Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2004:AO4739

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
24-02-2004
Datum publicatie
02-03-2004
Zaaknummer
200308685/2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 4 november 2003 heeft verweerder krachtens de Wet milieubeheer aan verzoekster een revisievergunning als geregeld in artikel 8.4, eerste lid, van deze wet verleend voor een inrichting bestemd tot het vervaardigen van zuivelproducten aan de NCB-laan 68 te Veghel. Dit besluit is op 17 november 2003 ter inzage gelegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200308685/2.

Datum uitspraak: 24 februari 2004.

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "DMV International B.V.", gevestigd te Veghel,

verzoekster,

en

het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 4 november 2003 heeft verweerder krachtens de Wet milieubeheer aan verzoekster een revisievergunning als geregeld in artikel 8.4, eerste lid, van deze wet verleend voor een inrichting bestemd tot het vervaardigen van zuivelproducten aan de NCB-laan 68 te Veghel. Dit besluit is op 17 november 2003 ter inzage gelegd.

Tegen dit besluit heeft verzoekster bij brief van 19 december 2003, bij de Raad van State ingekomen op 19 december 2003, beroep ingesteld.

Bij brief van 15 december 2003, bij de Raad van State ingekomen op 19 december 2003 heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 12 februari 2004, waar verzoekster, vertegenwoordigd door ing. M. van der Slik, ir. J.C. Nieuwland, B. van Winden en P.P. Huynen, gemachtigden, en verweerder, vertegenwoordigd door G.J.J.M. Boots en ing. H.M. van ’t Hof, ambtenaren van de provincie, zijn verschenen. Het college van burgemeester en wethouders van Veghel heeft zich doen vertegenwoordigen door L.J.G. Stortelder, ambtenaar van de gemeente.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Ter zitting heeft verzoekster het verzoek ingetrokken voorzover dit betrekking heeft op het aan de vergunning verbonden voorschrift 2.1.4. De Voorzitter stelt vast dat het verzoek derhalve slechts ziet op het aan de vergunning verbonden voorschrift 6.2.1.a.

2.3. Verzoekster heeft betoogd dat zij niet aan het aan de vergunning verbonden voorschrift 6.2.1.a kan voldoen aangezien het afvalwater dat zij loost een hogere temperatuur heeft dan de in voornoemd voorschrift voorgeschreven temperatuur van 30° Celsius. Om aan deze temperatuureis te kunnen voldoen zouden zeer kostbare maatregelen nodig zijn, aldus verzoekster.

2.4. Tijdens het verhandelde ter zitting is gebleken dat in maart 2004 met een onderzoek naar de toestand van de riolering wordt gestart. Naar aanleiding van de uitkomsten van dit onderzoek zal worden bekeken of een hogere temperatuur dan thans gesteld in het aan de vergunning verbonden voorschrift 6.2.1.a kan worden toegestaan, aldus verweerder. Hij heeft ter zitting toegezegd zolang niet handhavend te zullen optreden ten aanzien van voornoemd voorschrift. Gelet op het vorenstaande is met het verzoek geen spoedeisend belang gemoeid, dat het treffen van de verzochte voorziening rechtvaardigt.

2.5. Het verzoek dient als ongegrond te worden afgewezen.

2.6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. D. van Leeuwen, ambtenaar van Staat.

w.g. Hammerstein-Schoonderwoerd w.g. Van Leeuwen

Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 24 februari 2004.

373.