Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2010:BL7789

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
17-03-2010
Datum publicatie
17-03-2010
Zaaknummer
200906297/1/H1
Rechtsgebieden
Omgevingsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 8 december 2008 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bolsward (hierna: het college) [vergunninghouder] vrijstelling van het bestemmingsplan en bouwvergunning verleend voor het vergroten van de woning op het perceel [locatie] te Bolsward (hierna: het perceel).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200906297/1/H1.

Datum uitspraak: 17 maart 2010

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant], wonend te Bolsward,

tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Leeuwarden van 9 juli 2009 in de zaken nrs. 09/1237 en 09/1238 in het geding tussen:

appellant

en

het college van burgemeester en wethouders van Bolsward.

1. Procesverloop

Bij besluit van 8 december 2008 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bolsward (hierna: het college) [vergunninghouder] vrijstelling van het bestemmingsplan en bouwvergunning verleend voor het vergroten van de woning op het perceel [locatie] te Bolsward (hierna: het perceel).

Bij besluit van 2 juni 2009 heeft het het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 9 juli 2009, verzonden op 10 juli 2009, heeft de rechtbank Leeuwarden (hierna: de rechtbank) het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft [appellant] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 20 augustus 2009, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 17 september 2009.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

[vergunninghouder] heeft nadere stukken ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 16 februari 2010, waar het college, vertegenwoordigd door M.M. Bosma, ambtenaar in dienst van de gemeente, is verschenen. Tevens is daar [vergunninghouder] verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Het bouwplan strekt tot het aanbrengen van een extra verdieping op de garage. Het is wat betreft de bouwhoogte in strijd met het ten tijde van het besluit van 2 juni 2009 geldende bestemmingsplan 'Bolsward-Kom' (hierna: het bestemmingsplan). Teneinde realisering ervan toch mogelijk te maken, heeft het college daarvan krachtens artikel 19, derde lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (hierna: WRO), vrijstelling verleend.

2.2. [appellant] klaagt dat de rechtbank, door hem niet te volgen in het betoog dat het college niet in redelijkheid ten behoeve van het bouwplan vrijstelling van het bestemmingsplan heeft kunnen verlenen, heeft miskend dat na realisering van het bouwplan vanuit de te vergroten woning meer in zijn woning kan worden gekeken, zijn uitzicht wordt beperkt en het college ten onrechte is afgeweken van zijn gedragslijn dat geen medewerking aan verdiepingen op aanbouwen wordt verleend.

2.2.1. De afstand tussen de woning van [appellant] en de te vergroten woning bedraagt ten minste 20 meter. De rechtbank heeft met juistheid in het in beroep aangevoerde geen grond gevonden voor het oordeel dat het college zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat [vergunninghouder] een gerechtvaardigde wens heeft om extra gebruiksvertrekken in zijn woning te creƫren en [appellant] door realisering van het bouwplan niet onevenredig in zijn belang wordt geraakt. Verder is een vaste gedragslijn, als door [appellant] gesteld en door het college bestreden, niet aannemelijk gemaakt.

2.3. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. R. van Heusden, ambtenaar van Staat.

w.g. Loeb w.g. Van Heusden

lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 17 maart 2010

163-642.