Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2009:BJ8276

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
23-09-2009
Datum publicatie
23-09-2009
Zaaknummer
200902449/1/H2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 16 april 2008 heeft de raad voor rechtsbijstand 's-Gravenhage (hierna: de raad) een aanvraag om gesubsidieerde rechtsbijstand afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200902449/1/H2.

Datum uitspraak: 23 september 2009

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

de raad voor rechtsbijstand 's-Gravenhage,

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage van 23 februari 2009 in zaak nr. 08/6939 in het geding tussen:

[wederpartij]

en

de raad voor rechtsbijstand 's-Gravenhage.

1. Procesverloop

Bij besluit van 16 april 2008 heeft de raad voor rechtsbijstand 's-Gravenhage (hierna: de raad) een aanvraag om gesubsidieerde rechtsbijstand afgewezen.

Bij besluit van 31 juli 2008 heeft de raad het daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

Bij uitspraak van 23 februari 2009, verzonden op 27 februari 2009, heeft de rechtbank 's-Gravenhage (hierna: de rechtbank) het door [wederpartij] daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 31 juli 2008 vernietigd en bepaald dat de raad een nieuw besluit neemt op het bezwaarschrift. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft de raad bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 8 april 2009, hoger beroep ingesteld. De gronden van het hoger beroep zijn aangevuld bij brief van 27 april 2009.

[wederpartij] heeft een verweerschrift ingediend.

Partijen hebben de Afdeling toestemming verleend om te bepalen dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft.

2. Overwegingen

2.1. De raad betoogt dat de rechtbank, door te overwegen dat mr. A.J.J. de Nijs, advocaat, (hierna: De Nijs) namens haar cliënte [wederpartij] bezwaar heeft gemaakt, heeft miskend dat het bezwaarschrift namens de advocaat zelf is ingediend.

2.1.1. Dit betoog faalt. De rechtbank heeft terecht overwogen dat in het bezwaarschrift van 21 april 2008 niet valt te lezen dat De Nijs dit niet (mede) namens [wederpartij] heeft ingediend. Weliswaar is de brief in de ik-vorm opgesteld, maar tevens wordt daarin vermeld: "Momenteel heeft [wederpartij] een inkomen op bijstandniveau. Zij heeft dan ook geen mogelijkheden om mijn kosten zelf te betalen" en "Ik verzoek u dringend per omgaande een toevoeging voor haar af te geven". In de kop van het bezwaarschrift staat bovendien vermeld: "Betreft: [wederpartij]/[belanghebbende]". Door deze vermeldingen heeft De Nijs voldoende duidelijk kenbaar gemaakt (ook) namens [wederpartij] bezwaar te maken. Voor zover daarover twijfel mogelijk was, had het op de weg van de raad gelegen bij De Nijs na te gaan of deze beoogde op eigen naam dan wel (mede) namens [wederpartij] bezwaar te maken. De rechtbank heeft het beroep van [wederpartij] dan ook terecht gegrond verklaard en het besluit van 31 juli 2008 terecht vernietigd.

2.2. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd. De raad zal alsnog een inhoudelijk besluit moeten nemen op het bezwaarschrift van 21 april 2008.

2.3. De raad dient op na te melden wijze in de proceskosten te worden veroordeeld.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. bevestigt de aangevallen uitspraak;

II. veroordeelt de raad voor rechtsbijstand 's-Gravenhage tot vergoeding van bij [wederpartij] in verband met de behandeling van het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 161,00 (zegge: honderdeenenzestig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand; het dient door de raad voor rechtsbijstand den Haag aan [wederpartij] te worden betaald;

III. verstaat dat de secretaris van de Raad van State van de raad voor rechtsbijstand den Haag griffierecht ten bedrage van € 447,00 (zegge: vierhonderdzevenenveertig euro) heft.

Aldus vastgesteld door mr. J.E.M. Polak, voorzitter, en mr. D.A.C. Slump en mr. A.W.M. Bijloos, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.R. Poot, ambtenaar van Staat.

w.g. Polak w.g. Poot

voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 23 september 2009

362.