Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2005:AT6546

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
24-05-2005
Datum publicatie
01-06-2005
Zaaknummer
200503809/2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 15 juni 2004 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hellevoetsluis (hierna: het college) verzoekers op straffe van een dwangsom gelast de permanente bewoning van een recreatiewoning, gelegen aan de [locatie] te [plaats], binnen zes maanden te staken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200503809/2.

Datum uitspraak: 24 mei 2005

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:

[verzoekers],

tegen de uitspraak in zaak nos. VGEMWT 05 / 1056 en GEMWT 05 / 1057 van de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam van 14 april 2005 in het geding tussen:

verzoekers

en

het college van burgemeester en wethouders van Hellevoetsluis.

1.    Procesverloop

Bij besluit van 15 juni 2004 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hellevoetsluis (hierna: het college) verzoekers op straffe van een dwangsom gelast de permanente bewoning van een recreatiewoning, gelegen aan de [locatie] te [plaats], binnen zes maanden te staken.

Bij besluit van 18 februari 2005 heeft het het daartegen door verzoekers gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 14 april 2005, verzonden op 21 april 2005, heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam  (hierna: de voorzieningenrechter) het daartegen door verzoekers ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak hebben verzoekers bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 28 april 2005, hoger beroep ingesteld. De gronden van het beroep zijn aangevuld bij brief van 9 mei 2005.

Tevens hebben zij de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 19 mei 2005, waar verzoekers in persoon, bijgestaan door mr. J.S. Haakmeester, advocaat te Amsterdam, en het college, vertegenwoordigd door mr. J.S van Es-Bel en mr. R.M. van den Brand, beiden ambtenaar van de gemeente, zijn verschenen.

2.    Overwegingen

2.1.    Verzoekers hebben verklaard dat de recreatiewoning thans niet permanent wordt bewoond. Daarvan uitgaande, valt niet in te zien dat op dit moment of in de nabije toekomst dwangsommen worden verbeurd, zodat met het verzoek geen spoedeisend belang is gemoeid, dat het treffen van een voorlopige voorziening, als verzocht, rechtvaardigt. Daarbij merkt de Voorzitter nog op dat de vraag of de last is nagekomen, in geval daarover tussen partijen een geschil ontstaat, door de ter zake bevoegde rechter zal moeten worden beantwoord.

2.2.    Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3.    Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. E.D. Boer, ambtenaar van Staat.

w.g. Loeb    w.g. Boer

Voorzitter    ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 24 mei 2005

201.