Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2009:BJ3412

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
22-07-2009
Datum publicatie
23-07-2009
Zaaknummer
200808854/1/H3
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 17 oktober 2007 heeft de burgemeester van Venlo (hierna: de burgemeester) aan [vergunninghouder] vergunning verleend voor de exploitatie van een horeca-inrichting in het pand [locatie] te [plaats] (hierna: de inrichting).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

200808854/1/H3.

Datum uitspraak: 22 juli 2009.

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellanten], allen wonend te [woonplaats],

tegen de uitspraak van de rechtbank Roermond van 27 oktober 2008 in zaak nr. 08/692 in het geding tussen:

appellanten

en

de burgemeester van Venlo.

1. Procesverloop

Bij besluit van 17 oktober 2007 heeft de burgemeester van Venlo (hierna: de burgemeester) aan [vergunninghouder] vergunning verleend voor de exploitatie van een horeca-inrichting in het pand [locatie] te [plaats] (hierna: de inrichting).

Bij besluit van 17 maart 2008 heeft de burgemeester het door [appellanten] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 27 oktober 2008, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank Roermond (hierna: de rechtbank) het door [appellanten] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak hebben [appellanten] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 8 december 2008, hoger beroep ingesteld. De gronden van het beroep zijn aangevuld bij brief van 6 januari 2009.

De burgemeester heeft een verweerschrift ingediend.

De burgemeester en [appellanten] hebben nadere stukken ingediend.

Daartoe in de gelegenheid gesteld, heeft [vergunninghouder] nog een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 23 juni 2009, waar de burgemeester, vertegenwoordigd door J.M.G. Vincken, ambtenaar in dienst van de gemeente Venlo, is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Nu de aan [vergunninghouder] voor de exploitatie van de inrichting verleende vergunning per 1 mei 2009 is vervallen, moet worden onderzocht of [appellanten] nog belang hebben bij het door hen ingestelde hoger beroep. Zij stellen belang te hebben bij een oordeel van de Afdeling over de wijze, waarop de burgemeester de vergunningverlening heeft getoetst aan de Algemene plaatselijke verordening van Venlo, omdat de burgemeester per 1 mei 2009 voor de exploitatie van de inrichting vergunning heeft verleend aan [belanghebbende] en deze vergunning, zowel naar vorm, als naar inhoud, nagenoeg geheel overeenkomt met de aan [vergunninghouder] verleende vergunning.

2.1.1. De door [appellanten] aangevoerde stelling dat een beoordeling van hun hoger beroep van belang is in verband met het besluit van de burgemeester op de aanvraag van [belanghebbende], waarbij vergunning is verleend ten behoeve van de exploitatie van een horeca-inrichting op dezelfde locatie, levert geen belang op bij het ingestelde hoger beroep. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 5 juni 2002 in zaak nr. 200106139/1), is de bestuursrechter alleen in het kader van een geschil met betrekking tot een besluit tot het beantwoorden van rechtsvragen geroepen. Waar zodanig geschil niet langer bestaat, zoals in dit geval omdat de aan [vergunninghouder] verleende vergunning van rechtswege is vervallen, kan de rechter geen oordeel geven.

Het betoog faalt.

2.2. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, voorzitter, en mr. T.M.A. Claessens en mr. K.J.M. Mortelmans, leden, in tegenwoordigheid van mr. P. Klein, ambtenaar van Staat.

w.g. Loeb w.g. Klein

voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 22 juli 2009.

97-611.