Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2005:AU6198

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
16-11-2005
Datum publicatie
16-11-2005
Zaaknummer
200500531/1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 29 oktober 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem (hierna: het college) een verzoek van appellante om schadevergoeding afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200500531/1.

Datum uitspraak: 16 november 2005

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

de stichting "Stichting WIA 1991", gevestigd te Amsterdam,

appellante,

tegen de uitspraak in zaak no. AWB 03/1139 van de rechtbank Haarlem van 18 november 2004 in het geding tussen:

appellante

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem.

1.    Procesverloop

Bij besluit van 29 oktober 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem (hierna: het college) een verzoek van appellante om schadevergoeding afgewezen.

Bij uitspraak van 18 november 2004, verzonden op 25 november 2004, heeft de rechtbank Haarlem (hierna: de rechtbank), voorzover thans van belang, het daartegen door appellante ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellante bij brief van 5 januari 2005, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde dag, hoger beroep ingesteld. De gronden van het beroep zijn aangevuld bij brief van 2 maart 2005. Deze brieven zijn aangehecht.

Bij brief van 3 april 2005 heeft het college van antwoord gediend.

Na afloop van het vooronderzoek zijn nadere stukken ontvangen van appellante. Deze zijn aan de andere partij toegezonden.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 27 oktober 2005, waar appellante, vertegenwoordigd door O. de Rooij, en het college, vertegenwoordigd door mr. drs. E.Z. Tuboly,  ambtenaar der gemeente, Haarlem, zijn verschenen.

2.    Overwegingen

2.1.    Ambtshalve wordt als volgt overwogen. Appellante heeft tegen de afwijzing van haar verzoek geen bezwaar gemaakt, maar bij de rechtbank beroep ingesteld. De rechtbank heeft het beroepschrift ten onrechte niet aan het college doorgezonden ter behandeling in zoverre als bezwaarschrift. De aangevallen uitspraak dient, zij het met verbetering van de gronden waarop die rust, te worden bevestigd. De Afdeling zal het beroepschrift alsnog aan het college toezenden om door hem te worden behandeld als bezwaarschrift tegen de afwijzing van het verzoek.

2.2.    Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3.    Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. M.A.E. Planken, ambtenaar van Staat.

w.g. Loeb    w.g. Planken

Lid van de enkelvoudige kamer    ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 16 november 2005

299.