Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2003:AN9296

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
27-11-2003
Datum publicatie
02-12-2003
Zaaknummer
200306037/2
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 28 november 2002 heeft de gemeenteraad van Heumen het bestemmingsplan "Looistraat" vastgesteld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200306037/2.

Datum uitspraak: 27 november 2003

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op verzoeken om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

1. [verzoekers sub 1], wonend te [woonplaats],

2. [verzoekers sub 2], wonend te [woonplaats], respectievelijk [woonplaats],

en

het college van gedeputeerde staten van Gelderland,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 28 november 2002 heeft de gemeenteraad van Heumen het bestemmingsplan "Looistraat" vastgesteld.

Verweerder heeft bij zijn besluit van 22 juli 2003, nr. RE2002.118431, beslist over de goedkeuring van het bestemmingsplan.

Tegen dit besluit hebben [verzoekers sub 1] bij brief van 9 september 2003, bij de Raad van State ingekomen op 10 september 2003, en [verzoekers sub 2] bij brief van 12 september 2003, bij de Raad van State ingekomen op 15 september 2003, beroep ingesteld.

Bij brief van 15 september 2003, bij de Raad van State ingekomen op 16 september 2003, hebben [verzoekers sub 1] de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Bij dezelfde brief als waarmee beroep is ingesteld hebben [verzoekers sub 2] de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft de verzoeken ter zitting behandeld op 7 november 2003, waar [verzoekers sub 1] in persoon en bijgestaan door mr. M.J. Tunnissen, advocaat te Nijmegen, [een der verzoekers sub 2] in persoon en bijgestaan door mr. J.A.J.M. van Houtum, gemachtigde, en verweerder, vertegenwoordigd door mr. E.T. de Jong, advocaat te Arnhem, zijn verschenen.

Voorts zijn daar gehoord de gemeenteraad van Heumen, vertegenwoordigd door A.C. Kneppers, ambtenaar van de gemeente en [derde belanghebbende] en [partij] in persoon en bijgestaan door mr. C.M.A. Delissen-Buijnsters, advocaat te Arnhem.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Het plan voorziet in de bouw van vier woningen tussen de percelen [locatie sub 1] en [locatie sub 2] in [plaats]. Daarnaast beoogt het plan twee voormalige agrarische bedrijfswoningen aan de percelen Looistraat [locatie sub 3] en [locatie sub 1] te wijzigen in burgerwoningen.

Verweerder heeft het plan gedeeltelijk goedgekeurd.

2.3. [verzoekers sub 1] en [verzoekers sub 2] zijn van mening dat verweerder ten onrechte goedkeuring heeft verleend aan de plandelen die voorzien in een woonbestemming voor de percelen [locatie sub 3] en [locatie sub 1].

[verzoekers sub 1] voeren hiertoe aan dat aan deze percelen geen woonbestemming kan worden toegekend, nu de melding ingevolge het Besluit akkerbouwbedrijven milieubeheer niet is ingetrokken.

Voorts betwisten [verzoekers sub 1] en [verzoekers sub 2] dat op deze percelen de agrarische activiteiten zijn beƫindigd.

[verzoekers sub 1] betogen verder dat gezien de melding, het perceel [locatie sub 1] binnen de bestaande hindercirkel van het agrarische bedrijf van [verzoekers sub 2] komt te liggen.

2.4. Ter zitting hebben [verzoekers sub 1] ten aanzien van hun spoedeisende belang aangevoerd dat zij willen voorkomen dat de percelen [locatie sub 3] en [locatie sub 1] een woonbestemming krijgen waardoor het agrarische bedrijf van [verzoekers sub 2] milieuvergunningplichtig wordt.

[verzoekers sub 2] hebben ten aanzien van de spoedeisendheid betoogd dat zij ten behoeve van de voortzetting van hun bedrijf een bouwvergunning wensen voor de oprichting van een akkerbouwloods.

De Voorzitter ziet in hetgeen [verzoekers sub 1] hebben aangevoerd geen spoedeisend belang.

Ten aanzien van [verzoekers sub 2] overweegt de Voorzitter als volgt. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heumen heeft afwijzend beslist op de aanvraag voor een bouwvergunning van [verzoekers sub 2] voor de oprichting van een akkerbouwloods. Hierover loopt nu een beroepsprocedure bij de Arrondissementsrechtbank te Arnhem. Schorsing van het bestreden besluit heeft geen invloed op die procedure omdat de rechter in beroep moet oordelen op grond van het recht ten tijde van het nemen van de beslissing op bezwaar.

Ook [verzoekers sub 2] hebben derhalve geen spoedeisend belang bij de gevraagde schorsing.

2.5. De Voorzitter wijst de verzoeken mitsdien af.

2.6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst de verzoeken af.

Aldus vastgesteld door dr. D. Dolman, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. B. Klein Nulent, ambtenaar van Staat.

w.g. Dolman w.g. Klein Nulent

Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 27 november 2003

218-427.