Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2008:BC6383

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
06-03-2008
Datum publicatie
12-03-2008
Zaaknummer
200800706/2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 2 mei 2007 heeft de korpschef van de regiopolitie Drenthe (hierna: de korpschef) [wederpartij] naar aanleiding van zijn verzoek om afschriften van alle in 2006 verleende en geweigerde verloven tot het voorhanden hebben van een vuurwapen, een aantal gegevens verstrekt.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

200800706/2.

Datum uitspraak: 6 maart 2008

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de

Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:

de korpschef van de regiopolitie Drenthe,

verzoeker,

tegen de uitspraak in zaak nr. 07/604 van de rechtbank Assen van 6 december 2007 in het geding tussen:

[wederpartij], wonend te Utrecht

en

de korpsbeheerder van de regiopolitie Drenthe.

1. Procesverloop

Bij besluit van 2 mei 2007 heeft de korpschef van de regiopolitie Drenthe (hierna: de korpschef) [wederpartij] naar aanleiding van zijn verzoek om afschriften van alle in 2006 verleende en geweigerde verloven tot het voorhanden hebben van een vuurwapen, een aantal gegevens verstrekt.

Bij besluit van 3 juli 2007 heeft de korpsbeheerder van de regiopolitie Drenthe (hierna: de korpsbeheerder) het door [wederpartij] daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard en [wederpartij] een overzicht met gegevens verstrekt.

Bij uitspraak van 6 december 2007, verzonden op 21 december 2007, heeft de rechtbank Assen (hierna: de rechtbank) het door [wederpartij] daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 3 juli 2007 vernietigd en de korpsbeheerder opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van hetgeen in deze uitspraak is overwogen.

Tegen deze uitspraak heeft de korpschef bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 25 januari 2008, hoger beroep ingesteld. De gronden van het hoger beroep zijn aangevuld bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 21 februari 2008. Bij eerstgenoemde brief heeft de korpschef de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter heeft de verzoeken ter zitting behandeld op 28 februari 2008, waar de korpschef, vertegenwoordigd door mr. S. Denneman, werkzaam bij de politieregio Haaglanden, en [wederpartij], in persoon en bijgestaan door mr. H. van Drunen, werkzaam bij Juridisch Adviesbureau Maury, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Het verzoek strekt ertoe dat bij wijze van voorlopige voorziening wordt bepaald dat de korpsbeheerder in afwachting van de uitspraak op het ingestelde hoger beroep geen gevolg hoeft te geven aan de aangevallen uitspraak, voor zover deze inhoudt dat hij opnieuw op het bezwaar van [wederpartij] beslist. Afwijzing van het verzoek kan tot onomkeerbare gevolgen leiden. Gelet op de overwegingen van de rechtbank bestaat immers de mogelijkheid dat gevolg geven aan de aangevallen uitspraak inhoudt dat de korpsbeheerder gegevens aan [wederpartij] verstrekt waarvan hij openbaarmaking heeft geweigerd. Dit kan niet meer ongedaan worden gemaakt. Naar het oordeel van de voorzitter is niet op voorhand buiten twijfel dat de aangevallen uitspraak in hoger beroep in stand zal blijven, althans dat uiteindelijk zal blijken dat de korpsbeheerder de gegevens ten onrechte heeft geweigerd openbaar te maken. Gelet hierop en op de betrokken belangen, waarbij in aanmerking wordt genomen dat het belang van [wederpartij] om te beschikken over de gegevens met het oog op een toekomstige publicatie niet zodanig groot is dat dit thans tot openbaarmaking van de gegevens dient te leiden, ziet de voorzitter aanleiding de hierna te melden voorlopige voorziening te treffen.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

treft de voorlopige voorziening dat de korpsbeheerder van de regiopolitie Drenthe geen nieuw besluit op het bezwaar van [wederpartij] hoeft te nemen voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.

Aldus vastgesteld door mr. D.A.C. Slump, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M.M. van der Smissen, ambtenaar van Staat.

w.g. Slump w.g. Van der Smissen

voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 6 maart 2008

419.