Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2010:BM9658

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
30-06-2010
Datum publicatie
30-06-2010
Zaaknummer
201004081/1/H2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

DPB heeft bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 26 april 2010, beroep ingesteld. De gronden van het beroep zijn aangevuld bij brief van 27 april 2010.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
BA 2010/167
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

201004081/1/H2.

Datum uitspraak: 30 juni 2010

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

de vereniging Vereniging Democratisch Progressief Blok D.P.B. (hierna: DPB), gevestigd te Echt, gemeente Echt-Susteren,

appellante,

en

de voorzitter van het hoofdstembureau van de gemeente Echt-Susteren,

verweerder.

1. Procesverloop

DPB heeft bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 26 april 2010, beroep ingesteld. De gronden van het beroep zijn aangevuld bij brief van 27 april 2010.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 11 mei 2010, waar DPB, vertegenwoordigd door [secretaris] van het DPB, en de Kiesraad, vertegenwoordigd door mr. M. Bakker, zijn verschenen.

DPB heeft nadere stukken ingediend.

De Afdeling heeft de behandeling van de zaak ter zitting voortgezet op 22 juni 2010. DPB, vertegenwoordigd door [secretaris], is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Uit de stukken en de daarop gegeven toelichting is gebleken dat het beroep betrekking heeft op de handelwijze van de burgemeester van Echt-Susteren in zijn hoedanigheid van voorzitter van het hoofdstembureau in die gemeente. DPB heeft zich met betrekking tot deze handelwijze gericht tot de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

2.2. Bij de Afdeling kan geen klacht worden ingediend ter zake van de handelwijze van de voorzitter van het hoofdstembureau. De Afdeling is derhalve onbevoegd om van het beroep kennis te nemen.

2.3. De Afdeling zal, overeenkomstig haar verzoek, de door appellante ingediende stukken aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zenden.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart zich onbevoegd om van het beroep kennis te nemen.

Aldus vastgesteld door mr. D.A.C. Slump, voorzitter, en mr. C.H.M. van Altena en mr. C.J.M. Schuyt, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.R. Poot, ambtenaar van Staat.

w.g. Slump w.g. Poot

voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 30 juni 2010

362.