniging en anderen naar voren hebben gebracht, geeft geen aanleiding om op voorhand aan te nemen dat de aangevallen uitspraak in de bodemprocedure niet in stand zal blijven, althans uiteindelijk zal blijken dat voor het bouwplan geen vrijstelling en bouwvergunning mocht worden verleend. Onder die omstandigheden en bij afweging van de betrokken belangen, waarbij mede in aanmerking wordt genomen dat, naar zijdens het college onweersproken is gesteld, het casco van de op te richten gebouwen inmiddels is gerealiseerd en aan de afbouw moet worden begonnen, bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. J.A.A. van Roessel, ambtenaar van Staat.

w.g. Loeb w.g. Van Roessel

voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 21 juli 2010

457.