Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2009:BK7475

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
23-12-2009
Datum publicatie
23-12-2009
Zaaknummer
200902334/1/M2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 5 augustus 2008 heeft het college van gedeputeerde staten van Flevoland (hierna: het college) een gedoogbevel aan [appellant] en [echtgenote] opgelegd ter zake van de uitvoering van de sanering op het perceel [locatie] te [plaats].

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200902334/1/M2.

Datum uitspraak: 23 december 2009

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant], wonend te [woonplaats],

en

het college van gedeputeerde staten van Flevoland,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 5 augustus 2008 heeft het college van gedeputeerde staten van Flevoland (hierna: het college) een gedoogbevel aan [appellant] en [echtgenote] opgelegd ter zake van de uitvoering van de sanering op het perceel [locatie] te [plaats].

Bij besluit gedateerd 20 januari 2008, verzonden 2 februari 2009, heeft het college het door [appellant] en [echtgenote] hiertegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Tegen dit besluit heeft [appellant] bij brief, bij de rechtbank Zwolle-Lelystad ingekomen op 13 maart 2009, beroep ingesteld. De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft het beroep doorgezonden naar de Raad van State.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 13 november 2009, waar het college, vertegenwoordigd door R. Lutje-Schipholt en mr. drs. C.M.K. Ipenburg, is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Ingevolge artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Algemene wet bestuursrecht, voor zover thans van belang, bevat het beroepschrift ten minste de gronden van het beroep. Indien niet is voldaan aan artikel 6:5 kan het beroep ingevolge artikel 6:6 van de Algemene wet bestuursrecht niet-ontvankelijk worden verklaard, mits de indiener de gelegenheid heeft gehad het verzuim te herstellen binnen een hem daartoe gestelde termijn.

2.1.1. In het beroepschrift is uitsluitend een verzoek aan de Afdeling vervat om ervoor zorg te dragen dat het door [appellant] aan de rechtbank Zwolle-Lelystad betaalde griffierecht ten bedrage van € 150,00 wordt teruggestort. Dit verzoek kan echter niet worden ingewilligd, nu in deze procedure slechts de rechtmatigheid van het bestreden besluit aan de orde kan komen.

2.2. In het beroepschrift zijn geen gronden aangevoerd tegen het besluit van 20 januari 2009, hetwelk abusievelijk is gedateerd 20 januari 2008. Bij aangetekende brief van 3 april 2009 is [appellant] gewezen op dit verzuim en is hij tot en met 6 mei 2009 in de gelegenheid gesteld het te herstellen. Hierbij is vermeld dat, indien het verzuim niet binnen de gestelde termijn wordt hersteld, er rekening mee moet worden gehouden dat het beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard.

Met een brief van 12 april 2009 heeft [appellant] beoogd de gronden van het beroep aan te voeren. Aangezien er in deze brief geen inhoudelijke gronden tegen het bestreden besluit worden aangevoerd, maar de brief slechts een verzoek ten aanzien van het griffierecht en andere gemaakte kosten inhoudt met een bijbehorende toelichting, bevat deze brief, anders dan [appellant] meent, evenmin de gronden van het beroep.

[appellant] heeft de gronden van het beroep derhalve niet binnen de gestelde termijn ingediend.

2.3. Het beroep is niet-ontvankelijk.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. J.M. Boll, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. M.J. van der Zijpp, ambtenaar van Staat.

w.g. Boll w.g. Van der Zijpp

lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 23 december 2009

407/262-645.