Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2006:AY5481

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
28-07-2006
Datum publicatie
02-08-2006
Zaaknummer
200603506/2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 22 september 2005 heeft de gemeenteraad van Rijnwoude het bestemmingsplan "Molenhoek" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200603506/2.

Datum uitspraak: 28 juli 2006

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoekster], gevestigd te [plaats],

en

het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland,

verweerder.

1.    Procesverloop

Bij besluit van 22 september 2005 heeft de gemeenteraad van Rijnwoude het bestemmingsplan "Molenhoek" vastgesteld.

Bij besluit van 18 april 2006, kenmerk DRM/ARW/05/10528A, heeft verweerder beslist over de goedkeuring van dit plan.

Tegen dit besluit heeft verzoekster bij brief van 10 mei 2006, bij de Raad van State ingekomen op 11 mei 2006, beroep ingesteld. Bij brief van 10 mei 2006, bij de Raad van State ingekomen op 11 mei 2006, heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 14 juli 2006, waar verzoekster, vertegenwoordigd door [directeur], en verweerder, vertegenwoordigd door ing. J.C. Wassens, ambtenaar van de provincie, zijn verschenen. Voorts is daar gehoord de gemeenteraad, vertegenwoordigd door mr. D.J. van der Sar, ambtenaar van de gemeente.

2.    Overwegingen

2.1.    Op 1 juli 2005 zijn de Wet uniforme openbare voorbereidingsprocedure Awb en de Aanpassingswet uniforme openbare voorbereidingsprocedure Awb in werking getreden. Uit het daarbij behorende overgangsrecht volgt dat het recht zoals dat gold vóór de inwerkingtreding van deze wetten op dit geding van toepassing blijft.

2.2.    Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.3.    Het plan voorziet onder meer in een gedeeltelijke transformatie van een bedrijventerrein in een woongebied. Het zogenoemde bedrijfsverzamelgebouw aan de Corellistraat is als zodanig bestemd.

2.4.    Verzoekster stelt dat verweerder ten onrechte goedkeuring heeft verleend aan het plandeel aan de Corellistraat met de bestemming "Bedrijfs- en Kantoordoeleinden (BK)" en de daarbij behorende voorschriften. Daartoe voert zij aan dat als gevolg van voormelde bestemming de bouw- en gebruiksmogelijkheden ter plaatse van het bedrijfsverzamelgebouw ten opzichte van het voorheen geldende bestemmingsplan ernstig worden aangetast.

2.5.    De Voorzitter stelt vast dat aan het verzoek om voorlopige voorziening geen spoedeisend belang ten grondslag ligt, hetgeen door partijen ter zitting is bevestigd. Voorts is de Voorzitter niet gebleken van uitzonderlijke omstandigheden en bovendien zo urgente belangen dat de procedure in de hoofdzaak in redelijkheid niet kan worden afgewacht.

2.6.    Gelet op het vorenstaande dient het verzoek om voorlopige voorziening wegens het ontbreken van spoedeisend belang te worden afgewezen.      

2.7.    Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3.    Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. J.C.K.W. Bartel, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. S. Langeveld, ambtenaar van Staat.

w.g. Bartel    w.g. Langeveld

Voorzitter    ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 28 juli 2006

317-459.