Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2008:BD5576

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
19-06-2008
Datum publicatie
02-07-2008
Zaaknummer
200801928/1
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Procesbelang / overlijden/ geen wettelijke erfgenamen

Na het instellen van het onderhavige hoger beroep is de vreemdeling komen te overlijden. Gelet hierop en nu zijn gemachtigde bij brief van 9 juni 2008 te kennen heeft gegegeven dat niet is gebleken van wettelijke erfgenamen, die namens de vreemdeling de procedure voortzetten, kan met het hoger beroep niet meer worden bereikt wat daarmee wordt beoogd. Derhalve is aan het hoger beroep het belang komen te ontvallen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200801928/1.

Datum uitspraak: 19 juni 2008

RAAD VAN STATE

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

Wijlen [appellant],

appellant,

tegen de uitspraak in zaak nr. 08/6292 van de rechtbank 's Gravenhage, nevenzittingsplaats 's Hertogenbosch, van 10 maart 2008 in het geding tussen:

voornoemde [appellant]

en

de staatssecretaris van Justitie.

1. Procesverloop

Bij besluit van 20 februari 2008 is thans wijlen [appellant] (hierna: de vreemdeling) in vreemdelingenbewaring gesteld.

Bij uitspraak van 10 maart 2008, verzonden op 11 maart 2008, heeft de rechtbank ’s Gravenhage, nevenzittingsplaats 's Hertogenbosch, het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling bij brief, bij de Raad van State binnengekomen op 17 maart 2008, hoger beroep ingesteld. Tevens heeft hij daarbij de Afdeling verzocht hem schadevergoeding toe te kennen.

De staatssecretaris van Justitie heeft een verweerschrift ingediend.

Desgevraagd heeft de gemachtigde van de vreemdeling schriftelijke uiteenzettingen ingediend.

Vervolgens is het onderzoek gesloten.

2. Overwegingen

2.1. Na het instellen van het onderhavige hoger beroep is de vreemdeling komen te overlijden. Gelet hierop en nu zijn gemachtigde bij brief van 9 juni 2008 te kennen heeft gegegeven dat niet is gebleken van wettelijke erfgenamen, die namens de vreemdeling de procedure voortzetten, kan met het hoger beroep niet meer worden bereikt wat daarmee wordt beoogd. Derhalve is aan het hoger beroep het belang komen te ontvallen.

2.2. Het hoger beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het hoger beroep niet ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. P.A. Offers, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. W.M.P. van Gemert, ambtenaar van Staat.

w.g. Offers

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Van Gemert

ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 19 juni 2008

243-549.

Verzonden: 19 juni 2008

Voor eensluidend afschrift,

de secretaris van de Raad van State,

voor deze,

mr. H.H.C. Visser,

directeur Bestuursrechtspraak