Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2010:BM8787

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
23-06-2010
Datum publicatie
23-06-2010
Zaaknummer
200904765/1/R3
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 20 april 2009 heeft de raad het bestemmingsplan "Centrum Zuid 2008" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200904765/1/R3.

Datum uitspraak: 23 juni 2010

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant A], wonend te [woonplaats] en [appellante B], gevestigd te [plaats] (hierna tezamen en in enkelvoud: [appellant]),

en

de raad van de gemeente Tilburg,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 20 april 2009 heeft de raad het bestemmingsplan "Centrum Zuid 2008" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft [appellant] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 1 juli 2009, beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

[appellant] heeft nadere stukken ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 10 mei 2010, waar [appellant], bij monde van [appellant A], en de raad van de gemeente Tilburg, vertegenwoordigd door D.J. Kersten, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Het bestemmingsplan "Centrum Zuid 2008" betreft een algehele herziening van de voorheen geldende plannen met betrekking tot het plangebied "Centrum Zuid". In dit plan valt het perceel Oude Dijk 24 in een plandeel met de bestemming "Wonen".

2.2. [appellant] betoogt dat het perceel Oude Dijk 24 onterecht als "Wonen" is bestemd. Hij voert hiervoor aan dat onder het voorheen geldende plan nog wel de mogelijkheid bestond op het perceel Oude Dijk 24 een gestapelde woning te realiseren. Onder het nieuwe plan wordt dit recht volgens hem aangetast. Daarnaast stelt [appellant] zich op het standpunt dat hem op 13 maart 2009 een vergunning is verleend voor het splitsen van de woning in twee appartementen en dat het perceel dus de bestemming "Wonen-gestapeld" behoort te krijgen. Ter zitting heeft [appellant] aangevoerd dat het college van burgemeester en wethouders van Tilburg (hierna: het college) bij brief van 18 maart 2010 aan [appellant] te kennen heeft gegeven dat het college ten behoeve van de woonruimte op de verdieping een nieuw huisnummer heeft toegewezen.

2.2.1. De raad heeft de zienswijze van [appellant] over het ontwerpplan ongegrond verklaard, onder verwijzing naar het voorstel van het college, waarin onder meer wordt gesteld dat ook het voorheen geldende plan geen mogelijkheid bood voor gestapeld wonen op het perceel Oude Dijk 24. Voorts stelt de raad dat [appellant] een bouwvergunning is verleend voor het plaatsen van een opbouw, dat wil zeggen een uitbreiding van de verdieping, en niet voor een splitsing van het pand op dit perceel.

Verder stelt hij dat hij, gelet op de definitie van een gestapelde woning in artikel 1 van de planregels, de bestaande situatie van de woning niet als een gestapelde woning beschouwt, omdat volgens de bouwtekening, behorende bij de bouwvergunning van 13 maart 2009, de begane grond niet als volwaardige woning kan worden gezien vanwege het ontbreken van slaapkamers. De verdieping kan, aldus de raad, ook niet als volwaardige woning aangemerkt worden, omdat daar een woonkamer ontbreekt.

Ter zitting heeft de raad nog aangevoerd dat een gestapelde woning op het perceel Oude Dijk 24 bezwaarlijk is, nu de raad de bestemming "Wonen-gestapeld" alleen wenselijk acht langs de historische linten in het plangebied. Voorts vreest de raad parkeerproblemen op de Oude Dijk als gevolg van een gestapelde woning op het perceel Oude Dijk 24.

2.2.2. Ter zitting heeft de raad erkend dat hij er ten onrechte vanuit is gegaan dat het onder het voorheen geldende plan niet mogelijk was om op het perceel Oude Dijk 24 een gestapelde woning te realiseren. In zoverre heeft de raad bij de voorbereiding van het bestreden besluit niet de nodige kennis vergaard omtrent de relevante feiten.

[appellant] heeft, zo blijkt uit de stukken, bij besluit van 13 maart 2009 weliswaar slechts een vergunning voor een opbouw op de verdieping van de woning op het perceel Oude Dijk 24 gekregen, doch op de bouwtekeningen van [appellant] behorende bij deze vergunning zijn zowel op de begane grond als op de verdieping een keuken, toilet en badkamer opgenomen. Voorts heeft het college aan het perceel een extra huisnummer toegekend.

De raad heeft voorts niet kunnen aantonen waarom een gestapelde woning op het betreffende perceel bezwaarlijk zou zijn. De raad heeft ter staving van de gevreesde parkeerproblematiek geen concrete feiten en omstandigheden kunnen aanvoeren die deze vrees ondersteunen. Ter zitting heeft de raad gesteld dat hem geen parkeerproblemen uit het verleden bekend zijn, terwijl [appellant] ter zitting onweersproken heeft gesteld dat reeds 20 jaar lang gestapeld wordt gewoond in het pand op het perceel Oude Dijk 24. Het oordeel dat de bestemming "Wonen-gestapeld" alleen wenselijk zou zijn langs de historische linten is eveneens onvoldoende onderbouwd.

Wat betreft het betoog van de raad dat de woning op dit moment niet zou voldoen aan de definitie van gestapelde woning zoals opgenomen in artikel 1 van de planregels van het nieuwe bestemmingsplan geldt dat deze definitie onderdeel uitmaakt van het bestreden besluit en daarom op zichzelf geen argument kan zijn om gestapeld wonen niet toe te staan.

Op grond van het voorgaande is de Afdeling van oordeel dat de raad geen deugdelijke motivering ten grondslag heeft gelegd aan het niet langer toestaan van gestapeld wonen op het perceel Oude Dijk 24.

Conclusie

2.3. De conclusie is dat hetgeen [appellant] heeft aangevoerd aanleiding geeft voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plandeel met de bestemming "Wonen", voor zover toegekend aan het perceel Oude Dijk 24, strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Het beroep is gegrond, zodat het bestreden besluit wegens strijd met artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening dient te worden vernietigd, voor zover het betreft het plandeel met de bestemming "Wonen", voor zover toegekend aan het perceel Oude Dijk 24.

2.4. Van proceskosten die voor vergoeding in aanmerking komen, is niet gebleken.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart het beroep gegrond;

II. vernietigt het besluit van de raad van de gemeente Tilburg van 20 april 2009, nr. 111/5, tot vaststelling van het bestemmingsplan "Centrum Zuid 2008", voor zover het betreft het plandeel met de bestemming "Wonen", voor zover toegekend aan het perceel Oude Dijk 24;

III. gelast dat de raad van de gemeente Tilburg aan [appellant A] en [appellant B] het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 297,00 (zegge: tweehonderdzevenennegentig euro) vergoedt, met dien verstande dat betaling aan een van hen bevrijdend werkt ten opzichte van de ander.

Aldus vastgesteld door mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillessen, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. R.I.Y. Lap, ambtenaar van Staat.

w.g. Van der Beek-Gillessen w.g. Lap

lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 23 juni 2010

288-653.