Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2009:BI9679

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
19-06-2009
Datum publicatie
24-06-2009
Zaaknummer
200901695/2/R1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 13 januari 2009, kenmerk 2009/0001289, heeft het college van gedeputeerde staten van Overijssel (hierna: het college) besloten over de goedkeuring van het door de raad van de gemeente Rijssen-Holten (hierna: de raad) bij besluit van 26 mei 2008 vastgestelde bestemmingsplan "Zilverzandtracé".

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200901695/2/R1.

Datum uitspraak: 19 juni 2009

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op de verzoeken om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:

1. [verzoekers sub 1], wonend te [woonplaats],

2. [verzoekers sub 2], wonend te [woonplaats],

en

het college van gedeputeerde staten van Overijssel,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 13 januari 2009, kenmerk 2009/0001289, heeft het college van gedeputeerde staten van Overijssel (hierna: het college) besloten over de goedkeuring van het door de raad van de gemeente Rijssen-Holten (hierna: de raad) bij besluit van 26 mei 2008 vastgestelde bestemmingsplan "Zilverzandtracé".

Tegen dit besluit hebben onder meer [verzoekers sub 1] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 30 maart 2009, en [verzoekers sub 2] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 31 maart 2009, beroep ingesteld. [verzoekers sub 1] hebben de gronden van hun beroep aangevuld bij brief van 27 april 2009.

Bij dezelfde brief als waarmee beroep is ingesteld hebben [verzoekers sub 1] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 14 mei 2009, hebben [verzoekers sub 2] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. [verzoekers sub 1] hebben de gronden van hun verzoek om voorlopige voorziening aangevuld bij brief van 13 april 2009.

De voorzitter heeft de verzoeken ter zitting behandeld op 2 juni 2009, waar [verzoekers sub 1], in persoon en bijgestaan door G.J. Snippert, en [verzoekers sub 2], vertegenwoordigd door [een der verzoekers sub 2], zijn verschenen. Voorts is daar gehoord de raad, vertegenwoordigd door ing. W.F. van der Lugt en mr. C. van Bart, werkzaam bij de gemeente.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Blijkens de stukken en het verhandelde ter zitting zal het Zilverzandtracé op ruim 700 meter van de woningen van [verzoekers sub 2] komen te liggen en zullen die woningen voorts van het tracé worden gescheiden door de spoorlijn Almelo - Deventer. In verband hiermee bestaat bij de voorzitter ernstige twijfel of deze verzoekers als belanghebbenden bij het bestreden besluit kunnen worden aangemerkt en of hun beroep in de bodemprocedure ontvankelijk zal worden geacht. De voorzitter ziet evenwel aanleiding om voorshands van de ontvankelijkheid van het beroep van [verzoekers sub 2] uit te gaan.

2.3. [verzoekers sub 1] en [verzoekers sub 2] stellen dat de gemeente voornemens is om op korte termijn te beginnen met de uitvoering van het bestemmingsplan "Zilverzandtracé". In dit verband hebben zij gewezen op een voorstel van het college van burgemeester en wethouders aan de raad tot het beschikbaar stellen van een krediet voor de uitvoering. Volgens hen bestaat er daarom spoedeisend belang bij het treffen van een voorlopige voorziening.

2.4. Ter zitting heeft de raad aangegeven dat, voordat met de daadwerkelijke uitvoering van het bestemmingsplan en de aanleg van het Zilverzandtracé kan worden begonnen, nog een groot aantal voorbereidende werkzaamheden dient te worden verricht. Deze werkzaamheden bestaan uit het opstellen van een werkbestek, het in eigendom verkrijgen van alle benodigde gronden door de gemeente en het volgen van een aanbestedingsprocedure. Aanbesteding - aldus de raad ter zitting - vindt eerst plaats als het bestemmingsplan "Zilverzandtracé" onherroepelijk is geworden. De raad verwacht in verband hiermee niet vóór medio 2010 te kunnen beginnen met de daadwerkelijke uitvoering van het bestemmingsplan en de aanleg van het Zilverzandtracé.

2.5. Gelet op het vorenstaande is de voorzitter van oordeel dat verzoekers geen spoedeisend belang hebben bij het treffen van een voorlopige voorziening.

2.6. Gelet hierop bestaat aanleiding de verzoeken om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.

2.7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst de verzoeken af.

Aldus vastgesteld door mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillessen, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. N.T. Zijlstra, ambtenaar van Staat.

w.g. Van der Beek-Gillessen w.g. Zijlstra

Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 19 juni 2009

240