Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2003:AF5169

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
05-03-2003
Datum publicatie
05-03-2003
Zaaknummer
200204383/1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

200204383/1.

Datum uitspraak: 5 maart 2003

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant], gevestigd te [plaats],

en

het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 11 juli 2002, kenmerk 2002-23459, heeft verweerder krachtens de Wet milieubeheer aan[vergunninghouder] voor een periode van tien jaar een vergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor het op- en overslaan alsmede bewerken van metaalafval (ferro en non-ferro) om dit voor hergebruik geschikt te maken, op het adres [locatie]. Dit besluit is op 26 juli 2002 ter inzage gelegd.

Tegen dit besluit heeft appellante bij brief van 7 augustus 2002, bij de Raad van State ingekomen op 12 augustus 2002, beroep ingesteld.

Bij brief van 14 oktober 2002 heeft verweerder een verweerschrift ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 28 februari 2003, waar verweerder, vertegenwoordigd door mr. P.C. Speelman, ambtenaar van de provincie, is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Appellante voert aan dat het vergunninghoudster ten onrechte is toegestaan om accu’s vanaf ontdoeners naar inzamelaars en verwerkers te vervoeren.

De Afdeling overweegt als volgt. Het opslaan van accu’s is aangevraagd noch vergund. Blijkens de stukken en het verhandelde ter zitting vindt het vervoer van accu’s uitsluitend plaats buiten de inrichting. Verweerder heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat de krachtens de Wet milieubeheer verleende vergunning geen betrekking heeft op deze activiteit.

Voorzover appellante vreest dat desondanks accu’s binnen de inrichting zullen worden opgeslagen, overweegt de Afdeling dat deze grond zich niet richt tegen de ter beoordeling staande vergunning en niet kan leiden tot vernietiging van het bestreden besluit.

2.2. Gelet op het bovenstaande dient het beroep ongegrond te worden verklaard.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. W. Konijnenbelt, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. D.A.J. Overdijk, ambtenaar van Staat.

w.g. Konijnenbelt w.g. Overdijk

Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 5 maart 2003

320-361.