Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2005:AT6553

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
01-06-2005
Datum publicatie
01-06-2005
Zaaknummer
200409524/1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij schrijven van 12 juni 2003 heeft de Raad van Toezicht van de Orde van Advocaten in het arrondissement Arnhem (hierna: de Raad van Toezicht) verklaard verzet te doen tegen de inschrijving van appellant als advocaat en procureur bij de rechtbank Arnhem. Het beklag dat appellant daartegen heeft gedaan is bij beslissing van 15 december 2003 door het Hof van Discipline ongegrond verklaard.

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht
Algemene wet bestuursrecht 1:1
Advocatenwet
Advocatenwet 4
Advocatenwet 5
Advocatenwet 64
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JB 2005/208
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200409524/1.

Datum uitspraak: 1 juni 2005

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant], wonend te [woonplaats],

tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 15 oktober 2004 in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van Toezicht van de Orde van Advocaten in het arrondissement Arnhem.

1.    Procesverloop

Bij schrijven van 12 juni 2003 heeft de Raad van Toezicht van de Orde van Advocaten in het arrondissement Arnhem (hierna: de Raad van Toezicht) verklaard verzet te doen tegen de inschrijving van appellant als advocaat en procureur bij de rechtbank Arnhem. Het beklag dat appellant daartegen heeft gedaan is bij beslissing van 15 december 2003 door het Hof van Discipline ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 15 oktober 2004, verzonden op 18 oktober 2004, heeft de rechtbank 's-Hertogenbosch (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellant ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellant bij brief van 23 november 2004, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde dag, hoger beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 11 januari 2005 heeft Raad van Toezicht van antwoord gediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 14 april 2005, waar appellant in persoon en de Raad van Toezicht, vertegenwoordigd door mr. E.H.M. Harbers, advocaat te Arnhem, zijn verschenen.

2.    Overwegingen

2.1.    Ingevolge artikel 4, eerste lid, van de Advocatenwet wordt de verzoeker niet toegelaten tot de beëdiging, indien de Raad van Toezicht binnen zes weken na de indiening van het verzoek verklaart tegen de inschrijving verzet te doen.

   Ingevolge artikel 5, tweede lid, van de Advocatenwet kan de verzoeker gedurende zes weken na de bekendmaking beklag doen bij het Hof van Discipline, bedoeld in artikel 51.

   Ingevolge artikel 64 van de Advocatenwet zijn de bovenvermelde artikelen op de procureurs van overeenkomstige toepassing.

2.1.1.    Ingevolge artikel 1:1, tweede lid, aanhef en onder c, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) worden onafhankelijke, bij de wet ingestelde organen die met rechtspraak zijn belast, niet als bestuursorgaan aangemerkt.

   Ingevolge artikel 1:3, eerste lid, van de Awb wordt onder besluit verstaan een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling.

   Ingevolge artikel 1:5, eerste lid, van de Awb wordt onder het maken van bezwaar verstaan het gebruik maken van de ingevolge een wettelijk voorschrift bestaande bevoegdheid, voorziening tegen een besluit te vragen bij het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen.

   Ingevolge artikel 1:5, tweede lid, van de Awb wordt onder het instellen van administratief beroep verstaan het gebruik maken van de ingevolge een wettelijk voorschrift bestaande bevoegdheid, voorziening tegen een besluit te vragen bij een ander bestuursorgaan dan hetwelk het besluit heeft genomen.

   Ingevolge artikel 8:1, eerste lid, van de Awb kan een belanghebbende tegen een besluit beroep instellen bij de rechtbank.

2.2.    De Afdeling deelt niet het standpunt van appellant dat het Hof van Discipline een bestuursorgaan is. Ingevolge het bepaalde in de artikelen 51 tot en met 54 van de Advocatenwet is het Hof van Discipline een onafhankelijk bij wet ingesteld orgaan dat met rechtspraak is belast als bedoeld in artikel 1:1, tweede lid, onder c, van de Awb. Anders dan appellant meent, kan bij het Hof van Discipline dan ook geen bezwaar worden gemaakt, noch kan bij dat Hof administratief beroep worden ingesteld tegen beslissingen van de Raad van Toezicht. Evenmin staat tegen beslissingen van het Hof van Discipline beroep op grond van de Awb open. De in artikel 1:1, derde lid van de Awb geregelde uitzondering doet zich in dit geval niet voor. De rechtbank was derhalve niet bevoegd van het beroep kennis te nemen.

2.3.    Het vorenstaande leidt tot de conclusie dat het hoger beroep gegrond is. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd. Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, verklaart de Afdeling de rechtbank alsnog onbevoegd van het beroep kennis te nemen.

2.4.    Onder deze omstandigheden bestaat geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

2.5.    Een redelijke toepassing van artikel 43, eerste lid, van de Wet op de Raad van State brengt mee dat het griffierecht voor de behandeling van het hoger beroep - naar analogie van artikel 41, vijfde lid - door de Secretaris van de Raad van State aan appellant wordt terugbetaald.

3.    Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I.    verklaart het hoger beroep gegrond;

II.    vernietigt de uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 15 oktober 2004, AWB 04/296;

III.    verklaart de rechtbank alsnog onbevoegd;

IV.    verstaat dat de Secretaris aan appellant het door hem voor de behandeling van het hoger beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 205,00 terugbetaalt.

Aldus vastgesteld door mr. M. Vlasblom, Voorzitter, en mr. P.A. Offers en mr. C.J.M. Schuyt, Leden, in tegenwoordigheid van mr. Y.C. Visser, ambtenaar van Staat.

w.g. Vlasblom    w.g. Visser

Voorzitter    ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 1 juni 2005

148.