Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2003:AI1237

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
20-08-2003
Datum publicatie
20-08-2003
Zaaknummer
200206739/1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij besluit van 30 mei 2000 heeft de burgemeester van Rotterdam (hierna: de burgemeester) de door appellant gevraagde vergunning ten behoeve van de exploitatie van coffeeshop “Maskot” in het pand aan het [locatie] te [plaats] geweigerd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200206739/1.

Datum uitspraak: 20 augustus 2003

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant], wonend te [woonplaats],

tegen de uitspraak van de rechtbank te Rotterdam van 6 november 2002 in het geding tussen:

appellant

en

de burgemeester van Rotterdam.

1. Procesverloop

Bij besluit van 30 mei 2000 heeft de burgemeester van Rotterdam (hierna: de burgemeester) de door appellant gevraagde vergunning ten behoeve van de exploitatie van coffeeshop “Maskot” in het pand aan het [locatie] te [plaats] geweigerd.

Bij besluit van 5 december 2000 heeft de burgemeester het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 6 november 2002, verzonden op 7 november 2002, heeft de rechtbank te Rotterdam (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellant bij brief van 19 december 2002, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde dag, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 17 januari 2003. Deze brieven zijn aangehecht.

Bij brief van 18 maart 2003 heeft de burgemeester van antwoord gediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 26 juni 2003, waar de burgemeester, vertegenwoordigd door W. van Bladel en mr. J.W.M. Velthuizen, beiden ambtenaar der gemeente, is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. De rechtbank is op een juiste wijze op de grieven van appellant ingegaan en is op grond hiervan tot een juiste beslissing gekomen. Appellant heeft in hoger beroep geen argumenten aangevoerd die een ander licht op de zaak werpen.

2.2. Het hoger beroep is derhalve ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. T.M.A. Claessens, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. M.Z.C. Koutstaal, ambtenaar van Staat.

w.g. Claessens w.g. Koutstaal

Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 20 augustus 2003

383.